3 vragen aan assertiviteitstrainer Kirstin op het Veld

Wat is assertiviteit precies?

‘Dat is opkomen voor jezelf, waarbij ieders grenzen worden gerespecteerd. Er is onderscheid te maken tussen sub-assertief, assertief en agressief gedrag. Bij sub-assertief gedrag vermijd je vervelende situaties en houd je veel gedachten binnen. Bijvoorbeeld dat jij andermans klussen voor je rekening neemt. Of dat je merkt dat tijdens werkoverleg de expressieve collega’s het woord voeren.

Voor je het weet is er een beslissing genomen, terwijl jouw mening niet is gehoord. Daar kun je achteraf van balen. Bij assertief gedrag benoem je wat je raakt en kom je met een oplossingsrichting, zodat je kunt werken aan een betere situatie. Agressief gedrag komt meestal voor als je langer frustratie opbouwt.’

Waarom is het nodig om assertief te zijn op je werk? Je kunt denken: straks ben ik die botterik, of arrogante zeur.

‘Opkomen voor jezelf is iets anders dan brutaal zijn. Ben je assertief, dan geef je grenzen aan en sta je voor wat jij belangrijk vindt. Je zult merken dat anderen dat waarderen én het komt je eigen (werk)geluk ten goede.

Hoe assertief ben je?
TEST
Doe de test »

Hoe assertief ben je?

Conflictvermijding lijkt in eerste instantie misschien gemakkelijk, want de harmonie blijft bewaard. Bovendien kun je als conflictvermijder taken overnemen en als je daar complimenten over krijgt dan voelt dat in eerste instantie goed.

De valkuilen zitten ‘m in de lange termijn: als iemand het werk niet afkrijgt, veel fouten maakt of doorschiet in flexibiliteit naar anderen. Dat kan leiden tot onderhuidse spanningen en vage klachten.’

Wat is de eerste stap om te werken aan een assertieve houding?

‘Misschien heb je als introvert of verlegen persoon wat meer aanlooptijd nodig, maar ook vanuit een beschouwende stijl kun je benoemen wat er in je omgaat en waar voor jou de oplossing ligt. Dat is op verschillende manieren te trainen.

In het voorbeeld met het werkoverleg waar je niet tussen kon komen, kun je een volgende keer zeggen: “Ik merkte de vorige keer dat we een beslissing hebben genomen op basis van drie meningen. Ik vond het jammer dat mijn mening niet aan bod kwam. Ik wil voorstellen de volgende keer een rondje te maken langs alle collega’s.”

Het kan spannend zijn om dat te oefenen. Begin daarom niet met de lastigste situaties. Assertiviteit gaat namelijk ook over vóóruit communiceren. Dus als je graag een bepaalde klus wilt doen omdat je denkt daar goed in te zijn, laat het anderen weten.’

Kirstin op het Veld is gespecialiseerd in ervaringsgericht leren en trainer op het gebied van persoonlijk leiderschap en effectief communiceren. Ze werkte mee aan de online training Vergroot je assertiviteit . Hierin leer je op een vriendelijke en krachtige manier voor jezelf opkomen.

Stap 1: Hoe assertief ben je al?

Onderstaande situaties kunnen op een gemiddelde werkdag voorbijkomen. Kruis steeds aan of je er wel of niet gespannen van wordt. De situaties zijn afkomstig uit de verkorte Schaal voor Interpersoonlijk Gedrag (SIG), ontwikkeld door onder meer wetenschapper Willem Arrindell.

A = erg spannend
B = niet zo spannend

  1. Om uitleg vragen als je iets niet begrijpt A / B
  2. Een verzoek of vraag van een collega afslaan A / B
  3. Vragen of je iets verkeerds hebt gedaan A / B
  4. Je eigen mening handhaven tegenover iemand met een andere mening A / B
  5. Iets weigeren wat een gezaghebbende je vraagt A / B
  6. Om hulp vragen als je een probleem hebt A / B
  7. Meteen je moment pakken als je het antwoord op een vraag weet A / B
  8. Erop aandringen dat iemand zijn eigen deel van een taak afrondt A / B

Uitslag
Meeste A:
Voor jezelf opkomen en kritiek geven vind je doorgaans lastig. Het kan spanning oproepen om fouten toe te geven, complimenten te ontvangen of om hulp te vragen. Zelf het voortouw nemen, is waarschijnlijk niet vanzelfsprekend. Het advies: kijk eens terug welke situaties bij je blijven knagen, waarin jouw grens is overschreden. Wat zou je op die momenten anders willen doen?

Meeste B:
Je vindt het niet spannend om bij anderen jezelf te zijn, voor jezelf op te komen of kritiek te uiten. Fouten geef je meestal makkelijk toe en je vraagt tijdig om uitleg als je iets niet begrijpt. Het advies: zijn er situaties die angst oproepen, maar die je misschien uit de weg gaat? Probeer ze actief op te zoeken en te oefenen.

Stap 2: Kies je assertieve rechten

Feitelijke gedachten kunnen helpen jezelf aan te sporen om assertief op te treden. Hieronder staan je assertieve rechten. Kruis er drie aan die (op dit moment) bij je passen of vul aan wat je in het rijtje mist.

Ik heb het recht om…

  • mijn mening te uiten
  • vragen te stellen
  • nee te zeggen
  • uit te leggen hoe ik mij voel
  • mijn eigen beslissingen te nemen
  • fouten te maken
  • van gedachten te veranderen

Stap 3: Zeg ‘nee’ tegen je baas

Om 17.00 uur legt je manager nog een stapel papieren op je bureau. Een onverwachts probleem lijkt door jou te moeten worden opgelost. Of een collega vraagt je een taak over te nemen tijdens haar vakantie. Onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie om verzoeken tijdens een werkdag assertief af te wijzen.

Gewoon nee:
‘Nee, ik kan er op dit moment niets naast doen.’
Zeg nee, maar denk mee:
‘Ik zou je graag helpen, maar ik zit op dit moment vol. Heb je andere opties?’
Je weet iemand anders:
‘Ik heb hier geen tijd voor, maar ik kan iemand anders aanbevelen.’
Bied een alternatief:
‘Dit kan ik niet specifiek voor je oplossen, wat ik wél kan doen is…’
Je grens is bereikt en dat wil je communiceren:
‘Ik moet voor mijzelf zorgen nu, ik kan op dit moment niet doen wat je aan me vraagt.’
Win bedenktijd:
‘Ik denk erover na en kom er snel bij je op terug.’

Stap 4: Gebruik de stopknop

Wanneer je onder druk staat, geef je soms een ander antwoord dan je eigenlijk zou willen. Geef niet direct antwoord op een verzoek, maar bouw een pauze in. Druk als het ware op ‘de stopknop’. Hierdoor creëer je meer rust en geef je jezelf wat extra bedenktijd. Stel jezelf daarbij de volgende vragen:

  1. Wat gebeurt er?
    Voorbeeld: er wordt mij gevraagd een extra klus op te pakken.
  2. Wat vind ik daarvan?
    Voorbeeld: ik voel mij gevleid en het klinkt als een leuke klus, maar ik heb het al erg druk.
  3. Wat wil ik ermee?
    Voorbeeld: ik wil het eigenlijk niet, op een ander moment zou het beter passen.

Stap 5: Dit wil ik meteen aanpakken

Oefenen met assertiviteit hoeft niet meteen altijd en overal. De situaties die langer blijven knagen dan andere zijn het belangrijkst om aan te pakken. Bedenk maximaal 3 concrete situaties waarin je het belangrijk vindt om assertiever op te treden. En hoe je de stopknop en de zinnen voor creatief nee-zeggen kunt inzetten. Noteer die situaties voor jezelf op papier.

Voorbeeld: Ik wil mijn baas vertellen dat mijn agenda deze periode vol is en ik geen lastige klussen meer op me kan nemen. Of: Ik heb veel kennis over een bepaald onderdeel, wat ik zelden uitspreek in vergaderingen of tegen collega’s, en dat vind ik zonde.

Tip van de expert:
‘Geef vaker complimenten. Dat is ook een vorm van feedback geven, maar op een positieve manier. Zo maak je voor jezelf de weg vrij om ook de meer moeilijke dingen aan te kaarten.’
– Assertiviteitstrainer Kirstin op het Veld

Meer verdieping? Met de online training Vergroot je assertiviteit leer je stap voor stap grenzen stellen en voor jezelf opkomen.