Ga naar buiten. Simpelweg in de natuur zijn maakt al dat we ons vitaler voelen, stelde een internationaal team van wetenschappers onlangs weer eens vast. En dat komt níét alleen door de lichaamsbeweging of de sociale contacten die ermee gepaard gaan. Vijf minuten alleen op een bankje in het park zitten heeft ook al opwekkend effect.

TEST
Doe de test »

Beweeg je wel genoeg?

Pak zoveel mogelijk licht – ook binnen. Doe de gordijnen ’s ochtends open, zet extra lampen neer en voer het wattage op. Want, zo stellen de psychologen Laura Smith en Charles Elliott in het boek Seasonal affective disorder for dummies, veel licht, ook al is het kunstlicht, helpt tegen de winterdip.

Fleur jezelf op met kleur. ’s Winters oogt de buitenwereld een stuk grauwer. Geef je eigen humeur en dat van de mensen om je heen een oppepper door wat kleurigs uit de kast te trekken. Of haal wat extra kleur in huis met behulp van een bont boeket. Tip van de Amerikaanse omgevingspsychologe Sally Augustin: een witte muur in een vrolijke tint verven wil ook nog weleens helpen.

Zoek – mannelijk – gezelschap. Kluizenaarsgedrag helpt je de gure dagen niet door. Integendeel: gebrek aan werkelijk contact maakt iedereen somber. Een Canadees onderzoeksduo stelde zelfs vast dat proefpersonen die zich buitengesloten voelden, het letterlijk kouder hadden dan degenen die ‘erbij’ hoorden. Ook hadden ze meer behoefte aan warm eten of drinken. Klop dus bij anderen aan, liefst bij mannen: die vallen veel minder vaak ten prooi aan de winterdip.

Kijk naar de positieve kant. Wie als een berg opkijkt tegen de winter ziet alleen de nadelen. Eindeloos blijven hangen in die negatieve maalstroom is een belangrijke oorzaak van de seizoensdip. Richt je dus op de positieve dingen die de winter – heus! – ook heeft. Zoals schaatsen (kijken), een fijne strand- of boswandeling gevolgd door warme chocolademelk, en diners bij kaarslicht.