Mijn hart klopt in mijn keel en mijn handen trillen. Ik zit op een stoel voor in de zaal, mijn tekst in mijn handen geklemd. ‘Oké,’ denk ik, ‘ik kan dit echt wel. Mijn verhaal staat van A tot Z op papier, het kán niet misgaan, ik kan het altijd nog in één ruk voorlezen.’ Dan is het zover: de spreker die voor de zaal staat, kondigt me aan. Het voelt ongemakkelijk, mijn naam die wordt omgeroepen in een zaal vol vreemde mensen. Ik haal nog even diep adem, sta op en loop naar voren, het felle licht van de spots in.

TEST
Doe de test »

Waarvoor ben jij het bangst?

Door al dat licht in mijn ogen ontwaar ik slechts een eindeloze zee vage hoofden. ‘O, wat een hoop mensen,’ gaat het door me heen, ‘zouden ze het wel interessant vinden wat ik te vertellen heb?’ Mijn nek wordt warm, de microfoon voelt een beetje klam in mijn hand. ‘Welkom allemaal,’ lees ik van mijn papiertje voor, ‘fijn dat u er allemaal bent op deze lezersdag van Psychologie Magazine…’

Mijn speech is een inleiding bij een speelfilm die de ongeveer driehonderd aanwezigen gaan zien. Ik heb een luchtige tekst geschreven, met een persoonlijk tintje, en aanvankelijk wordt

Log in om verder te lezen.