Er zijn twee soorten mensen. Mensen die verantwoordelijkheid nemen voor hun leven door hun eigen keuzes te maken en mensen die dat niet doen. Mijn vriend Herman (die natuurlijk geen Herman heet) hoort bij de laatste soort. Wanneer hij me belt, belt hij vanuit de auto, want dat is het enige moment dat hij nergens hoeft te zijn. Soms zegt hij dat hij zeven minuten heeft om met me te praten. Dat ziet hij namelijk op zijn TomTom. Als ik opper dat hij zijn leven niet hoeft te laten leiden door zijn navigatieapparatuur, lacht hij alleen.

TEST
Doe de test »

Hoeveel controle heb je over je leven?

Niet alleen de TomTom bepaalt wat Herman doet. Ook zijn vrouw, kinderen, werkgever, schoonouders en zelfs de bezorger van Albert Heijn bepalen hoe zijn leven eruitziet. Omdat zijn ouders hem nooit de kans hebben gegeven te studeren heeft hij nu geen leuke baan. En omdat zijn vrouw de hele dag op hem zit te vitten is hij niet gelukkig in zijn relatie. Een leuke vakantie heeft hij ook al niet, want zijn vrouw boekt altijd zonvakanties. Zelf zou hij liever gaan wandelen. Het leven is hem niet gunstig gezind, vindt Herman. Hij wil het wel allemaal anders, maar hij kan geen eigen keuzes maken in het leven – denkt hij.

Een kwestie van pech

Mensen als Herman hebben voortdurend het idee dat ze worden geleefd. Dat niet zij verantwoordelijk zijn voor welke kant hun leven op gaat, maar dat ze het slachtoffer zijn van toevallige gebeurtenissen of van beslissingen van andere mensen. De Amerikaanse psycholoog Julian Rotter noemt dit een ‘externe locus of control’. Locus betekent plek, en locus of control zou je kunnen vertalen met de controlekamer van je leven.

Tegenover die externe locus of control stelde Rotter de interne locus of control: de controlekamer waarin je zelf keuzes kan maken. Het gevoel dat je leven niet door de buitenwereld wordt bepaald, maar door je karakter en gedrag.

Om te meten in hoeverre mensen controle denken te hebben over hun eigen leven ontwikkelde Rotter in de jaren vijftig een locus of control-test. Mensen die hoog scoren op interne locus of control menen dat de meeste gebeurtenissen in hun leven het gevolg zijn van hun eigen handelen. Mensen die hoog scoren op externe locus of control denken dat hun leven van toevalligheden aan elkaar hangt. Goede dingen zijn hun overkomen doordat ze gewoon geluk hebben gehad, de slechte dingen waren een kwestie van pech.

Rotters theorie is de afgelopen halve eeuw bepalend geweest in de persoonlijkheidspsychologie. Zijn test wordt tot op de dag van vandaag gebruikt. Maar anders dan Rotter geloofde, zijn mensen niet zo rigide in te delen in interne of externe locus of control. Het zijn twee uitersten op een continue schaal en ze sluiten elkaar niet uit. Je kunt op verschillende vlakken in je leven uiteenlopend denken over de mate van controle die je hebt met de keuzes die je maakt. Zo kun je ervan overtuigd zijn dat je succesvol bent in je baan doordat je hard werkt, terwijl je op liefdesvlak maar blijft hopen dat de ware spontaan je leven binnenwandelt.

Het belang van je eigen keuzes maken

Waarom zou je niet gewoon accepteren dat het leven nu eenmaal gaat zoals het gaat? Waarom zou je zelf keuzes maken? Omdat Rotter, en vele onderzoekers na hem, ontdekte dat mensen die vinden dat ze controle hebben over hun leven succesvoller zijn in hun werk. Ze zorgen beter voor hun gezondheid omdat ze die zelf in de hand denken te hebben. Ze stoppen makkelijker met roken omdat ze daarin hun eigen verantwoordelijkheid nemen. En over het algemeen hebben ze minder moeite met het maken van keuzes.

Mensen die het idee hebben dat ze het lot niet in eigen hand hebben, gebruiken sneller het excuus dat bijvoorbeeld kanker nu eenmaal in de familie zit of dat stoppen met roken weinig zin heeft als je al twintig jaar paft. Keuzes maken vinden ze moeilijk omdat het leven nu eenmaal keuzes maakt voor hén.

Grenzen stellen geeft vrijheid

Journalist Manon Sikkel leert hoe je vriendelijk grenzen kunt stellen.

Lees verder

Die overtuiging heeft nadelen. Zo leidt de neiging om je slachtoffer te voelen van de omstandigheden er vaak toe dat iemand niet bereikt wat hij zou willen bereiken. Het idee dat hogere machten uw leven bepalen geeft een machteloos gevoel. En juist dat gevoel van machteloosheid maakt ongelukkig.

Het lot beslist

Wat weerhoudt iemand er dan toch van om te proberen meer grip op zijn leven te krijgen? Waarom spreekt mijn vriend Herman niet met zijn vrouw af dat ze het ene jaar naar een all inclusive-oord in de zon gaan en het andere jaar gaan wandelen? Waarom volgt hij geen opleiding waarmee hij wél het werk kan doen waarvan hij gelukkig wordt?

Omdat zulk gedrag natuurlijk ook voordelen heeft. Wie de verantwoordelijkheid bij de buitenwereld legt, wordt niet geplaagd door schuldgevoel en zelfverwijten. Het is ook geruststellend om je neer te leggen bij beslissingen van buitenaf. Het lot heeft nu eenmaal beslist.

Wie ontevreden is, moet zich realiseren dat iedereen de vrijheid heeft om zelf zijn leven richting te geven. Vergelijk het met een wandeling door het bos. Bij een splitsing kunt u linksaf of rechtsaf. Hoe dat bos er verder uitziet, daar hebt u niets over te zeggen; maar wie niet kiest, blijft staan op de splitsing. Hebt u eenmaal gekozen, dan kan het zijn dat u verderop tot uw navel in de prikstruiken komt te staan, maar het was uw besluit en het maakt de wandeling tot een avontuur. Juist in het maken van keuzes ligt het verschil tussen zelf controle nemen of de controle overlaten aan toevalligheden.

Verdovend effect

De klinisch psychologen Henry Cloud en John Townsend publiceerden onlangs het boek Aan mij ligt het niet. ‘Zelf verantwoordelijkheid nemen kost moeite,’ zeggen de twee Amerikanen daarin. ‘Vooral als je gewend bent om mee te gaan met de willekeur van het leven.’ Volgens hen houdt angst voor verandering de meeste mensen tegen om richting aan hun leven te geven. Het is niet zo dat mensen met een externe locus of control niet willen veranderen.

Net als Herman dromen ze over een hartstochtelijke relatie, een fijne carrière. Maar louter dat verlangen levert nog geen resultaten, zeggen Cloud en Townsend. Echt veranderen betekent volgens hen een manier bedenken om je doel te bereiken. Dat betekent ook dat u niet langer uw baas de schuld kunt geven van uw rotbaan. Dat u uw partner niet de schuld kunt geven van een liefdeloze relatie. Je moet dan zelf de moeilijke keuzes maken in het leven.

De eerste stap op weg naar eigen verantwoordelijkheid is inzien dat u leeft met uitvluchten – bijvoorbeeld het beschuldigen van anderen of het minimaliseren van uw eigen bijdrage. Uitvluchten, zeggen Cloud en Townsend, werken als een verdoving. ‘Misschien voel je tijdelijk de pijn niet van onvervulde dromen, maar als het effect is uitgewerkt, is je situatie niet verbeterd.’

Die uitvluchten zijn eigenlijk niet meer dan een uiting van angst; angst om zelf keuzes te maken en verantwoordelijkheid te nemen. We kunnen in het leven niet bepalen wat er op ons afkomt, maar wél, onder alle omstandigheden, hoe onze houding is.

Niet eerlijk

Mijn vriend Herman vindt dat ik makkelijk praten heb. Mijn leven hangt van leuke dingen aan elkaar, denkt hij. Toen het geluk werd uitgedeeld, stond ik toevallig net vooraan en dat vindt hij niet eerlijk.

Mensen die hoog scoren op externe locus of control zijn meer geneigd om over de wereld te denken in termen van rechtvaardigheid. Ze zien de wereld niet zoals die is, maar zoals die zou moeten zijn. Maar het leven ís niet eerlijk. Alle mensen krijgen te maken met teleurstelling, tegenslag, ziekte, dood en ongeluk. En ieder mens heeft de mogelijkheid om binnen die beperkingen keuzes te maken in het leven. Ook onder de meest extreme omstandigheden? Volgens gezondheidspsychologen wel. Voor wie bijvoorbeeld ernstig ziek is, is het moeilijk controle over het leven te houden. Maar ook dan zijn er patiënten die in hun lot berusten en patiënten die keuzes maken binnen de beperkingen die ze hebben.

In een experiment vergeleken de Amerikaanse psychologen Eeman en Evans twee groepen patiënten met elkaar. De twee groepen hadden een vergelijkbare achtergrond en waren even ziek. De groep die hoog scoorde op interne locus of control ging echter anders met de ziekte om. Ze stelden meer vragen, zochten meer informatie op en waren beter op de hoogte van de behandelmethodes. De andere groep zag de ziekte als iets dat hun was overkomen en waar ze zelf weinig aan konden veranderen. Meestal leverde die houding van interne locus of control gezondheidswinst op. Juist die patiënten namen trouw hun medicijnen en pasten hun levenswijze aan. Daardoor voelden ze zich over het algemeen beter.

Niet altijd de baas over het leven

De mate waarin iemand neigt naar externe of interne locus of control in zijn leven is een persoonlijkheidseigenschap. Uit veel onderzoeken weten we dat deze eigenschappen redelijk stabiel zijn. Dat betekent niet dat er niets aan te veranderen is. Juist doordat de meeste mensen ergens halverwege de schaal zitten, kan iedereen een beetje opschuiven. Naar meer controle als dat nodig is, naar minder als het niet anders kan.

Bekend is wel dat we naarmate we ouder worden, beter leren omgaan met het idee dat we niet altijd de baas zijn over het leven. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat de meeste mensen tot halverwege de veertig iets meer naar interne locus of control neigen, daarna verschuift dat naar extern. Naarmate we ouder worden, realiseren we ons dat je niet alles in de hand hebt. Kinderen die er niet kwamen, het grote succes dat uitbleef, het lichaam dat hapert. Uiteindelijk zien we in dat we niet kunnen geen keuzes kunnen maken over wat er op ons pad komt. Maar welke kant we op gaan, kunnen we wel zelf bepalen. Het enige wat u daarvoor moet doen is op een rijtje zetten welke excuses u gebruikt om geen keuzes te maken, en u afvragen welke angsten daarachter zitten. Zo makkelijk is het.

Bron: Henry Cloud en John Townsend, Aan mij ligt het niet, Boekencentrum, € 16,50[/wpgpremiumcontent]