Geweld na de oorlog

Haar vader vocht als militair onder Bouterse en reageerde zijn trauma’s af op zijn gezin. Daar mocht niemand over praten, zegt zijn dochter (27). ‘In de Surinaamse cultuur zijn psychische ziekten taboe.’

In Suriname zeggen we: “Alles wat je meemaakt komt misschien niet op jou neer, maar wel op je kind.” Zo is het ook gegaan met mijn zus, mijn broertje en mij. Wat er precies is gebeurd in de oorlog weet ik niet, maar dat er gemoord werd en dat mijn vader daaraan heeft meegedaan, is zeker.

Hij had een litteken in zijn nek. Als ik daar als kind over wreef, haalde hij resoluut mijn hand weg. Later vertelde mijn zus me dat hij zijn beste vriend had willen redden en een kogel hem daarbij had geschampt. Het scheelde weinig of hij had die kogel genomen. Zijn vriend is omgekomen.

Mijn ouders waren net getrouwd toen in 1986 de Binnenlandse Oorlog tussen Desi Bouterse en Ronnie Brunswijk begon. Het was geen oorlog waarbij je als militair tijdig te horen krijgt wanneer je waarheen wordt uitgezonden. Mijn vader kwam en ging, en als hij wegbleef wist mijn moeder hoe laat het was. Dan moest hij een opdracht uitvoeren met zijn eenheid. Mijn vader was een stoere, trotse man, die vond dat je hoorde te vechten voor je vaderland. In Bouterse zag hij een charismatische, sterke leider. Mijn vader was fervent

aanhanger van de Nationale Democratische Partij, hij had zelfs de paarse NDP-vlag op de muur van ons huis geschilderd. In de kast stonden boeken over hoe het regime aan de macht was gekomen. Als kind keek ik naar de foto’s, van militairen die aan het oefenen waren, maar het was verboden erover te praten.

Na de oorlog begon het mishandelen.
Het enge was: je wist niet wanneer het kwam. Het kon elk moment losbarsten, omdat hij iets zag, hoorde, rook of proefde. Zijn black-outs noemden we dat. Ik herinner me één voorval heel goed. Mijn vader is niet de biologische vader van mijn zus. Op een dag kwam haar vader haar een fiets brengen, dat stak hem. Toen de man weg was sloeg hij mijn moeder bont en blauw. Ik was 5 toen mijn ouders uit elkaar gingen, mijn broertje bijna 4. De angst in de ogen van mijn broertje was voor mijn moeder de druppel, vertelde ze. Desondanks waren we elk weekend bij hem. Na de scheiding begon hij zich op ons af te reageren. Hij schreeuwde, gooide met spullen en sloeg, vaak met de riem. De klappen voelde ik op een gegeven moment niet meer, wel de psychische pijn en de zorgen om mijn broertje. Ik liet het slaan soms langer doorgaan zodat hij niet aan de beurt hoefde te komen.

Als ik denk aan die tijd zie ik mijn vader op de veranda voor ons huis zitten. Roerloos. In zichzelf gekeerd. We hadden veel honden en die zaten om hem heen. Als meisje van 7 of 8 voelde ik het verdriet. Jong als ik was dacht ik: zeg het nou, praat over wat je dwarszit! Hij zocht zijn toevlucht in drank en vrouwen. Ik zag de ene vrouw komen en de andere gaan. Dat kwetste me, want hij had geen oog voor ons.

Van jongs af aan zei mijn moeder dat ik niet over mijn vaders gedrag mocht spreken,
want dat kon hij er niet bij hebben en het ging niemand iets aan. Als ik erover begon zei ze: “Houd je mond” of gaf me zelfs een klap. Ook later, toen ik geregeld huilend thuiskwam bij mijn vader vandaan, bood ze geen ruimte erover te praten. Ze zei altijd: “Hij is gewoon gek!” Mijn tantes wisten ervan, want het slaan begon toen we inwoonden bij mijn moeders vader en haar zussen en hun gezinnen. Zij deden het af als voodoo, boze geesten. Volgens hen moest mijn vader een wasi nemen, een reinigingsbad, om zijn geest te reinigen, want daar zat het niet goed.
Ik denk dat het zwijgen te maken had met de Surinaamse cultuur. Psychische ziekten bestaan niet, zijn taboe. Er was ook schaamte, dat dit ons overkwam als gezin. De sfeer was hard in Suriname in die jaren. Deal met je shit, was de teneur. Ik weet zeker dat mijn vader dat zo heeft gevoeld, maar het lukte hem niet.

In 2009 heeft de regering erkend dat een deel van de ex-militairen die hebben deelgenomen aan de Binnenlandse Oorlog lijdt aan ptss, posttraumatisch stress-syndroom. Ik had er nog nooit van gehoord. Pas toen begreep ik dat hij er weinig aan kon doen. Toen kon ik ook de herinneringen plaatsen die ik heb aan momenten dat hij intense spijt had. De blik in zijn ogen nadat hij mijn moeder had geslagen, haar hand pakte en “Sorry” zei, had iets heel hulpeloos.
Dat ik zo alleen was met mijn verdriet heeft me enorm getekend. Volgens de psychologe bij wie ik in behandeling ben, heb ik ook een trauma opgelopen. Op school zat ik vaak met dichtgeknepen keel naar mijn schrift te turen en dacht: ik trek dit niet meer. Maar dan durfde ik mijn verdriet toch niet te laten zien en veegde mijn tranen weg. Ik voel in gedachten nog het benauwde gevoel. Dat ik er niet over kon praten, keelde me bijna letterlijk.

Op mijn 14de heb ik mijn beste vriend Roy over de klappen verteld. Vanaf dat moment wist hij wat er speelde als ik me down voelde. Dat was voor mij genoeg. Een jaar later emigreerde ik naar Nederland; daarna heb ik mijn vader nooit meer levend gezien. Zo’n anderhalf jaar voor zijn dood dacht ik: ik moet het hem toch ooit vergeven. Ik heb hem gebeld, dat was voor hem het teken dat ik weer openstond voor contact. Daarna belde hij heel vaak. Hij wilde het goedmaken. Hij had een leuke vrouw leren kennen, dat deed hem goed. Ik heb haar gesproken. Aan haar stem hoorde ik dat ze vol leven zat, vol positiviteit. Door haar is hij nog gelukkig geweest. Ik heb een foto uit die tijd waarop hij breeduit lacht, dat heb ik mijn hele jeugd niet gezien.
Mijn vader en ik naderden elkaar langzaam. Ik neem het mezelf kwalijk dat ik niet méér openstond voor zijn toenaderingen. We hebben veel en goed gepraat, maar ik was ook nog vaak boos. Dat had tijd nodig om te slijten en ik dacht dat die tijd er was. In de zomer van 2009 wilde ik naar Suriname gaan. Dat bezoek zou de afsluiting worden van alle narigheid. Maar dat liep dus anders.

Ze werden met de brommer geschept door een auto en overleden ter plekke. Een van de laatste dingen die hij zei was: “Ik heb kinderen in Nederland.” Het deed me goed dat te horen. Het geeft me het gevoel dat hij echt nooit de intentie heeft gehad om ons te kwetsen. Kort voor het ongeluk had mijn vader me gezegd dat hij een verrassing had. Na de begrafenis hoorde ik dat zij in verwachting was.

Het contact met mijn moeder heb ik inmiddels verbroken. Ik neem het haar kwalijk dat ze ons niet heeft beschermd. Dat ze ons, haar kinderen, elk weekend in zo’n onveilige situatie bracht, terwijl ze wist wat er gebeurde. Van mijn tantes vind ik het zwak dat ze het gedrag van mijn vader afdeden als voodoo. Iemand had het zwijgen moeten doorbreken en moeten zorgen dat het geweld stopte. Mijn familie houd ik voorlopig op afstand, op mijn broertje na. Ik wil even niets met mijn verleden te maken hebben.’

* Om privacyredenen blijft deze geïnterviewde anoniem.
auteur

Brenda van Osch

» profiel van Brenda van Osch

Dit vind je misschien ook interessant

Advies

Ik wil liever niet samenwonen

Haar vader vocht als militair onder Bouterse en reageerde zijn trauma’s af op zijn gezin. Daar moc...
Lees verder
Verhaal

Geweld na de oorlog

Haar vader vocht als militair onder Bouterse en reageerde zijn trauma’s af op zijn gezin. Daar moc...
Lees verder
Branded content

Hoe cadeaus geven je relaties kan verdiepen

Natuurlijk draaien kerst en Sinterklaas niet alleen maar om cadeaus, maar de feestdagen zijn wel het...
Lees verder
Branded content

Hoe cadeaus geven je relaties kan verdiepen

Natuurlijk draaien kerst en Sinterklaas niet alleen maar om cadeaus, maar de feestdagen zijn wel het...
Lees verder
Advies

Ik twijfel over een schaamlipcorrectie

Ik ben een verstandig meisje van 20 jaar en ik twijfel soms om een schaamlipcorrectie te ondergaan. ...
Lees verder
Advies

Ik twijfel over een schaamlipcorrectie

Ik ben een verstandig meisje van 20 jaar en ik twijfel soms om een schaamlipcorrectie te ondergaan. ...
Lees verder
Advies

Ik was een ongewenst kind (2)

Haar vader vocht als militair onder Bouterse en reageerde zijn trauma’s af op zijn gezin. Daar moc...
Lees verder
Artikel

Het geheim van een goede relatie

De volmaakte liefde is de combinatie van hartstocht, intimiteit en het gevoel van 'commitment', de o...
Lees verder
Interview

‘Een betrokken vader helpt een kind vooruit’

Een eerlijke rolverdeling thuis is goed voor de vader, moeder én kinderen. Waarom vinden veel Neder...
Lees verder
Interview

‘Familiegeheimen zijn er niet voor niets’

Van incest tot vage ruzies die generaties teruggaan: elke familie houdt vuile was binnen, zegt hoogl...
Lees verder
Artikel

Een bron van misverstanden

Hyperactieve kinderen met een aandachtsstoornis zijn niet alleen zelf onrustig. Zij zijn ook het bra...
Lees verder
Interview

‘Mijn oma was helemaal niet rustig ingeslapen’

Als kind hoorde Monique dat haar lievelingsoma in haar slaap was overleden. Maar ze voelde dat er ie...
Lees verder