Hij liet proefpersonen eerst naar een stilstaande groene balk op een computerscherm kijken en liet bovenop de balk een rood licht opflitsen. De proefpersonen zien dit als een gele streep, omdat hun brein het groene en rode licht bij elkaar optelt. Vervolgens liet Nijhawan de groene balk over het scherm bewegen en liet op dezelfde wijze het rode licht opflitsen. Dit keer nemen de proefpersonen dat waar alsof een rode streep net achter de groene balk opflitst. Volgens Nijhawan komt dit doordat de proefpersonen bij het kijken naar de groene balk een automatische correctie toepassen op de traagheid van het visuele systeem. De groene balk wordt op deze manier als het ware naar het heden getransporteerd. Voor het rode licht is deze correctie onmogelijk omdat het onverwacht komt en – zoals gezegd – vijftig milliseconden later arriveert. Omdat de proefpersonen op die manier tegelijk naar het heden en het verleden kijken, worden de balk en het licht uit elkaar gehaald.

(Nature, vol. 286, blz. 66-69, 1997)