Verandering kost moeite. Ik ontmoette ooit een Amerikaan in Japan, die elke dag een McDonald’s opzocht om zijn hamburger te eten. Sommige mensen gaan elk jaar naar hetzelfde hotel in hetzelfde land op vakantie. En voor de meesten van ons geldt dat, terwijl we de krant ook op internet kunnen lezen, we nog steeds liever een papieren versie in de hand hebben. De mens is een gewoontedier

Zo ook onze chimpansees, die we na dertig jaar eindelijk een houten klimrek aanboden. Gedurende de bouw zat de hele kolonie opgesloten. Ze waren nogal rumoerig, totdat ze de machines hoorden die telefoonpalen in de grond kwamen steken. Daar waren ze even stil van: dagenlang geen piep. De palen werden verbonden met touwen en platforms, nieuw gras werd geplant, geulen gegraven, en na acht dagen waren we klaar. Een gigantische structuur, tien keer groter dan wat ze gewend waren.

Ruim dertig personeelsleden kwamen naar het loslaten kijken. We hadden een weddenschap lopen. Welke chimpansee zou het eerst hout aanraken, welke zou het eerst naar de top klimmen? De apen hadden nooit eerder in hun leven hout geroken, laat staan beklommen!

Typisch denkend als hooggeplaatst persoon, wedde de directeur van het primatencentrum op de dominante apen: de alfaman en alfavrouw. Maar wij wisten dat chimpanseemannen geen helden zijn. Ze zijn altijd bezig hun positie te verbeteren, en nemen daarbij grote risico’s, maar ze doen het in hun broek zodra er iets nieuws om de hoek komt.

Met camera’s in de aanslag lieten we de apen los en het eerste wat gebeurde was al gelijk onvoorzien. Aangezien wij slechts oog hadden voor de nieuwe stellage, waren we vergeten dat de apen dagenlang apart hadden gezeten. Dus er waren eerst allerlei emotionele begroetingen: ze vlogen elkaar letterlijk in de armen. En de mannen begonnen gelijk aan intimidaties, want stel je voor dat iemand vergeten had wie er de baas was.

De apen letten nauwelijks op de nieuwbouw. Sommige liepen eronderdoor alsof het hele ding niet bestond. Ze waren in ontkenning! Totdat ze de bananen ontdekten die we hadden uitgezet. De eerste die erin klommen waren de oudere vrouwen (en dus niet, wat iedereen had gedacht, de jongere) en, ironisch genoeg, de allerlaatste om hout aan te raken was een vrouw die bekendstaat als de grootste bullebak.

Maar zodra de vruchten op waren, verliet iedereen gelijk de stellage. Ze waren er nog niet klaar voor. Ze verzamelden zich in het oude metalen klimrek ernaast, dat er nu uitzag als een miniatuur. Mijn studenten hadden het ding uitgeprobeerd en zeiden dat het hoogst ongemakkelijk zat. Desondanks zat het rek dagenlang vol met apen, die lui opkeken naar de Taj Mahal, die ze zich ongetwijfeld over enige tijd eigen zullen maken.[/wpgpremiumcontent]