Tja, waarom kijken we – vrouwen én mannen – zo kritisch naar onszelf en veel minder kritisch naar hoe anderen eruitzien? Dat gemopper op onze eigen neuzen en pukkeltjes is niet alleen aanstellerij. Het heeft ook te maken met een vorm van gezichtsbedrog.

Training

Goed zoals je bent

  • Leer jezelf accepteren
  • Omarm je imperfecties
  • Met boek van Brené Brown
bekijk de training
Nu maar
€ 95,-

Onze hersenen verwerken informatie over ons eigen gezicht namelijk anders dan die over het gezicht van de ander. Gezichten van anderen herkennen doen we vooral in de rechter hersenhelft; daar zit de vaardigheid om op het grote geheel te letten. De linker hersenhelft biedt dan alleen wat assistentie door de details in een gezicht te bestuderen. Maar bij het inspecteren van ons eigen gezicht doen we een zwaarder beroep op de linker hersenhelft. Waarom precies, daarover is het nog speculeren. Waarschijnlijk heeft het ermee te maken dat ons spiegelbeeld iets bijzonders is voor de hersenen. Kinderen moeten leren het te herkennen, en bewust leren gebeurt vooral in de linker hersenhelft. ‘Die daar, dat ben jij. Kijk: als je lacht, lacht je spiegelbeeld ook.’

Door al dat kijken raken we ook gepreoccupeerd door de details: zit je haar wel goed, zit er geen tandpasta op je lip? We bekijken onszelf meestal met de neus vlak voor de

spiegel, en ook dat is echt iets voor de linker hersenhelft. Die verwerkt informatie anders dan de rechter: nauwkeuriger, met meer oog voor details, en minder oog voor de grote lijn.

Die linkszijdige focus op het eigen gezicht verklaart dus waarom onze aandacht zo sterk getrokken wordt door onze sproeten, pukkels, flaporen, wipneuzen en wallen. Om jezelf te zien zoals anderen je zien, zou je beter wat meer afstand kunnen nemen. Zo krijgt je linker hersenhelft minder kans om zich op de details te concentreren en zie je gemakkelijker het grote geheel, met je rechter hersenhelft.

Mark Mieras is wetenschapsjournalist en schrijver van de breinboeken Liefde en Ben ik dat?