Psychotherapeut Jeffrey Wijnberg: ‘In het leven zullen altijd dingen blijven wringen’

Jeffrey Wijnberg was intens verlegen, maar hij leerde zichzelf contact te leggen en werd een succesvol en bekend psychotherapeut. Een restje verlatingsangst is er nog wel: ‘Ik ben al bang dat de haringboer er ineens niet meer is.’ Zeven vrijmoedige vragen.

Wat had u uw ouders nog willen zeggen?

‘Bij ons thuis kon je alles zeggen, ik heb niet het idee dat ik nog iets tegen ze zou willen zeggen. Wat ik de laatste veertien jaar van haar leven alleen wel verdrietig vond aan het contact met mijn moeder, is dat ik vanwege haar dementie niet echt meer met haar kon praten. Zelf zat ze daar niet mee: ze zag er kalm en tevreden uit, en zei dat het goed met haar ging. Achteraf denk ik: haar dementieperiode is misschien wel de mooiste tijd van haar leven geweest. Mensen zijn geschokt als je zoiets zegt, maar ik had echt het gevoel dat ze het heerlijk vond dat ze aan het eind van de rit was ontheven van haar angsten en zorgen. Eindelijk kon ze de ontspanning ervaren die ze daarvoor nooit heeft kunnen vinden.

TEST
Doe de test »

Is het tijd voor een nieuwe baan?

Mijn moeder was zo iemand die het altijd zwaar had in het leven. Wanneer je zoveel mensen hebt behandeld als ik inmiddels, weet je dat er een schaal is in hoe mensen het leven ervaren. Sommige mensen hebben het gevoel alsof ze in een grote speeltuin zitten, ze verheugen zich op van alles: vandaag

schommelen, morgen in het klimrek! En mocht het desondanks tegenzitten, dan geven ze er wel weer een draai aan. Terwijl andere mensen, zoals mijn moeder, helemaal aan het andere uiteinde van de schaal zitten: die hebben het al moeilijk als de tuinslang in de knoop zit. Het heeft allemaal met angst te maken: hoe meer angsten en angstjes je hebt, hoe zwaarder je leven is. Zelf zat ik vroeger ook erg aan de angstkant. Ik weet nog dat ik als jongen van 16 verliefd was op een meisje uit mijn klas en haar mee uit wilde vragen, maar ik was zo bang dat ik het zou verknallen, dat ik twee weken slapeloze nachten had. Toen we uiteindelijk een dagje gingen fietsen, ging het hele uitje in een waas aan me voorbij.’

Wat is uw grootste angst?

‘Verlaten en verlaten worden. Daar ben ik altijd het meest bang voor geweest in mijn leven: bang dat mensen er plotseling niet meer zijn in mijn leven. Ik heb het al bij haringboer Gerard. De gedachte dat ik bij een ander haring zou kopen, voelt al als een onoverkomelijke leegte.

Het heeft denk ik te maken met mijn ouders. Als kind kon ik nooit op ze leunen, althans emotioneel niet. Mijn moeder was nooit echt volwassen geworden en had het al moeilijk genoeg haar huishouden met vier kinderen draaiende te houden; mijn vader was erg dominant en vooral in zichzelf geïnteresseerd – ik denk doordat hij als joodse man beschadigd uit de oorlog kwam. Veel van zijn familieleden zijn vermoord in Auschwitz.

Lang ben ik erg verlegen geweest en heb ik rondgelopen met het eenzame gevoel dat ik me aan niemand kon hechten. Twee keer in mijn leven heb ik daardoor een zware depressie gekregen. De eerste keer, op mijn 17de, ging het na een tijdje spontaan over, maar op mijn 41ste kwam het keihard terug: ik moest stoppen met werken en ben een halfjaar opgenomen geweest op een psychiatrische afdeling.

Daar kwam de omslag. Ik ontmoette toen iemand die er volledig voor me was: de psychiater die me behandelde. “Je bent pas van me af als je genezen bent,” zei hij tegen me, woorden die diepe indruk op me maakten. Hij gaf me het gevoel dat ik elk moment bij hem op schoot kon gaan zitten. Ik voelde me honderd procent veilig bij hem.
Maar echt helemaal verdwenen is mijn verlatingsangst niet. Ik weet hem nu wel beter te hanteren, zorg nu beter voor mezelf. Ik ga bijvoorbeeld extra netjes om met de mensen die belangrijk voor me zijn. Bij hen zorg ik dat ik altijd op tijd kom. Als mijn vrouw en kinderen me bellen, neem ik altijd op. Hoe druk ik het ook heb, ik neem ruim de tijd voor ze. Ook voor Vivian, mijn schoonmaakster. Die komt altijd op maandag, en dan zet ik koffie, ga ik even bij haar zitten en vraag ik hoe het met haar gaat.’

Wanneer heeft u voor het laatst gehuild?

‘Ik huil vaak, maar dan vooral van binnen. Vooral als ik zie hoe sommige van mijn cliënten zich wanhopig uit hun depressie proberen te schreeuwen. Ze verzetten zich uit alle macht tegen hun ellendige, sombere gevoel, maar hoe harder ze ertegen vechten, hoe slechter het met ze gaat. Wat ze nog moeten leren, is dat er pas een weg uit je depressie mogelijk is wanneer je hem eerst volledig hebt geaccepteerd. Zo ging dat bij mij ook. “Je bent heel erg ziek en dat mag,” zei mijn psychiater tegen me toen hij me opnam. Op dat moment viel er een last van mijn schouders. Aanvaarden dat ik ziek was en dat ik ook gewoon ziek mócht zijn, gaf ruimte. Het markeerde het begin van de weg terug omhoog.’

Wat was uw gelukkigste periode?

‘Die is nu, maar een heel mooie tijd was ook mijn eerste echte liefdesrelatie inclusief seks. Ik was 23 en liep op wolken, fietste zwierend door de stad en sprak iedereen aan: “Ik ben verliefd! Ik ben zó gelukkig!” Moest je mij zien: altijd bang geweest voor contact, en nu zat ik ineens helemaal aan de andere kant, heel dicht bij een ander mens.

Met dank aan mijn psychologiestudie: daar had ik oefeningen ontdekt die me minder verlegen hadden gemaakt. Een jaar lang had ik mezelf gedwongen op straat gesprekjes aan te knopen met mensen en daar een dagboekje van bijgehouden, waardoor ik beter was geworden in contact leggen.

Maar met dit meisje werd me ook geluk in de schoot geworpen: ze zat als tweede fluitist naast me in het orkest waar ik dwarsfluit speelde, en op werkelijk alles wat ik zei lachte ze heel lief, wat het minder eng maakte haar aan te spreken. Het bleek dat ze een onbeschrijflijke bewondering voor mij had. Dat was helaas ook de makke: op het moment dat ik zeker wist dat ze mij nooit in de steek zou laten, kreeg ik het benauwd en liet ik háár in de steek.’

Wat was uw grootste pijn?

‘Die had ik op de dag dat ik zonder op te letten keihard de autodeur dichtsloeg: het handje van mijn zoontje Robbie, toen net 3, zat ertussen. Daarna volgden de tien minuten waarin ik – op sokken, want ik had mijn schoenen net daarvoor toevallig uitgedaan – het allerhardst van mijn leven heb gerend, naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis, met dat steeds hysterischer huilende jongetje stevig in mijn armen geklemd. Totaal verwilderd kwamen we daar aan. “Ziet er nog gaaf uit, dat handje, meneer,” zei de arts. “Ik denk dat hij meer is geschrokken van u dan dat hij pijn heeft van de klap.” Waarmee maar weer is aangetoond dat we onszelf de allergrootste pijn aandoen.’

Wat is uw terugkerende nachtmerrie?

‘Ik daal de trappen af in het Concertgebouw. De zaal is uitverkocht, op het programma staat het eerste pianoconcert van Tsjaikovski, overal in de stad hangen aanplakbiljetten: “Vanavond het optreden van solist Jeffrey Wijnberg.” Ik ga zitten achter de vleugel, het orkest begint te spelen, en op het moment dat ik moet inzetten realiseer ik me: maar ik kan dit helemaal niet!

Ja, als er nu een fee binnenkwam met een toverstafje, zou ik vragen of ze me ter plekke wilde veranderen in een musicus die het wel goed kan. Voordat ik in de psychologie terechtkwam, heb ik het conservatorium geprobeerd, maar het leven van musicus was me te zwaar: je moet elke dag van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat oefenen, en die muziekstukken zijn ook nog eens moeilijk te doorgronden, het is hogere wiskunde.

Gelukkig is het later als psycholoog toch nog goed gekomen met mij, maar als ik thuis langs mijn dwarsfluit loop waar ik nu tien jaar niet op heb gespeeld, doet dat echt pijn. Ik blijf muziek het allerhoogste vinden. Als er iets goddelijks bestaat, is het wel muziek: van een ongrijpbare schoonheid. Ik kan er geen genoeg van krijgen, luister honderdvijftig keer naar verschillende uitvoeringen van de Matthäus Passion, en elke keer vind ik het alleen maar mooier worden. Waarom ik dan niet af en toe zelf speel? Omdat ik vind dat je muziek er niet zomaar even bij kunt doen. Als je het doet, moet je het ook echt goed doen, en daar heb ik geen tijd voor.

Ach, in het leven zullen altijd dingen blijven wringen. Dat is een inzicht dat ik mijn cliënten ook altijd probeer te laten ontdekken. De een lijdt onder zijn succes omdat het allerlei verplichtingen schept, de ander voelt zich te middelmatig omdat hij geen succes heeft. Onderkennen dat in het leven altijd iets zal blijven hangen dat niet klopt, vermindert de lijdensdruk.’

Hoe vindt u het om ouder te worden?

‘Vreselijk, alles gaat kraken en piepen. Maar het allerergste vind ik dat je minder nodig bent naarmate je ouder wordt. Vroeger riepen mijn zoons vijftig keer per dag “Pappa, pappa!” Zalig vond ik dat. Toen ze puber werden, zei mijn vrouw: “Nu kunnen ze hun broodtrommel wel zelf klaarmaken,” maar ik bleef het met plezier doen tot ze de deur uitgingen. Als het regende, haalde ik ze met de auto van school. “Jij verwent ze te veel,” reageerden andere ouders dan, maar ik zei: “Nee, ik verwen juist mezelf, want ik kan een kwartier extra naast mijn kinderen zitten.”

De ouderdom is een gemene streek van het leven: eerst doe je leuk mee, en ineens moet je met pensioen en word je uit het spel gestoten. Over twee jaar word ik 65, maar ik ga door met werken tot ik erbij neerval. Ik wil mee blijven doen, mijn bijdrage leveren, dat geeft pas echt bestaansrecht. Ik heb altijd een diep geluksgevoel als de telefoon gaat.
Weet je aan wie ik een hekel heb? Aan die stomme boom hier achter mijn huis. Die blijft veel langer staan dan ik, en het enige wat hij hoeft te doen is daar staan. De dood is wreed, vind ik. Maar als je daar ook nog moeite mee zou moeten hebben, is het einde zoek. Het is goed dat ik straks ruimte maak voor anderen.’

Psychotherapeut Jeffrey Wijnberg (63) is een van de twee grondleggers in Nederland van provocatieve therapie, een behandelvorm waarbij de therapeut de cliënten plaagt en uitdaagt met humor en radicale opmerkingen om hen uit vastgeroeste denkpatronen los te weken. Na zijn studie psychologie aan de universiteit Groningen begon Wijnberg eind jaren zeventig als een van de eerste Nederlandse psychologen een eigen therapiepraktijk. Hij is ook columnist voor De Telegraaf en heeft bijna veertig boeken over provocatieve therapie op zijn naam. Binnenkort verschijnt Beter van niet (meer provocatieve psychologie), Scriptum, €10,-.

Wijnberg en zijn vrouw Tatiana, psycholoog en kunstenares, hebben twee zoons: architect Martin (44) en journalist Rob (32), die vorig jaar de onlinekrant De Correspondent oprichtte.[/wpgpremiumcontent]

auteur

Edwin Oden

Ik schrijf heel graag. Het liefst mooie interviews waarin je de geïnterviewde ten diepste leert kennen. Daarnaast ben ik erg geïnteresseerd in de ontdekkingen die worden gedaan in de psychologie. Neem bijvoorbeeld het breinonderzoek, waar revolutionaire technieken de laatste jaren geweldige inzichten hebben opgeleverd.

» profiel van Edwin Oden

Dit vind je misschien ook interessant

Kort

Met deze app word je gegarandeerd gelukkig

Hoeveel heb je vandaag bewogen? Hoeveel sociale contacten heb je gehad, en hoe voelde je je daarbij?...
Lees verder
Kort

Met deze app word je gegarandeerd gelukkig

Hoeveel heb je vandaag bewogen? Hoeveel sociale contacten heb je gehad, en hoe voelde je je daarbij?...
Lees verder
Branded content

Houd je brein gezond: start met studeren

Waar moet je rekening mee houden als je een opleiding gaat volgen? Drie vragen en antwoorden voor de...
Lees verder
Branded content

Houd je brein gezond: start met studeren

Waar moet je rekening mee houden als je een opleiding gaat volgen? Drie vragen en antwoorden voor de...
Lees verder
Artikel

Waarom zelfontplooiing zo populair is

Blijven leren, dingen uitproberen en jezelf verbeteren leiden aantoonbaar tot een tevredener leven. ...
Lees verder
Artikel

Waarom zelfontplooiing zo populair is

Blijven leren, dingen uitproberen en jezelf verbeteren leiden aantoonbaar tot een tevredener leven. ...
Lees verder
Interview

Will Ferguson: ‘Geniet van je zwakten’

Niet iedereen ziet geluk als iets maakbaars. De Canadese auteur Will Ferguson, die de satirische rom...
Lees verder
Advies

Welke behandeling helpt bij de gevolgen van seksueel misbrui...

Jeffrey Wijnberg was intens verlegen, maar hij leerde zichzelf contact te leggen en werd een succesv...
Lees verder
Artikel

Geluk, wat is dat eigenlijk?

Geluk heeft voor eenieder een andere betekenis. Hoofdredacteur Sterre van Leer vertelt over een orig...
Lees verder
Artikel

Tips bij tandartsangst

Een kwart van de Nederlanders is bang voor de tandarts en bijna 4 procent heeft een tandartsfobie. D...
Lees verder
Artikel

De evolutie van de hysterische verlamming

Verstijven van angst, lijkt het onhandigste wat je kunt doen als je wordt aangevallen: het geeft de ...
Lees verder
Artikel

Bent u wel wijs?

Jeffrey Wijnberg was intens verlegen, maar hij leerde zichzelf contact te leggen en werd een succesv...
Lees verder
1105