1. Wat is uw terugkerende nachtmerrie?

‘Een vliegtuigcrash. We maken een noodlanding in een Zwitsers dorpje. Smalle straten, stukken vleugel breken af, alles vonkt, de hemel kleurt rood. Nee, dat is niet symbolisch voor mijn tv-carrière, die tien jaar geleden in het slop raakte. Ik droomde dat als kind al. Het zegt verder niks over mezelf, volgens mij zijn dromen gewoon geestelijk afval dat zo nu en dan je lichaam moet verlaten, net zoals je naar het toilet gaat.’

Deze oefeningen zorgen voor een ontspannen mindfulness-wandeling

Wandelen en mindfulness is een perfecte combinatie. Trek je lekkerste schoenen aan en maak deze mind...

Lees verder

2. Tegen wie kijkt u op?

‘Mijn hoogleraar op Oxford, Mark Williams. Hij is een van de bedenkers van mbct, mindfulness-based cognitive therapy. Mede dankzij hem kunnen mensen hun gevoelens en gedachten beter leren reguleren – niet alleen mensen met depressie zoals ik; iedereen heeft er wat aan, want we leven nu in een wereld die veel te snel gaat voor onze hersenen.

Al sinds mijn jeugd heb ik periodes van zware depressie: dagenlang niet mijn bed uit kunnen komen van ellende; ik voel me dan alsof ik ben veranderd in een blok beton. Ik heb al allerlei therapieën gehad, praten en pillen, en ben meermaals opgenomen geweest. Omdat ik nou eens precies wilde weten wat je hersenen doen bij depressie en mindfulness heb ik de afgelopen twee jaar aan Oxford een master gedaan in de neurowetenschap achter mindfulness. Sommige dagen is het nog steeds een puinhoop in mijn hoofd, maar het helpt enorm dat ik nu weet dat ik er dankzij mindfulness met een ander deel van mijn hersenen naar kijk – en daardoor wordt het vanzelf al minder erg.

Ik kan nu ook beter de waarschuwingssignalen herkennen wanneer er een depressie dreigt. Zodra ik hyperactief naar de meest onbenullige dingen in huis ga zoeken, of tot diep in de nacht verhit internetwinkels afstruin naar de perfecte maritieme kussens – waarvan ik er al duizend heb in mijn tweede huis in Kaapstad – weet ik wat me te doen staat: alle prikkels vermijden, in een rustig, donker hoekje gaan zitten en “ankeren”: me concentreren op één zintuig, bijvoorbeeld luisteren naar het geluid van mijn ademhaling. Dat helpt ook om afstand te nemen van de stemmetjes die ik al mijn hele leven in mijn hoofd hoor: “Niemand houdt van jou, je bent waardeloos en je kunt niks.”’

3. Wat is uw jeugdzonde?

‘Die heb ik niet – of het moet zijn dat ik altijd gemeen ben geweest tegen mijn ouders. Maar ze verdienden het ook. Thuis kreeg ik te horen dat ik een nietsnut was. Mijn vader was een dictator, hij sloeg en schreeuwde, en mijn moeder was eigenlijk alleen maar bezig met schoonmaken; onze meubels zaten allemaal ingepakt in plastic. Als een havik hield ze de vloer in de gaten, klaar om met een spons aan te vallen op elke voetstap die ik waagde te zetten. Vaak ook sloten ze me op in mijn kamer, zonder eten. Daardoor heb ik als volwassene jarenlang nooit rustig thuis kunnen zitten, ik móést de hort op. Ik wil nu ook wel weg bij dit interview! Ja, onrust is the story of my life.

Maar goed, was ik een slecht kind? Ik ben een paar keer van huis weggelopen, ik schreeuwde vaak tegen m’n ouders, ik heb ze te kijk gezet in mijn comedyshows. Is dat een zonde, dat ik grappen over ze heb gemaakt en daarmee over hun rug carrière heb gemaakt? Want op hun eigen zieke manier bedoelden ze het wél goed, denk ik nu. Ze gaven me alles wat ze me in hun ogen konden geven. Ze organiseerden leuke verjaardagsfeestjes, kochten veel dure kleren voor me en later een mooie auto, en namen me mee naar Jamaica en andere mooie vakanties. Maar ja, als ik mezelf op kinderfoto’s bekijk, zie ik een meisje met dode ogen. Ze kleedden me aan als een mooi popje en hielden alleen van dat popje; degene die ik echt was, hebben ze nooit leren kennen.’

4. Wat was de gelukkigste dag van uw leven?

‘Mijn buluitreiking op Oxford, vorige maand. Mijn hart ging open, één volle minuut kon ik alleen maar denken: Ik Ben Geaccepteerd In Deze Wereld, Ik Ben Nu Officieel Een Slim Mens. Een hogere eer bestaat er niet: geprezen worden omdat je slim bent, en niet omdat je een tv-show hebt. Mijn bul kan ik tenminste vasthouden; wat stelden die kijkers naar mijn programma’s nou helemaal voor? Ze waren met miljoenen, maar ík heb ze nooit gezien.

Als kind was ik slecht op school, ik dacht altijd dat ik daarmee de droom van mijn ouders had waargemaakt: dat het nooit wat met mij zou worden. Maar nu heb ik dus bewezen dat ik wél iets kan – hoewel ik zeker weet dat mijn ouders gezegd zouden hebben: “O, dat diploma, daar klopt niks van, ze heeft de boel vast belazerd.”

De dag na de buluitreiking kwam de terugslag: voor het eerst in jaren was ik weer ernstig depressief. Ik denk dat ik te veel adrenaline in één keer had gekregen, waardoor de stofjes in mijn hersenen uit balans raakten. Eigenlijk was het de bedoeling dat ik, nu ik mindfulness doe, de antidepressiva zou afbouwen, maar tegen dit soort zware aanvallen helpt mindfulness niet; mijn psychiater heeft meteen mijn dosis verhoogd. Zo zie je maar wat voor sluipmoordenaar depressie is: hij kan op het mooiste moment van je leven toeslaan.’

5. Welk cijfer geeft u aan uw uiterlijk?

‘Een 4, en dan ben ik nog mild, want zonder make-up ben ik een 2. Ik heb altijd van mezelf gedacht dat ik lelijk ben, maar als ik nu naar foto’s van mezelf kijk toen ik 20, 30 was, denk ik: wat zag ik er toen eigenlijk goed uit en wat jammer dat ik het niet heb uitgebuit. Er kwamen toen geen mannen op me af, maar nu snap ik dat dat niet met mijn uiterlijk te maken had, maar met mijn onzekerheid: ze konden mijn angst ruiken en bleven op afstand. Best triest dat ik dat pas doorheb nu ik oud ben, want nu is het te laat en kijken mannen sowieso niet meer naar me.’

6. Wie zou u eigenlijk niet willen zijn?

‘De Ruby die ik vroeger op tv was. Achteraf denk ik dat ik een soort stripfiguur van mezelf maakte om te ontsnappen aan hoe ziek ik in mijn hoofd was. Gek doen en beroemd zijn, daar was ik goed in, maar van binnen voelde ik niet zo veel. Ik was luidruchtig, brutaal, grappig, liet nooit iets van mezelf zien – wie ik zelf was, bleef ergens diep weggestopt. Met heel hard werken kun je lang voor je depressie uit blijven rennen, maar op een gegeven moment haalt ze je in. Het goede daarvan is dat ik nu een leuker mens ben voor mijn omgeving. Vroeger kwam ik een kamer binnen en eiste ik meteen alle aandacht op; nu merk ik aan mensen wanneer ik mijn mond moet houden en luisteren.

Maar de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik ook weer niet overloop van empathie. Dat komt denk ik door de antidepressiva, daardoor heb ik niet al te veel emoties. Door die pillen kan ik bijvoorbeeld niet huilen. En dat narcistische, dat is nu wel minder – ik hoef ook niet meer per se op tv – maar ik zal het nooit helemaal kwijtraken. Anders zou ik nu niet in het theater staan met een show over depressie, en niet verdrietig worden zodra ik merk dat mensen me niet herkennen.’

7. Wat is uw grootste pijn?

‘Falen, dat snijdt het diepst. De recensies van mijn nieuwe boek kan ik niet lezen. Stel dat het zou floppen, dan ben ik helemaal nergens meer. Zoals tien jaar geleden met mijn autobiografie: die werd niet goed verkocht, verschrikkelijk. Tegelijkertijd kwam er een autobiografie uit van een andere beroemdheid, met van die grote borsten. Haar boek liep als een trein, terwijl het mijne niet eens in de boekhandel te vinden was. Gelukkig loopt mijn nieuwe boek tot nu toe goed, maar ik houd mijn hart vast voor de dag dat het bergafwaarts gaat met de verkoop. Het staat sinds vorige week niet meer in de bestsellerlijst van The Sunday Times… o jee, denk ik dan meteen. Ik kan tien goede recensies krijgen, maar ik blijf bang voor de elfde die slecht is. En die geloof ik dan ook.’

8. Wie heeft u vergeven?

‘Mijn ouders, tien jaar geleden. Op aanraden van mijn toenmalige therapeut vloog ik naar Amerika om hun graf te bezoeken. In de bloemenwinkel naast de begraafplaats kon ik kiezen tussen twee bossen bloemen: van 9,99 dollar en van 12,99. Ik twijfelde even, maar koos toch maar die van 12,99. Ik legde ze op hun graf en zei hardop dat ik van ze hield. Die middag wilde ik terugvliegen naar Londen, maar bleek mijn paspoort kwijt te zijn. Normaal mag je nooit zonder vliegen, maar bij de douane herkende een aardige homoman me van tv, hij smeekte zijn collega’s dat ze me door moesten laten. Vervolgens kreeg ik een upgrade naar first class en zat ik ineens aan de champagne. Toen wist ik het echt zeker: van hogerhand weten ze nu ook dat ik m’n ouders heb vergeven.

Als kind hou je toch van je ouders, ondanks alles, dat is iets dierlijks. En zij hielden ook echt van mij, besef ik nu. Veel later heb ik gehoord dat ze kennissen heel trots tijdschriften lieten zien waar ik in stond. Ik denk nu: wat een levensverspilling eigenlijk, dat het tussen ons zo verkeerd ging. Stel dat ze antidepressiva hadden gekregen – dan hadden we misschien een veel beter leven met elkaar kunnen hebben.

Het uiteindelijke vergeven bleek trouwens niet heel ingewikkeld te zijn: ik hoefde me alleen maar voor te stellen hoe mijn ouders als kind waren. Net als iedereen zijn zij ook ooit onschuldig geweest. Er moet iets in hun leven zijn gebeurd waardoor ze zo angstig werden. Ik zou willen dat ik kon zeggen dat het de oorlog was; ze waren Oostenrijkse joden, eind jaren dertig naar Amerika gevlucht. In die tijd is vast veel naars gebeurd in hun familie, maar mijn ouders hebben er nooit over gesproken. Nou ja, hoe het ook zij, hun gestoordheid had zeker ook een genetische component – er zit behoorlijk veel gekte in mijn familie.

Het goede nieuws is in elk geval dat ik die keten heb doorbroken. Heel bewust ben ik getrouwd met een man die volstrekt normale, liefhebbende ouders had. Ik was niet verliefd op hem, maar ik wist: hij kan kinderen de liefde geven die ze nodig hebben. Vooral dankzij hem zijn onze drie kinderen leuke, ontspannen, geestelijk stabiele volwassenen geworden.’

Ruby Wax (62) groeide als Ruby Wachs op in Illinois, als enig kind van een uit Oostenrijk gevlucht joods paar. Haar vader werd rijk als vleesfabrikant, haar moeder had een accountantsdiploma. Na een afgebroken studie psychologie aan Berkeley brak Wax eind jaren tachtig in Groot-Brittannië door als tv-komiek. Ze maakte brutale, hilarische tv-interviews met beroemdheden. Later volgde ze een vierjarige opleiding tot psychotherapeut om te leren over haar eigen depressie. Vorige maand behaalde ze bovendien in Oxford een bul in mindfulness based cognitive therapy. Ze toert rond met een theaterprogramma over depressie en richtte een depressie-lotgenotenwebsite op: blackdogtribe.com. Net verschenen is haar boek Tem je geest, over mindfulness bij depressie (Het Spectrum, € 19,99).