In een veelbekeken animatie vertelt de populaire auteur en hoogleraar Brené Brown hoe ze op een ochtend een kop koffie staat te drinken in haar keuken. Ze laat de beker uit haar handen glippen, waardoor hij in stukken uiteenspat op de keukenvloer. Haar kleding komt onder de koffie te zitten. De schuldige volgens Brown? Haar man Steve.

Ontvang psychologische inzichten over communiceren in je inbox

Elke donderdag op de hoogte blijven van deskundige, toegankelijke inzichten voor het dagelijks leven? Psychologie Magazine helpt je verder.

Ja, ik ontvang graag de nieuwsbrief

Ze is kwaad op hem omdat hij de avond ervoor te laat was thuisgekomen na zijn waterpolotraining. Daardoor ging Brown – die zonder haar man de slaap niet kan vatten – te laat naar bed, en dus had ze ’s ochtends een tweede kop koffie nodig om wakker te worden.

Was Steve op het afgesproken tijdstip thuisgekomen, dan had ze die tweede kop niet gedronken en was hij ook nooit op de grond gevallen. Zijn schuld. Dus. Als Steve haar die ochtend belt, kan hij dan ook op een flinke snauw rekenen.

Het verhaal is een grappig en absurd voorbeeld van wat er in veel relaties gebeurt: als iets niet zo gaat zoals we willen, schieten we direct in de beschuldigingsmodus, waarbij onze partner het moet ontgelden. Veel mensen, onder wie zijzelf, zijn volgens Brené Brown blamers.

Ik zet het je betaald

Naar een schuldige zoeken is een automatisme, zegt de Amerikaanse relatie- en gezinstherapeut Carl Alasko. Als ons iets vervelends overkomt, willen we weten wie daarvoor verantwoordelijk is en gerechtigheid zien, schrijft hij in zijn boek Beyond blame. Dat is logisch als er een misdrijf is gepleegd, maar het is een gevaarlijke gewoonte in de relaties met onze partners en kinderen.

Het grote gevaar van met beschuldigingen strooien, is volgens Alasko dat je terechtkomt in een vicieuze cirkel. Een beschuldiging lokt een andere beschuldiging uit. Waardoor je problemen niet oplost, maar ze juist erger maakt. Een dynamiek die je volgens hem in veel relaties terugziet. We denken dat we met beschuldigingen iemand kunnen veranderen, dat we ze nodig hebben om mensen verantwoordelijk te houden voor hun gedrag. Maar dat is een misvatting, zegt hij.

Alasko geeft een alledaags voorbeeld van John en Mary. John kan iets niet vinden in de ijskast en raakt gefrustreerd: ‘Jeetje, Mary, ik kan de mosterd niet eens vinden. Deze ijskast is een zootje.’

Mary voelt zich aangevallen en is gekwetst. ‘Het zou geen rommel zijn als jij de dingen terugzette waar ze horen. Jij bent slordig, niet ik!’ dient ze hem van repliek. De focus ligt er bij John en Mary nu op dat ze het de ander betaald willen zetten, wat hen alleen maar verder afdrijft van het oplossen van het probleem.

In de beschuldigingsmodus

Dat de ander heftig reageert op een beschuldiging is volgens de psychotherapeut niet gek: we willen onze goede reputatie behouden. En die is in het geding als we ergens van worden beschuldigd. ‘Je geeft die ander dan eigenlijk impliciet de boodschap dat hij niet deugt.’ Als een soort pavlovreactie schiet hij dan in de verdediging en valt zelf aan. ‘Eigenlijk zijn de onderliggende vragen van de beschuldigde: waarom behandel je me zo? Waarom bekritiseer en beschuldig je me? Hoe durf je me pijn te doen?’

De ander beschuldigen heeft volgens Alasko het voor de hand liggende voordeel dat je niet naar je eigen aandeel hoeft te kijken. Daarbij is het uiten van een beschuldiging een snelle manier om pijnlijke emoties en ongemak te ontladen.

In zijn boek geeft hij hiervan een voorbeeld uit zijn eigen leven. De therapeut beschrijft hoe zijn vrouw op het punt staat weg te rijden, maar op dat moment ontdekt dat de batterij van haar telefoon leeg is. Lastig, want Alasko zou haar nog bellen over het schema van die dag.

Hij reageert met een sarcastische opmerking op de mededeling van zijn vrouw. ‘Ik zei: “Tsja, hoe zou dat nou komen?” Het was geen oprechte vraag, maar kritiek op haar vergeetachtigheid. Dat kwam doordat ik er nerveus van werd dat ik haar niet zou kunnen bellen, en ik ontlaadde die angst op haar.’

Basistraining

Versterk je relatie

  • Leer kijken naar de patronen in je relatie
  • Ontdek hoe je negatieve patronen kunt doorbreken
  • Met inspirerende video's en artikelen
bekijk de training
Nu maar
€ 35,-

Altijd hetzelfde…

Dat beschuldigingen slecht zijn voor je relatie blijkt ook uit wetenschappelijk onderzoek. De Amerikaanse psychologen Frank Fincham en Thomas Bradbury deden uitgebreid onderzoek naar de mate waarin mensen de verantwoordelijkheid bij hun partner leggen als er dingen misgaan in hun relatie. En wat voor invloed dat heeft op hun liefdesgeluk.

Volgens de wetenschappers zijn er twee manieren waarop we een verklaring zoeken voor negatieve gebeurtenissen binnen onze relatie. Stel: je partner heeft de vaatwasser niet uitgeruimd terwijl dat wel zijn taak was. De eerste manier waarop je dit kunt uitleggen, is dat het aan je partner zelf ligt. Hij heeft zijn taak verzuimd omdat hij liever lui dan moe is, het ligt aan zijn karakter. Een volgende keer zal het daarom weer gebeuren. Dit wordt ook wel interne attributie genoemd.

De tweede manier waarop je het kunt uitleggen is dat het aan de situatie ligt. Hij heeft de vaatwasser niet uitgeruimd omdat hij het druk heeft op zijn werk. Een volgende keer zal de situatie anders zijn en zal het daarom anders gaan. Dit is wat psychologen externe attributie noemen.

Fincham en Bradbury ontwikkelden een vragenlijst waarmee je kunt meten hoe sterk je interne attributies maakt als er dingen misgaan. In deze lijst word je gevraagd om verschillende situaties in gedachten te nemen, bijvoorbeeld dat je partner verzuimt zijn huishoudelijke taken te doen, dat hij niet naar je luistert of een belangrijke beslissing neemt zonder je daarbij te betrekken.

In hoeverre wijt je dat aan zijn persoonlijkheid? Denk je dat hij het opzettelijk deed? En moet hij de schuld voor het gebeurde op zich nemen? Hoe hartgrondiger je ‘ja’ antwoordt op deze uitspraken, hoe sterker je intern attribueert en hoe minder blij je bent met je relatie, blijkt uit onderzoek. Externe attributies zorgen juist voor meer liefdesgeluk.

Echte sloddervos

Maar hebben mensen die vaker hun partner verantwoordelijk houden voor narigheid, het niet gewoon bij het rechte eind? Dat hun partner daadwerkelijk een sloddervos is of onattent?

Misschien is dat waar, maar dan is het toch beter om bewust met een positieve bril naar je partner te kijken, zeggen Fincham en Bradbury. Volgens de relatieonderzoekers is het slim om daar al aan het begin van je relatie mee te beginnen: de mate waarin je op dat moment je partner persoonlijk verantwoordelijk houdt voor narigheid, is voorspellend voor later huwelijksóngeluk.

Vraag je liever af of er alternatieve verklaringen zijn voor je partners gedrag. Is ze vergeten boodschappen te doen omdat ze geen rekening met je houdt, of heeft ze gewoon te veel aan haar hoofd?

Onze natuurlijke neiging is om vooral te denken dat het aan de persoon ligt in plaats van aan de situatie, om interne attributies te maken, laat psychologisch onderzoek zien. Bedenk daarom voordat je iets roept eerst even of je ook een externe attributie kunt maken. Dat maakt al dat je minder snel in de beschuldigingsmodus schiet.

Positief communiceren

Maar hoe spreek je je partner dan wel op een goede manier aan als je vindt dat hij of zij iets verkeerds heeft gedaan? Volgens psychotherapeut Alasko is ‘positieve verantwoordelijkheid’ het sleutelwoord. Hierbij vraag je de ander op een respectvolle en compassievolle manier om zijn gedrag te veranderen.

De eerste stap is dat je wat jij als fout ziet, benoemt. De tweede dat je de ander vertelt hoe je je daarover voelt. Je probeert daarbij te voorkomen dat er negatieve emoties ontstaan – dus zonder beschuldigingen of kritiek te uiten.

3 tips om beter te communiceren met je partner

Weer goed met elkaar leren communiceren, zonder ruzie en zonder verwijten: dat zou een hoop relatiep...

Lees verder

Positief communiceren is best lastig, erkent Alasko, omdat de impuls om te beschuldigen zo sterk is. Wat volgens hem goed werkt om die af te remmen, is om je af te vragen wat je wilt bereiken. Wat voor relatie wil je met de ander? Wil je dingen beter maken of wil je de ander straffen of pijn doen? Winst is dat je daarmee een denkpauze inlast, waardoor je je minder snel laat meeslepen door je emoties en met de beschuldigende vinger naar de ander wijst.

In zijn boek schrijft hij bijvoorbeeld over een vrouw die kwaad is omdat haar man de melk niet heeft teruggezet in de koelkast, waardoor de melk bedorven is. Met beschuldigingen zouden ze al snel ruzie krijgen, schrijft Alasko, en zou de conversatie als volgt gaan: Vrouw: ‘Waarom kun je niet onthouden dat je de melk moet terugzetten. Hoe moeilijk is het?’ Waarna ze demonstratief de deur opent en de melk terugzet. ‘Zie je, is dat nou zo ingewikkeld?’ Man: ‘Je hoeft niet zo kattig te doen. Alsof jij nooit iets vergeet. Miss Perfect.’

Als de vrouw gebruik zou maken van positieve communicatie, zou ze volgens Alasko eerder iets zeggen als: ‘Je hebt de melk eruit laten staan en nu is die bedorven. Jammer, ik wilde graag een glas melk bij het ontbijt.’ Je benoemt de fout die is gemaakt en uit je emotie, zonder beschuldigingen, waardoor de situatie minder snel escaleert.

Zo kan het ook

Soms heeft de ander niet eens iets verkeerds gedaan, zegt Alasko. Terwijl je toch de neiging hebt hem te beschuldigen. Zoals Brené Brown aan het begin van dit artikel. Alasko geeft nog het voorbeeld van een man die thuiskomt van zijn werk en graag samen met zijn vriendin wil gaan wandelen. Zij heeft daar geen zin in omdat ze moe is. De man vindt haar egoïstisch, want ze is al uren thuis.

In plaats van beschuldigend (‘Wat bedoel je, je bent moe? Je bent al uren thuis. Als ik iets wil ben je altijd te moe, maar als er dingen zijn die jij wilt…’), kan hij als volgt reageren: ‘Jammer dat je niet mee gaat wandelen, ik ga zelf even.’ Of: ‘Misschien heb je later zin?’ Door positief te communiceren, vermijd je dat de ander de noodzaak voelt om zich te verdedigen.

Omdat er geen fout is gemaakt, geldt hier alleen het tweede onderdeel van positief communiceren: het uiten van de emotie, zonder kritiek of beschuldigingen. Tot slot adviseert Alasko om alert te zijn op subtiele vormen van beschuldiging, zoals de ‘waarom-vraag’.

Denk aan vragen als: waarom heb je de melk niet opgeborgen? Waarom kun je niet onthouden dat je je moeder moet bellen? Het enige logische antwoord wat je daar volgens hem op zou kunnen geven is: ‘Omdat ik daar te stom voor ben.’ Vraag daarom liever direct dat je nodig hebt: ‘Wil je alsjeblieft de sinaasappelsap wegzetten?’ En: ‘Wil je je moeder bellen, want ik maak me zorgen om haar.’

Ook Brené Brown trekt na het opruimen van de gemorste koffie in het filmpje het boetekleed aan. ‘Iemand beschuldigen is een snelle manier om je woede kwijt te raken,’ zo sluit ze af. ‘Terwijl je eigenlijk wilt zeggen: ik voel me gekwetst door wat er is gebeurd. Dan praat je met elkaar in plaats van dat je elkaar beschuldigt.’ Geen verwijten over gemorste koffie dus, maar een gesprek over je afspraken nakomen.

Bronnen: F.D. Fincham e.a., Assessing attributions in marriage: The Relationship Attribution Measure, Journal of Personality and Social Psychology, 1992 / C. Alasko, Beyond blame, Penguin, 2011 / L.E. Frame, Maladaptive attributions, dyadic behavior and their interaction aspredictors of change in relationship satisfaction, ProQuest, 2007