Wat zijn dit voor types?

Vaak klopt onze eerste indruk van iemand behoorlijk goed, maar zeker niet altijd. Dat kan ongewenste en soms ronduit gevaarlijke situaties opleveren. Hoe goed is uw mensenkennis? Bekijk eerst deze foto’s en probeer in te schatten wat deze mensen doen voor de kost. En wat voor persoonlijkheid hebben ze?

Van iedere persoon die we ontmoeten, vormen we ons direct een beeld. Die nieuwe sollicitant die een slap handje geeft? Zeker geen leiderstype. Dat groepje jongens met scooters dat rondhangt bij de supermarkt: daar kun je maar beter met een grote boog omheen lopen. Die man met die brede kaken en stoppelbaard die je ontmoet tijdens een speeddate? Vast iemand die zich niet kan binden. En die oudere vrouw met haar hondje, die kun je met een gerust hart vragen om even op je bagage te letten.

Maar hoe betrouwbaar is onze eerste indruk eigenlijk? Misschien helpen de scooterjongens je zware boodschappentas te tillen, loop je de liefde van je leven mis omdat je de stoppelbaard afschrijft als een man met bindingsangst, en vult de oude dame haar aow aan door portemonnees te stelen.

Onze eerste indruk vormt zich razendsnel en onbewust, schrijft hoogleraar psychologie Roos Vonk in haar boek De eerste indruk, waarvan onlangs een geactualiseerde druk verscheen. En het gebeurt óók bij mensen die zeggen dat ze niet zo snel met hun oordeel klaarstaan. Dat is dan ook kletskoek, zegt Vonk, want: ‘Iedereen heeft meteen een beeld van de ander; zo zit ons brein nu eenmaal in elkaar.

‘ Oordelen zit van oudsher bij ons ingebakken, omdat we in vroeger tijden om te overleven snel moesten weten of iemand ‘oké of niet oké’ was. Maar ook nu we onszelf niet meer in berenvellen hullen, is het volgens Vonk handig een snelle eerste indruk te hebben. ‘We moeten weten wie we beter willen leren kennen, met wie we willen samenwerken, met wie we willen uitgaan en met wie niet.’

Oké of niet oké?

En die eerste indruk is vaak opmerkelijk nauwkeurig, blijkt uit een groeiende stapel onderzoek naar de zogenoemde thin slices of behavior. Hierin krijgen mensen heel korte beeldfragmenten (slices) te zien van onbekenden. Onderzoeker Nalini Ambady van de Stanford-universiteit is pionier op dit gebied. In een van haar opmerkelijke onderzoeken maakte ze video-opnamen van een aantal leraren. Uit die filmpjes knipte ze willekeurig 30 seconden, die ze aan haar proefpersonen liet zien. Zij moesten de docenten vervolgens op verschillende punten beoordelen. Hoe zelfverzekerd waren ze bijvoorbeeld? Hoe actief? En: hoe competent?

Het resultaat was verrassend: hoewel de proefpersonen de leraren niet kenden en slechts een halve minuut film zagen, konden ze de docenten die goed waren in hun werk er makkelijk uitpikken. Hoe positiever de eerste indruk van de proefpersonen was, des te hoger de score die de leraren aan het eind van het semester van hun studenten kregen.

Omdat ze onder de indruk was van deze resultaten besloot Ambady de fragmenten nog korter te maken. Hoeveel informatie hebben we nodig om een redelijke indruk van iemand te krijgen? Het antwoord: zelfs bij een luttele zes seconden film konden de proefpersonen nog aanwijzen wie de beste leraren waren.

Sterker, we hebben niet eens bewégend beeld nodig: een foto kan al voldoende zijn. In een recent onderzoek gebruikte Ambady foto’s van partners van advocatenkantoren. Haar proefpersonen moesten van iedere foto zeggen hoe dominant, competent en volwassen degene was die erop stond. Het resultaat? De leidinggevenden die op basis van hun foto de meeste macht kregen toebedeeld, bleken te werken in de meest winstgevende bedrijven. Dat was zelfs het geval wanneer de foto’s van de managers niet afkomstig waren van de bedrijfswebsite, maar uit oude jaarboeken. Blijkbaar kunnen we iemands leiderschapskwaliteiten aflezen aan zijn gezicht.

Volgens Vonk kunnen we op basis van een kort fragment een redelijk beeld krijgen van een hele berg kenmerken: intelligentie, zorgvuldigheid, zelfvertrouwen, extraversie, opgewektheid, behulpzaamheid, empathie, politieke voorkeur en seksuele geaardheid – hoewel van sommige onze indruk correcter is. Het gaat dan vooral om extraversie, zegt David Kenny, die als een van de eersten onderzoek deed naar de betrouwbaarheid van de eerste indruk. Het onderzoek naar andere karaktertrekken is volgens Kenny minder eenduidig.

Pupilwijdte

Waarop baseren we eigenlijk onze eerste indruk? In eerste instantie vooral op het uiterlijk, zegt Vonk. Nog voordat iemand zijn mond heeft opengedaan of een stap gezet, hebben we al allerlei gevolgtrekkingen gemaakt op grond van uiterlijke kenmerken. In haar boek heeft Vonk daarover een aantal opmerkelijke feitjes verzameld: zo worden bebaarde mannen als politiek progressiever beschouwd, worden verdachten die zichzelf in zwarte kleding hullen eerder gezien als schuldig, en staan roodharige vrouwen te boek als wild en creatief.

Natuurlijk kijken we ook naar lichaamstaal. En hoewel we de hele dag conclusies trekken op basis van non-verbaal gedrag kunnen we niet uitleggen hóé we dat precies doen, zegt de Australische onderzoeker Jeff Thompson. We kunnen ons allemaal wel momenten herinneren waarop we iemand een engerd of juist erg sympathiek noemden. Maar, zegt Thompson, we vinden het lastig om onder woorden te brengen welke ‘micro-gedragingen’, zoals een gepaste hoeveelheid oogcontact of juist een verkrampte houding, we kennelijk koppelen aan ‘macro-eigenschappen’ als eng of sympathiek.

En dat is niet zo gek: zelfs een detail als de grootte van iemands pupil beïnvloedt onze eerste indruk. Verwijden iemands pupillen zich als hij naar je kijkt, dan komt dat positief over. Vonk: ‘De pupil van mensen wordt niet alleen groter in het donker, maar ook als ze naar iets kijken wat ze belangrijk, prettig of opwindend vinden.’ Bewust zul je dit niet merken, zegt ze. ‘Maar als iemands pupil groter wordt zodra hij of zij naar je kijkt, kan dat bijdragen aan een intuïtief gevoel dat die persoon jou leuk vindt.’

Uiteindelijk zuigen we alle informatie die we krijgen in ons op om andere mensen te beoordelen op twee dimensies: warmte en dominantie. ‘Wanneer we ons een eerste indruk vormen van iemand, is het dus niet één indruk. Het zijn er eigenlijk twee,’ zegt de Amerikaanse onderzoekster Amy Cuddy in een interview met het blad Wired. We beoordelen volgens haar allereerst hoe vriendelijk en hoe betrouwbaar iemand is. ‘Dat is eigenlijk antwoord geven op de vraag: wat zijn de intenties van deze persoon?’ De tweede vraag die we onszelf stellen, is: hoe sterk en bekwaam is deze persoon? Cuddy: ‘Oftewel, zijn ze in staat om die intenties ook uit te voeren?’ Volgens Cuddy laat onderzoek zien dat deze twee eigenschappen, ook wel de big two genoemd, voor 80 tot 90 procent onze eerste indruk bepalen.

Charmante seriemoordenaar

Hoewel we anderen over het algemeen dus best goed kunnen inschatten, betekent dat niet dat we kunnen blindvaren op onze eerste indruk. Nalini Ambady: ‘Ik zou nooit tegen iemand zeggen dat hij of zij altijd op zijn eerste indruk kan vertrouwen, of juist niet.’

De reden? We kunnen er gigantisch naast zitten. Een extreem voorbeeld van hoe fout onze eerste indruk kan zijn, is seriemoordenaar Ted Bundy. Zo op het eerste oog was hij een knappe, charismatische man, kwaliteiten die hij handig gebruikte om onfortuinlijke vrouwen met zich mee te lokken.

We laten ons dus verblinden door iemands knappe uiterlijk. Iets wat zelfs tijdens rechtszaken gebeurt: mooie mensen zijn in onze ogen minder schuldig, en daardoor krijgen knappe verdachten minder hoge straffen voor dezelfde vergrijpen. En zo zijn er nog veel meer zaken die onze eerste blik vertroebelen. Ook de stemming waarin we zelf zijn heeft bijvoorbeeld invloed op ons oordeel over anderen. In een goede bui denken we minder diep na over de vraag of we iemand kunnen vertrouwen of niet.

En dan gaat het nog niet eens over vooroordelen die onze blik kleuren (en nog meer lastige omstandigheden leest u op de pagina hiernaast). Neem nou het vooroordeel dat mannen minder empathisch zijn; hoewel de gemiddelde man misschien minder empathisch is dan de gemiddelde vrouw, geldt dat zeker niet voor alle mannen.

Het allerbelangrijkste, zegt onderzoeker David Kenny, is dat in onderzoeken naar de nauwkeurigheid van onze eerste indruk niet wordt gekeken naar het oordeel van één persoon, maar naar het gemiddelde van een hele hoop oordelen. In onderzoek zit dus de wijsheid van de groep vervat, die je in je eentje jammer genoeg ontbeert.

Daar komt nog eens bij dat onze eerste indruk een zichzelf versterkend fenomeen is. Hebben we ons eenmaal een beeld van iemand gevormd, dan stellen we die mening niet zo snel meer bij – tenzij we worden geconfronteerd met overtuigend tegenbewijs. Hoogleraar Roos Vonk: ‘Onze eerste indruk is van invloed op de manier waarop we iemand benaderen. Vinden we iemand dom, dan zullen we die persoon geen ingewikkelde vragen stellen. Lijkt iemand ons saai, dan zullen we diegene niet meevragen naar feestjes. En aan iemand die we een flapuit vinden, vertellen we geen geheimen. Zo krijgt de ander in feite geen kans om te laten zien dat we ons vergissen.’ Tal van redenen dus om toch even ruimte te maken voor een tweede indruk – of zelfs een derde.

o Hoe oud is hij?

o Welk beroep heeft hij?

o Wat is zijn hoogste opleiding?

o Neemt hij de leiding of kijkt hij de kat uit de boom?

o Waarvan droomt hij?

Michiel Eijsbouts (34)

Is tekstschrijver en heeft als hoogste opleiding vwo; andere studies, waaronder de kunstacademie, maakte hij niet af. Dominant type of niet? ‘Ik ben eerder iemand die de leiding neemt.’ Zijn grote droom: ‘Een eigen merk pastis ontwikkelen. Liefst met zoethoutsmaak; lekker als ik een sigaar rook.’

Brildragers worden gezien als slimmer dan mensen zonder bril.

Wie een pak draagt, straalt meer autoriteit uit en krijgt meer gedaan van anderen. Uit onderzoek bleek bijvoorbeeld dat managers eerder advies aannemen van een consultant met een duur pak en dure auto. Of dat ook voor vrolijk gedessineerde pakken geldt, is niet uitgezocht.

o Hoe oud is ze?

o Wat is haar hoogste opleiding?

o En haar beroep?

o Hoe positief staat ze in het leven?

o Op haar nachtkastje ligt: vijftig tinten grijs / wij zijn ons brein / een roman van chaja polak?

Loes Piller (55)

Een mbo-opleiding tot dokterassistente volgde ze, en nu heeft ze twee banen: doktersassistente en eigenares van een bed & breakfast. Positief ingesteld of niet? ‘Meestal is mijn glas half leeg: ik ben een zorgenmaakstertje, ik neem de problemen van de hele wereld op mijn schouders.’ Op dit moment leest ze De verlegen minnaars van Chaja Polak.

Vrouwen die make-up dragen (niet te veel!) worden mooier, gezonder en vrouwelijker gevonden. Ook worden ze eerder geassocieerd met hogestatusberoepen.

Brunettes worden gezien als het meest elegant en mysterieus. Blonde vrouwen juist als minder competent, maar wel jeugdiger – omdat ons haar donkerder kleurt als we ouder worden?

o Hoe oud is hij?

o Welke opleiding zou hij hebben?

o Is hij stylist, dj of jongerenwerker?

o Afwachtend type of neemt hij de touwtjes in handen?

o En: single, relatie, of eeuwige vrijgezel?

Stefano Richetta (35)

Dj, organisator van technofeesten en eigenaar van een dance-evenementenbureau. Zijn opleiding: hbo designmanagement. Neemt hij de leiding of kijkt hij de kat uit de boom? ‘Ik neem de touwtjes in handen.’ Hij heeft zes jaar een relatie.

Mannen met lang haar worden jonger geschat, maar we zien ze ook sneller als iemand die er lekker op los leeft.

Iemand die een asymmetrische houding aanneemt – waarbij de ene kant van je lichaam iets anders doet dan de andere – zien we als machtiger en dominanter.

o Hoe oud is hij?

o Wat voor werk doet hij?

o Zijn hoogste opleiding is…?

o Is hij graag in gezelschap?

o Hoe positief staat hij in het leven?

Jesse Lemon (23)

Hij werkt in de keuken van een restaurant en maakte de middelbare school af. Aan de foto is al te zien: zijn glas is meestal halfvol. Is hij ook een gezelschapsdier? ‘Nee, meer een einzelgänger.’

Een echte lach is een lach waarbij je tanden te zien en je ogen zijn samengeknepen. In een onderzoek bleken mensen die echt glimlachten op een foto in een jaarboek gemiddeld gelukkiger te zijn dan wie alleen zijn beste smile liet zien voor de foto.

Een baard laat iemand ouder lijken. Ook een linkse politieke voorkeur en een groter verantwoordelijkheidsgevoel associëren we met baardhaar.

Dit kleurt onze eerste indruk

Bij het vormen van een nauwkeurige eerste indruk spelen allerlei omstandigheden ons parten. Vijf opmerkelijke hindernissen:

1 Stereotypen Onze eerste indruk staat bol van stereotypen, zoals ‘dikke mensen zijn gezellig’, schrijft psycholoog Roos Vonk in haar boek De eerste indruk. Die invloed neemt af naarmate we iemand beter leren kennen. ‘Er zit vaak een “kern van waarheid” in stereotypen. Het probleem is dat ze gewoonlijk gedachteloos worden toegepast; dat we zonder erbij na te denken allerlei kenmerken aan een persoon toeschrijven, puur en alleen op grond van de categorie waartoe die persoon hoort.’

2 Je eigen humeur Amerikaanse onderzoekers ontdekten dat mensen in een positieve stemming minder diep nadenken wanneer ze moeten beslissen of iemand te vertrouwen is of juist niet. Ben je geneigd een onbekende te vertrouwen – bijvoorbeeld omdat hij supporter is van dezelfde voetbalclub als jij – dan doe je dat in een goede bui nog sneller. Vertrouw je iemand juist niet – omdat hij bij de tegenpartij hoort – dan wordt dat effect versterkt, zonder dat je je afvraagt of je oordeel wel terecht is.

3 Wat we het eerste over iemand horen Ook de informatie die we het eerst over iemand vernemen, kleurt onze blik. Uit een klassiek onderzoek van de Pools-Amerikaanse psycholoog Solomon Asch bleek dat mensen een positievere indruk hadden van iemand die beschreven werd als ‘intelligent, ijverig, impulsief, kritisch, koppig en jaloers’, dan wanneer de woordvolgorde werd veranderd in ‘jaloers, koppig, kritisch, impulsief, ijverig en intelligent’.

4 Je eigen persoonlijkheid Een bekende vertekening in de psychologie is de similarity bias: deze ‘vertekening door gelijksoortigheid’ houdt in dat we ten onrechte aannemen dat andere mensen meer op ons lijken dan ze eigenlijk doen. Ben je zelf bijvoorbeeld iemand die eerlijkheid meer waardeert dan tact, dan ga je er sneller van uit dat de ander ook zo in elkaar steekt.

5 De fundamentele attributiefout Nog een klassieker: bij het beoordelen van anderen overschatten we de invloed van iemands persoonlijkheid, en onderschatten we die van de situatie waarin hij of zij zich bevindt. Gooit iemand bijvoorbeeld zijn koffie om, dan denken we sneller ‘Wat een kluns’ in plaats van ‘De ober zette de koffie ook wel op een heel onhandige plek neer’.

Bekijk de filmpjes: klopt uw eerste indruk?

Ziet u meteen wat voor vlees u in de kuip heeft? Doe het experiment op psychologiemagazine.nl/tests

Bronnen o.a.: R. Vonk, De eerste indruk, Scriptum Pychologie, 2012 / L. Winerman, Thin slices of life, Monitor on psychology, 2005 / R. Lount, The impact of positive mood on trust in interpersonal and intergroup interactions, Journal of Personality and Social Psychology, 2010 / N. Ambady, R. Rosenthal, Half a minute: Predicting teacher evaluations from thin slices of nonverbal behavior and physical attractiveness, Journal of Personality and Social Psychology, 1993 / N. Rule, N. Ambady, Judgments of power from college yearbook photos and later career success, Social Psychological and Personality Science, 2011

auteur

Marloes Zevenhuizen

Mensen inwijden in de wondere wereld van de psychologie – niets vind ik leuker dan dat. En waar kan dat beter dan bij Psychologie Magazine?

» profiel van Marloes Zevenhuizen

Dit vind je misschien ook interessant

Advies

Word ik een engerd als ik kwaad word?

Vaak klopt onze eerste indruk van iemand behoorlijk goed, maar zeker niet altijd. Dat kan ongewenste...
Lees verder
Artikel

Wat zijn dit voor types?

Vaak klopt onze eerste indruk van iemand behoorlijk goed, maar zeker niet altijd. Dat kan ongewenste...
Lees verder
Video

Tygo Gernandt over de heftige momenten in ‘Tygo in de ...

In deze documentairereeks van de Evangelische Omroep duikt Tygo een maand lang in de complexe wereld...
Bekijk video
Video

Tygo Gernandt over de heftige momenten in ‘Tygo in de ...

In deze documentairereeks van de Evangelische Omroep duikt Tygo een maand lang in de complexe wereld...
Bekijk video
Artikel

Ik doe wel erg veel tegelijk

Hoofdredacteur Sterre van Leer ondergaat een non-verbaal assessment
Lees verder
Advies

Hoe kom ik minder afstandelijk over?

Vaak klopt onze eerste indruk van iemand behoorlijk goed, maar zeker niet altijd. Dat kan ongewenste...
Lees verder
Artikel

Gespiegeld

Vaak klopt onze eerste indruk van iemand behoorlijk goed, maar zeker niet altijd. Dat kan ongewenste...
Lees verder
Artikel

Verdriet slik ik letterlijk weg

Redacteur Dagmar van der Neut laat haar gezichtsmimiek analyseren
Lees verder
Artikel

Cursus lichaamstaal 2: Aankijken en blikrichting

Aankijken of wegkijken gaat over bereidheid tot contact. Zo laat je bijvoorbeeld in liften, het ope...
Lees verder
Kort

Lichaamstaal verraadt ware emotie

Dat lichaamshouding en gezichtsuitdrukkingen ons vaak meer vertellen over de emotionele toestand van...
Lees verder