Mannen denken elke zeven seconden aan seks, is een vaak gehoorde bewering. Onderzoek haalde die al keer op keer onderuit, al verschilt per experiment hoe vaak mannen dan wél aan seks denken. Wat overeind blijft is dat ze er vaker mee bezig zijn dan vrouwen.

De Amerikaanse onderzoeker Terri Fisher besloot uitgebreider onderzoek te doen naar dit verschijnsel. Zij liet mannen en vrouwen zeven dagen lang met een tellertje rondlopen. Elke keer als ze aan seks dachten (‘Hmm… hoe zou deze persoon er naakt uitzien?’) moesten ze de teller indrukken. Maar Fisher beperkte haar onderzoek niet tot gedachten aan seks. Ze bracht ook in kaart hoe vaak haar proefpersonen dachten aan andere fysieke behoeften, namelijk aan slapen en eten.

Net als in eerder onderzoek bleek ook uit Fishers experiment dat mannen vaker aan seks denken: gemiddeld 34 keer per dag, terwijl de teller bij vrouwen op negentien keer bleef steken.

Maar, ontdekte Fisher, mannen denken niet alleen vaker aan seks, maar ook aan eten en slapen. Zo dachten mannen in haar onderzoek gemiddeld 29 keer per dag aan slapen en vrouwen slechts dertien keer per dag.

Mannen denken sowieso meer aan hun eigen behoeften dan vrouwen, concludeerde Fisher, wellicht omdat van vrouwen vaker verwacht wordt dat ze aan de behoeften van anderen denken in plaats van aan die van henzelf.