Het EQ van erwin olaf

Boven de deur hangt een levensgrote Julius Caesar, die je met een mes in zijn rug verongelijkt aankijkt. Op de grond staan foto’s van mannen met brede torso’s en vrouwen met ontblote borsten. Her en der liggen stapels video’s. Fotograaf Erwin Olaf (44) is in zijn ruime studio in de Amsterdamse rivierenbuurt oude interviews en filmpjes aan het uitzoeken voor zijn komende grote overzichtstentoonstelling in het Groninger Museum.

Hij is lang, gebruind, gespierd, met felblauwe ogen en hippe kleren. Ondanks zijn enigszins intimiderende uiterlijk is hij goedlachs en bescheiden. Hij relativeert zichzelf, moet regelmatig keihard lachen en kletst gemakkelijk weg. Hij noemt zichzelf een schreeuwlelijk: ‘Als ik ’s ochtends binnenkom, trek ik meteen m’n waffel open, ook al is iedereen in gesprek. Pas na dertig seconden denk ik: “Oh shit!” Volgens mijn moeder deed ik dat vroeger al als ik van school kwam: dan begon ik aan het begin van het tuinpad al te kwaken.’

Erwin Olaf heeft zin in zijn tentoonstelling. Een overzicht van 25 jaar werk. ‘Het moet een rollercoaster door mijn gedachten worden.’ Hij hoopt dat je in de tentoonstelling een soort volwassenwording kunt herkennen. Die volwassenwording ziet hij zelf ontstaan rond

Log in om verder te lezen.