Vriendin B was een sterke en stabiele persoonlijkheid met wie ik veel kon lachen. Tot ze Mark leerde kennen. In het begin overlaadde hij haar met aandacht. Maar hoe langer ze samen waren en hoe verliefder B op hem werd, hoe meer tegenstrijdige signalen hij gaf. Soms leek hun band perfect en praatte hij over samenwonen, dan weer liet hij zomaar een week niets van zich horen, of was hij kritisch en geïrriteerd.

Haar leven begon steeds meer om Mark te draaien. De gesprekken die ik met B had, gingen vrijwel alleen nog maar over hem. Wat was er gebeurd met deze vrolijke, levenslustige vriendin, die nu een neurotisch, piekerend wrak was? En waarom hield Mark haar op afstand, terwijl hij duidelijk ook gevoelens voor haar had?

Avonden kunnen we doorpraten over dit soort liefdesmysteries. Hoe komt het dat we helemaal voor iemand kunnen vallen, maar na verloop van tijd afkoelen en alleen nog maar irritante trekjes zien? Dat we onszelf soms totaal wegcijferen in de liefde, terwijl we toch zelfverzekerde, goed functionerende volwassen mensen zijn? En waarom vallen sommige mensen áltijd voor de verkeerde?
Maar er is een theorie die veel

Log in om verder te lezen.