Sanne (30) is freelance productontwerper en genomineerd voor een prijs van achtduizend euro. Maar dan moet ze wel haar ontwerp presenteren aan een volle zaal – tot haar afschuw. ‘Ik doe het toch, want het is wel achtduizend euro. Maar ik ben bang dat ik alles vergeet. Dat is al eens gebeurd. Bovendien word ik altijd rood, en ik kan honderd keer tegen mezelf zeggen dat het niet uitmaakt, maar dat maakt het wél.’ De angst sloeg toe toen ze in het eerste studiejaar een presentatie moest geven die ze slecht had voorbereid. ‘Ik stond daar voor die groep en wist bij God niet meer wat ik moest zeggen. Het werd zwart voor mijn ogen, ik dacht dat ik zou flauwvallen.’

TEST
Doe de test »

Is het tijd voor een nieuwe baan?

Oorzaak? Bijna iedereen is bang om te presenteren, stelt presentatietrainer Nicole Baars. ‘Het is ook onnatuurlijk. Volgens mij zit die angst diep in onze genen. Het is net alsof je in de oertijd tegenover een vijandige stam staat. Je voelt je bedreigd. De meest natuurlijke reactie is vluchten of vechten, maar niet blijven staan en praten.’ Baars geeft ook een psychologische oorzaak. ‘Je projecteert je innerlijke criticus op het publiek: je denkt dat iedereen jouw presentatie zo streng beoordeelt als

je zelf doet.’

Wat helpt? Vraag u eerst af of u de juiste persoon bent om die presentatie te geven. ‘U moet zeker weten dat u de deskundige bent op dit gebied en dat u boven de stof staat.’

Het allerbelangrijkste is een goede voorbereiding. Je niet voorbereiden – omdat je de taak uit angst bagatelliseert – werkt averechts. Baars: ‘Mensen die vinden dat ze niet bang mógen zijn, maar het intussen wel zijn, hebben het het zwaarst. Aan de ene kant voelen ze angst, aan de andere kant mag dat niet van henzelf. Dat kan een black-out veroorzaken. Accepteer dus dat u bang bent.’

Sanne heeft haar presentatieangst niet overwonnen, maar ze kan er tegenwoordig beter mee overweg. ‘Ik probeer in het begin een grapje te maken, om de gespannen sfeer te breken. En ik maak een powerpoint-presentatie waar álles op staat, zodat ik desnoods mijn tekst kan voorlezen. Wat ook helpt, is eerst te presenteren voor een paar vrienden.’ n

Presentatieangst

Angst voor de baas

U probeert uw baas te allen tijde te vermijden. Als u onverhoopt toch in dezelfde ruimte staat, maakt u zich zo onzichtbaar mogelijk. U spreekt hem nooit tegen, ook al bent u het lang niet altijd met hem eens. En krijgt u ondanks alles toch commentaar, dan is er een ramp geschied.

Oorzaak? Angst voor de baas is een sociale angst. Er zijn twee oorzaken voor te vinden, meent sociaal-pedagoog Ard Nieuwenbroek van Ortho Consult, dat gespecialiseerd is in faalangst. ‘Vaak projecteren mensen hun angst voor iemand uit hun verleden op hun baas, bijvoorbeeld hun vader of een lerares. Het gaat dan niet om de baas, maar om de positie van die baas en de gevoelens die uw ondergeschiktheid oproept.’ Het kan ook zijn dat u bang bent voor de invloed van een hoger geplaatst persoon. De mening van de baas kan gevolgen hebben voor uw positie. ‘Dan gaat het om het machtsaspect: je bent bang voor iedereen die invloed op je heeft. Dat speelt vooral bij mensen die alles in hun leven onder controle willen hebben.’

Wat helpt? ‘Heb niet de illusie dat het alleen aan de baas ligt,’ zegt Nieuwenbroek. De oorzaak ligt voor minstens vijftig procent bij u. ‘Anders zou iedereen bang zijn voor de baas.’ De baas ontvluchten heeft dus geen zin; begint u voor uzelf, dan blijken opdrachtgevers net zo eng te zijn. Uw angst wordt bovendien juist in stand gehouden door vermijding. U zult de oplossing alleen in uzelf vinden. ‘Daag irreële gedachten over uw baas uit. Vraag een collega om feedback. Ervaart uw collega dezelfde dingen als u? Het belangrijkste is dat u uw angstige hersenspinsels deelt met een ander. Dan kunnen anderen uw gedachten beïnvloeden.’ n

Angst voor deadlines of targets

De chef van de kledingzaak die bij sociaal pedagoog Ard Nieuwenbroek binnenstapte, was ten einde raad. Hij moest een flinke target halen, maar was als de dood om te falen. Bij klanten verkrampte hij, hij vergat dingen en begon te trillen. Terwijl hij als leidinggevende het goede voorbeeld wilde geven aan zijn medewerkers. Nieuwenbroek: ‘Vaak spelen irreële angsten een rol. Iemand denkt: “Ik kan het niet, ik kan het nooit meer.—’ Hij komt het steeds meer tegen in zijn praktijk. ‘Bedrijven stellen steeds vaker targets. Dat vind ik een zeer angstbevorderende uitvinding. Als mensen blokkeren, leidt het stellen van targets juist tot het tegenovergestelde resultaat.’

Oorzaak? Target- of deadlineangst is een vorm van faalangst. U stelt te hoge eisen aan uzelf, of uw omgeving stelt te hoge eisen. Nieuwenbroek: ‘Meestal spelen er ook andere factoren een rol. Je bent bijvoorbeeld perfectionistisch. Als je faalt op één front, heb je het gevoel dat anderen je op alle fronten afwijzen.’

Wat helpt? Ga voor uzelf na bij welke gebeurtenissen u blokkeert en welke gedachten u dan hebt. Gedachten die u een slecht gevoel geven, zijn meestal niet behulpzaam. In plaats van: ‘Ik ga die deadline nooit halen, en dan word ik vast ontslagen’ is het zinvoller om te denken: ‘Het wordt lastig om die deadline te halen, maar ik probeer het toch.’ Nieuwenbroek: ‘Bij die niet-helpende gedachtes moet je jezelf afvragen: is deze gedachte onomstotelijk waar? En helpt deze gedachte me om mijn doel te bereiken?’ Ook kan het helpen om het grote doel op te delen in kleinere, behapbare doelen en die stuk voor stuk af te werken. Dus niet in één keer die berg beklimmen, maar iedere dag een etappe afleggen. n

Telefoonangst

‘Ik belde vroeger nooit iemand en als de telefoon ging, liet ik iemand anders opnemen,’ vertelt Chantal (31). ‘Ik was bang dat ik het niet goed zou doen. Ik wist ook niet goed wát ik moest doen. Alleen als het echt moest, belde ik. Dat stelde ik uit tot het allerlaatste moment en dan stond ik te trillen van de zenuwen.’

Oorzaak? Vaak ligt er een angst voor afwijzing aan ten grondslag: u wilt iets van de ander gedaan krijgen en bent bang dat de ander nee zal zeggen. Verkopers blijken bijvoorbeeld vaak last te hebben van telefoonangst, omdat ze niet geloven in het product dat ze verkopen, er te weinig van afweten of bang zijn om te falen. Telefoonangst kan ook komen door een gebrek aan routine. U weet dan niet goed hoe u zich moet gedragen omdat u er te weinig ervaring mee hebt opgedaan. Telefoneren vraagt speciale sociale vaardigheden. Omdat alle non-verbale communicatie wegvalt bij een telefoongesprek, geeft dat onzekerheid en komen stiltes bijvoorbeeld harder aan.

Wat helpt? Veel mensen vinden het vervelend om te bellen, maar als de angst u belemmert in uw functioneren, is het tijd om er iets aan te doen. ‘Het is net als autorijden: je moet erdoorheen en routine opdoen,’ zegt Jan van den Berg, behandelend psycholoog bij angstcentrum ipzo. Begin meteen te bellen. ‘Als je uitstelt, bouw je anticipatieangst op: je gaat er zo tegen opzien, dat je angst voor de angst ontwikkelt.’

Ontspanningsoefeningen (benen stevig op de grond en diep ademhalen bijvoorbeeld) helpen om de spanning te verminderen. Nog een tip: begin met een minder eng telefoontje. Van den Berg laat bijvoorbeeld angstige bellers eerst naar een collega bellen voor informatie. ‘Als dat nog te eng is, beginnen we met een rollenspel. Elke keer als de spanning te groot wordt, stoppen we om te ontspannen en dan beginnen we weer opnieuw.’

Chantal pakte acht jaar geleden haar telefoonangst aan en volgde een cursus sociale vaardigheden bij de Vereniging van Verlegen Mensen (www.verlegenmensen.nl). ‘Ik wil nog wel uitstellen, maar als ik nu een telefoontje moet plegen, doe ik het meteen. Dat helpt.’ n

Angst voor de vrijdagmiddagborrel

Een presentatie houden, jagen voor de deadline – sommige mensen vinden alles best, zolang ze maar niet met collega’s de kroeg in hoeven. Volgens psychologe Marjolein van Burik, auteur van het boekje Een praatje maken, heeft 90 procent van de mensen moeite met het voeren van kleine, informele gesprekjes. Bij Van den Berg van angstcentrum ipzo komen ook mensen binnen die prima over hun werk kunnen praten, maar dichtslaan als ze het over andere dingen moeten hebben. Van den Berg: ‘Ze presteren goed in hun rol als deskundige en staan met flair op het podium. Maar ze voelen zich onhandig bij small talk. Vaak heeft dat met hun spanningsniveau te maken. Ze zitten niet lekker in hun vel en merken dat het niet lukt om te ontspannen.’

Oorzaak? Van den Berg: ‘Mensen die informele situaties lastig vinden, hebben vaak moeite met rolveranderingen. Ze moeten omschakelen van zakelijk naar informeel.’ De angst voor de vrijdagmiddagborrel kan ook voortkomen uit bloosangst of angst voor intimiteit. ‘Mensen die heel afstandelijk zijn opgevoed, hebben er bijvoorbeeld moeite mee als anderen dichterbij komen.’

Wat helpt? Bekwaam u in small talk. ‘Wie zich ongemakkelijk voelt in informele situaties, is vaak geneigd om snel van onderwerp naar onderwerp te schieten. Je moet in principe vijftien minuten over een broodje pindakaas kunnen praten.’ Richt u op uw gesprekspartner. ‘Mensen denken vaak dat alle aandacht op hen gericht is, maar dat komt doordat de angst hun beeld van de werkelijkheid vertekent. Als je geïnteresseerd bent in het gesprek, vergeet je om je zorgen te maken over de situatie. Dan verdwijnt een deel van de spanning vanzelf.’