Als een detective speurt een jongen van een jaar of twintig een meisjesslaapkamer af. Schaamteloos kijkt hij in alle kastjes en verborgen hoekjes – zelfs de la met ondergoed spaart hij niet – en geeft intussen commentaar: ‘Het ziet er netjes en schoon uit, wat betekent dat ze georganiseerd is. Hier zie ik een tennistrofee. Leuk, ze is dus sportief, net als ik. In de badkamer staan veel potjes crème – zou ze zoveel onderhoud nodig hebben?’

Dit is een scène uit het MTV-programma Roomraiders, waarin een vrijgezel uit drie potentiële dates moet kiezen, enkel op basis van hun (slaap)kamers. Helemaal niet zo’n gek idee. Want uit onderzoek blijkt dat persoonlijke ruimtes rijk zijn aan informatie over de mensen die ze bewonen, en dat een kort bezoek al een vrij goed beeld kan opleveren van iemands persoonlijkheid. Het zit hem allemaal in de details.

Uit losse onderzoeken was al gebleken dat bepaalde kenmerken informatie prijsgeven over de bewoner: mensen die buiten kerstversiering ophangen, zijn bijvoorbeeld extra gehecht aan hun buurt. Materialistische en ambitieuze mensen hebben een netter huis, terwijl het vaker rommelig is bij mensen die wat minder gevoelig zijn voor status. En mensen met een hek rond

hun huis, of een foto van de hond met ‘hier waak ik’, wonen vaak al een tijd op dezelfde plek en zijn nog lang niet van plan er weg te gaan.

Lange lijst

De Amerikaanse psycholoog Sam Gosling ging nog een stapje verder: hij wilde van álle voorwerpen en kenmerken in een huis weten wat ze prijsgeven over de persoonlijkheid van de eigenaar. Om dat te onderzoeken, bezocht hij een groot aantal studiowoningen op een onverwacht moment. Een team vulde op lange lijsten in wat er precies aanwezig was in de ruimtes aan spullen, en of het geheel kleurrijk was of somber, goed verlicht, modern, enzovoorts.

Vervolgens mocht een aantal onafhankelijke observanten de kamers bekijken en een gooi doen naar de persoonlijkheid van de eigenaren. Daarvoor gebruikten ze de vijf grote persoonlijkheidsdimensies: extraversie, emotionele (in)stabiliteit, openstaan voor ervaringen, vriendelijkheid en consciëntieusheid. De aanwezige spullen en kenmerken van de kamer vergeleek Gosling met het oordeel van de observanten én met de werkelijke persoonlijkheid van de bewoner.

Wat bleek: sommige persoonlijkheidstrekken hadden verbazend veel verband met de inrichting van iemands huis. Consciëntieuze mensen (georganiseerd, doelgericht en gedisciplineerd) bleken uiteraard te wonen in nette en opgeruimde huizen, met hun cd’s en boeken netjes geordend. Maar je kunt ze ook herkennen aan een licht huis. Andere kenmerken die een consciëntieuze bewoner verraden zijn een minimalistische, moderne inrichting en comfortabele meubelen.

Kleurpotloden

Mensen die hoog scoren op ‘openstaan voor ervaringen’, zijn vaak creatieve, dromerige personen die veel over dingen nadenken. Je herkent ze aan een aparte inrichting – geen standaard Ikea-interieur, dus. Daarnaast biedt een kritische blik op de boekenkast informatie. In tegenstelling tot wat de observanten dachten, houdt de hoeveelheid boeken en tijdschriften geen verband met openstaan. De gevarieerdheid wél. Iemand kan dus kasten vol boeken hebben, maar als ze over hetzelfde onderwerp gaan, is hij hoogstwaarschijnlijk niet open en intellectueel. Boeken over psychologie, kunst of poëzie zijn daarentegen wel een duidelijke aanwijzing voor openheid – net als creatieve spullen zoals kleurpotloden, internationale landkaarten, speelgoed, kaarsen en muziekinstrumenten.

Bewoners die juist niet openstaan voor nieuwe ervaringen – behoudende no-nonsense-types – hadden opvallend vaak sunblock, schoenpoets of een ventilator in huis. Ook boeken over politiek en humoristische boeken zijn een indicatie voor een minder open geest. Wilt u een dergelijke persoonlijkheid liever ontlopen, maak u dan maar direct uit de voeten.

Extraversie, vriendelijkheid en emotionele (in-)stabiliteit blijken moeilijker af te lezen uit iemands huis, hoewel de observanten in Goslings onderzoek er wel kenmerken van dachten te herkennen. Met een vrolijk, opgeruimd, comfortabel en uitnodigend huis maakt u bijvoorbeeld de indruk vriendelijk te zijn, terwijl die kenmerken in werkelijkheid geen verband hebben met uw persoonlijkheid. Waarschijnlijk leiden mensen van een prettige kamer af dat de bewoner ook aardig is, denken de onderzoekers.

– Ambitieuze mensen hebben een netter huis dan mensen die minder waarde hechten aan bezittingen en status.

– Creatieve mensen die openstaan voor het onbekende, bezitten vaak tijdschriften en boeken over uiteenlopende onderwerpen. De hoeveelheid boeken doet er dus niet toe.

– Boeken over kunst, poëzie en psychologie verraden een bewoner die dromerig en creatief is.

– Een moderne, minimalistische inrichting verraadt een nette, plichtsgetrouwe persoonlijkheid.

– Veel kunst (ook posters en reproducties) duidt op een originele, filosofisch ingestelde bewoner.

– Rumoerig huis? Grote kans op een extraverte bewoner.

– Cd’s en boeken netjes geordend? Dat wijst op een gedisciplineerde, doelgerichte persoonlijkheid.

– Een cassetterecorder (naast de cd-speler of iPod), internationale landkaarten, kaarsen, kleurpotloden, verzamelingen, muziekinstrumenten en speelgoed zijn aanwijzingen voor een fantasierijke bewoner die openstaat voor nieuwe ervaringen.

– Sunblock, schoenpoets of een ventilator zijn juist aanwijzingen voor een behoudend karakter.

– Veel decoratie in huis maakt een extraverte indruk. Maar dat hoeft niet te kloppen: er is geen verband gebleken met de persoonlijkheid van de bewoner.

– Een kleurige inrichting wekt een vriendelijke indruk. Rondslingerende kleren staan juist onvriendelijk.

– Vrouwen hebben meer foto’s van familie en vrienden in hun huis, en meer bloemen en planten.

– Mannen hebben meer sportattributen in huis en meer voorwerpen die met auto’s te maken hebben.

– Westerse mensen hebben meer foto’s van zichzelf dan Aziatische mensen.[/wpgpremiumcontent]