Mensen die ‘zichzelf kwijt zijn’: gz-psycholoog en psychotherapeut Rogier Poels komt ze geregeld tegen in zijn praktijk. De man met een goede baan in de financiële sector die steeds sterker voelde dat hij geen ‘aap op de rots’ was zoals zijn collega’s, en er eigenlijk helemaal niet thuishoorde.

Checklist: Hoe gevoelig ben je voor sociaal voorgeschreven perfectionisme?

Een leuke baan hebben, naar de mooiste plekken reizen, hippe festivals bezoeken en in een esthetisch...

Lees verder

Het meisje dat angstig werd als iemand naar haar mening vroeg; wat werd er van haar verwacht, wat was het goede antwoord? De jongen die altijd had gedaan wat het meeste applaus opleverde: tekenen.

Totdat het hem steeds meer ging tegenstaan, hij vastliep en vervolgens in therapie ontdekte dat hij veel gelukkiger werd van een andere studierichting.

We voelen ons beter als we ‘onszelf’ zijn. Net doen alsof we iets fán-tás-tisch vinden terwijl we er niets aan vinden, of proberen bij een groep te horen die niet bij ons past, kost veel energie.

Een bekend probleem onder stewardessen, die de hele dag door rustig, opgewekt en behulpzaam moeten zijn. Ook als de passagiers lastig doen en hun vriend het net heeft uitgemaakt.

Onderzoek brengt de consequenties van niet jezelf (kunnen) zijn aan het licht. Daaruit bleek dat hoe sterker werknemers hun negatieve gevoelens moeten onderdrukken om het blije gezicht op te zetten dat van hen wordt verwacht, hoe meer risico ze lopen op burn-out, angsten en psychosomatische klachten.

Vier vaardigheden

Hoewel de huis-tuin-en-keukenwijsheid ‘wees jezelf’ al eeuwenlang floreert, is het wetenschappelijk bewijs hiervoor pas in de laatste tien jaar gekomen. Lange tijd is authenticiteit in de onderzoekswereld afgedaan als een ongrijpbare eigenschap.

Hoe kun je nu objectief vaststellen of iemand ‘zichzelf’ is? Maar rond het begin van deze eeuw, toen er door de opkomst van de positieve psychologie meer onderzoek kwam naar eigenschappen als dankbaarheid, wijsheid en moed, hebben verschillende onderzoeksgroepen zich vastgebeten in het onderwerp.

Wie authentiek is, weet wie hij is en accepteert zichzelf en gedraagt zich op een manier die dat uitdrukt, daar zijn de verschillende onderzoekers het over eens. Het maakt dus dat je trots op jezelf kunt zijn. Volgens de Amerikaanse onderzoekers Michael Kernis en Brian Goldman is authenticiteit een combinatie van vier vaardigheden.

De meest fundamentele noemen ze bewustzijn. Om jezelf te kunnen zijn moet je weten wie dat is. Je moet je bewust zijn van je sterke en zwakke kanten, je emoties, verlangens en gedachten. Dat gaat van weten welke kleren je mooi vindt tot je neiging tot terugtrekken bij ruzies kennen, tot weten hoe je je op bepaalde momenten voelt.

Ook als verschillende delen van jezelf met elkaar in conflict zijn. Bijvoorbeeld wanneer je het liefste zou willen wegrennen voor een speech die je moet houden, maar die je ondertussen toch ook graag wilt geven. Je bent je ook bewust van je minder rooskleurige kanten, zoals je opvliegendheid.

De tweede vaardigheid om authentiek te kunnen zijn, is objectief kunnen kijken naar alle informatie die iets over jezelf zegt. Zonder die te verdraaien, negeren of overdrijven. Bijvoorbeeld door kritiek serieus te nemen in plaats van in de verdediging te schieten, of door de pijn van afwijzing onder ogen te zien in plaats van net te doen alsof het je niets kan schelen.

De derde vaardigheid heet gedragsauthenticiteit: je waarden, behoeften en voorkeuren een plek geven in je leven en uitdragen. Dit is waar we aan denken bij ‘durf jezelf te zijn’. Maar om dat te kunnen, heb je de eerste twee vaardigheden hard nodig.

De laatste vaardigheid is jezelf laten zien in je relaties met anderen. Bijvoorbeeld door aan anderen te vertellen wat je behoeften zijn en wat er in je omgaat – ook als je daarmee anders blijkt te zijn dan anderen.

Hoe authentieker, hoe gelukkiger

Met deze vier eigenschappen als basis stelden Kernis en Goldman een vragenlijst samen. Hoe hoger mensen scoren op alle onderdelen, hoe tevredener ze zijn met hun leven en hun relaties, en hoe minder negatieve gevoelens ze hebben.

Hun zelfvertrouwen is stabieler. Hoe goed ze zich voelen over zichzelf hangt namelijk minder af van de goedkeuring van anderen. Blij zijn met jezelf is dan belangrijker dan of je goed afsteekt bij anderen.

Ook andere onderzoeksteams hebben de afgelopen jaren talloze positieve effecten van authenticiteit vastgesteld. Zo blijkt dat we extraverter, ontvankelijker, vriendelijker, verantwoordelijker en opgewekter zijn naarmate we ons authentieker voelen.

En authenticiteit, helpt je om trots te zijn op jezelf. Herkenbaar: in een situatie waar je geen ruimte hebt om jezelf te kunnen zijn, trek je je juist terug.

Daarnaast zijn bijzonder sterke verbanden vastgesteld tussen authenticiteit en hoe gelukkig we zijn met ons leven. Hoe meer je jezelf durft te zijn, hoe fijner je het leven vindt. Uit recent onderzoek wordt duidelijk dat we ons zelfs immoreel en onzuiver voelen wanneer we ons niet authentiek voelen.

Vrolijk als vriend(in)

We nemen vaak verschillende rollen aan in het leven. Zoals we bij onze partner zijn, verschilt vaak van hoe we bij onze ouders zijn. En de ongedwongen manier waarop we ons gedragen bij goede vrienden, perken we weer een beetje in op ons werk. In welke rol zijn we dan het meest onszelf?

De Amerikaanse psycholoog en onderzoeker Kennon Sheldon vroeg in de jaren negentig aan proefpersonen in hoeverre ze zichzelf kunnen zijn in vijf verschillende rollen: student, werknemer, vriend, kind en geliefde.

De persoonlijkheid van de proefpersonen bleek inderdaad echt te verschillen in deze vijf rollen. Bij hun partner lieten ze gemiddeld meer openheid zien, op hun werk waren ze plichtsgetrouwer, als student introverter en als vriend juist het meest extravert en opgewekt.

Maar wat vooral belangrijk bleek: hoe klein de verschillen waren. Hoe minder je persoonlijkheid verschilt in de rollen die je aanneemt in je leven, hoe authentieker je je voelt. En hoe authentieker je je voelt, hoe tevredener je bent met je verschillende rollen; hoe meer zelfvertrouwen je hebt; en hoe minder angst, stress en depressie.

Authentieke mensen gedragen zich dus vaker hetzelfde in contact met uiteenlopende mensen en ze zijn gelukkiger dan mensen die zich sterk aanpassen aan hun omgeving.

Oerbehoefte

Duidelijk: gewoon jezelf zijn dus. Maar dat is moeilijker dan we denken. Er is namelijk nog een andere sterke kracht die ons stuurt en die ook een groot effect heeft op ons welzijn. Dat is onze need to belong: het verlangen om betekenisvolle banden aan te gaan met anderen.

TEST
Doe de test »

Hoe (on)gezond is je perfectionisme?

Wanneer we te weinig goede vrienden hebben of buiten de groep vallen, heeft dat grote gevolgen voor onze psychische gezondheid, wordt duidelijk uit een enorme stapel onderzoek. Ons leven gaat zinloos aanvoelen, ons zelfvertrouwen daalt en de kans op depressie en zelfmoord neemt toe.

Het probleem is dat die oerbehoefte aan contact soms lijnrecht kan staan tegenover onze eveneens grote behoefte om onszelf te zijn. Soms worden onze eigenschappen, gevoelens en behoeftes nu eenmaal niet gewaardeerd door anderen. En soms past wie we zijn niet bij de heersende normen.

Wie slim is, uitgesproken, eerlijk, stil of juist luidruchtig, of wie gewoon ‘anders’ is, kan buiten de groep vallen. Hoe kun je jezelf zijn zonder afgewezen te worden als je een gevoelige ziel bent in een machowereld? Of een stoere vrouw in een kliek modepopjes?

En soms betekenen onze banden met anderen dat we voor hen moeten zorgen en daardoor nauwelijks aan onszelf toekomen. Dat geldt bijvoorbeeld voor veel mantelzorgers en jonge ouders.

Gespiegeld of juist gedeflecteerd?

Zo passen we ons vaak aan onze omgeving aan. Dat gaat meestal niet in de vorm van openlijke afwijzing en bewuste aanpassing, maar heel subtiel.

Het is een kwestie van je gespiegeld of juist ‘gedeflecteerd’ voelen, legt de Amerikaanse psychologe en psychotherapeute Helene Brenner uit in haar boek I know I’m in there somewhere.

Als je gespiegeld wordt, voel je je gezien, gehoord en begrepen. Bijvoorbeeld als je samen lacht om hetzelfde, als iemand geïnteresseerde vragen stelt, of ziet dat je een knuffel nodig hebt.

Gedeflecteerd worden is het tegenovergestelde. Je geeft iets van jezelf bloot en je krijgt er helemaal geen reactie op, of je wordt vreemd aangekeken, of niet serieus genomen. De ander begint bijvoorbeeld over zichzelf zonder in te gaan op wat je vertelde, of vindt dat je je niet zo druk moet maken.

Gedeflecteerd worden voelt heel onaangenaam, zegt Brenner. Alsof iemand de deur voor je neus dichtdoet. Het is dan ook iets wat iedereen graag vermijdt. En daarom leren we al snel welk gedrag en welke gevoelens door anderen worden gespiegeld en ontvangen, en welke gedeflecteerd.

Hoe groter onze natuurlijke behoefte aan contact, hoe meer we geneigd zijn om onze eigen wensen en verlangens opzij te zetten. Dat om maar zoveel mogelijk gespiegeld te worden en zo min mogelijk gedeflecteerd. De Amerikaanse sociaal psycholoog Mark Leary ontwikkelde een vragenlijst om de sterkte van onze need to belong te meten.

De lijst bevat stellingen als: ‘Ik wil het gevoel hebben dat er anderen zijn bij wie ik terechtkan in tijden van nood’ en ‘Ik vind het niet fijn om alleen te zijn’.

Mensen die hoog scoren op deze lijst, zo bleek, hebben inderdaad ook een groter verlangen om in de smaak te vallen bij anderen. En ze passen hun gedrag daar vaker op aan. Ze hebben bovendien een gevoelige sociale radar waarmee ze die subtiele signalen van acceptatie en afwijzing kunnen opvangen.

Ongevoelige ouders

Het proces van jezelf aanpassen aan anderen begint bij je ouders, stelt psychotherapeut Rogier Poels. ‘Tussen hun 1ste en 7de jaar leren kinderen wat ze zelf ergens van vinden. Daardoor leren ze op hun eigen gevoelens te vertrouwen.

Hoe beter ouders omgaan met de gevoelens van hun kind en met hun eigen gevoelens, hoe beter kinderen dat leren. Als een kind te vaak een compromis zoekt tussen zijn eigen emoties en de band met zijn ouders, en als dat steeds strijd oplevert, dan maakt het kind een keuze en past het zich aan. En dan gaat het mechanisme werken van steeds invullen wat je denkt dat de ander wil.’

Veel ouders kijken vooral naar het uiterlijke gedrag van hun kinderen. Wat daar ‘fout’ aan is corrigeren ze, zegt psychologe Brenner. Dat maakt duidelijk aan een kind dat er grote delen zijn van henzelf die geen liefde of aandacht verdienen.

Veelvoorkomende vormen van deflectie door ouders zijn volgens Brenner oordelen, controle uitoefenen en de gevoelens van kinderen ontkennen. Maar de meest voorkomende vorm is het simpelweg niet spiegelen wanneer een kind een levensvonkje laat zien dat duidelijk maakt: dit is wie ik ben.

Denk bijvoorbeeld aan een muzikaal kind dat uitgelaten danst als het zijn favoriete muziek hoort. Wat vervolgens door zijn ouders wordt afgedaan als aanstellerij.

Poels ziet het vaak misgaan wanneer kinderen met een rijk geschakeerd gevoelsleven opgroeien bij rationele, minder gevoelige ouders. Die snappen niet waar hun kinderen zo’n gedoe over maken.

Om te kunnen opgroeien zonder je ‘innerlijke stem’ te vergeten, zegt Brenner, is het essentieel om tenminste één belangrijke persoon in je leven te hebben die luistert naar je stem. En die serieus neemt wat je denkt, voelt en wilt.

Zo ‘moet’ je zijn

Behalve onze ouders zijn er nog meer invloeden die ‘gewoon’ jezelf zijn kunnen bemoeilijken. Groepsnormen op school en op het werk bijvoorbeeld. De druk om de perfecte ouder te zijn. Of de perfecte werknemer die zonder klagen extra uren maakt.

Verwachtingen van de maatschappij en in de media over wat ‘goed’ en ‘succesvol’ is: een relatie, een mooi huis, geweldige seks, leuke dingen doen in je vrije tijd, veel vrienden. En over wat de ‘juiste’ gevoelens zijn: opgewekt zijn, dapper doorstrijden, niet klagen, je niet slecht of ongelukkig voelen.

Zo leven veel mensen hun leven hoe het ‘zou moeten zijn’, zegt Brenner. En we nemen het onszelf kwalijk als het niet lukt om aan die verwachtingen te voldoen. Of dat we nog steeds niet gelukkig zijn terwijl we wel aan al die verwachtingen voldoen, wat toch het hoogste geluk zou moeten betekenen.

Terwijl juist die verwachtingen ter discussie moeten staan. De Amerikaanse schrijver Ralph Waldo Emerson zei al anderhalve eeuw geleden: ‘Jezelf zijn in een wereld die steeds probeert om je te veranderen is de grootste prestatie.’

Depressie op de loer

Wanneer je je in persoonlijke keuzes vooral laat leiden door je omgeving en niet kiest vanuit jezelf, dan kun je van jezelf vervreemden. Vermoeidheid, depressieve gevoelens, gepieker en getwijfel: het zijn allemaal signalen dat je niet ‘jezelf’ bent maar voortdurend een rol speelt.

Poels: ‘Niet jezelf zijn kost veel energie. Je moet steeds scannen wat anderen willen en vinden, of bedenken wat je hoort te doen en voelen, en je eigen neigingen en impulsen onderdrukken. Dat ligt vaak aan de basis van een depressie.

Training

Training Goed zoals je bent

  • Leer jezelf te accepteren
  • Omarm je imperfecties
  • Met boek Brené Brown cadeau
Bekijk de training
Nu maar
€ 99,-

Andersom merk ik duidelijk bij cliënten dat, zodra ze zichzelf weer leren volgen, er veel energie vrijkomt. Het is de basis van blij zijn met jezelf.’

Want ook als je jezelf helemaal kwijt bent, kun je de weg weer leren terugvinden. ‘Zelfs als je jaren niet luistert naar je innerlijke stem, wijst hij je niet af of verdwijnt hij niet compleet. Hij gaat gewoon naar de achtergrond, wordt zachter,’ zegt Brenner.

Durf jezelf te zijn

Om weer te leren luisteren naar die stem vanbinnen is het vooral belangrijk om stil te staan bij gevoelens en emoties. Wat vinden we prettig? Wat maakt ons blij of verdrietig? Waar maken we ons kwaad over? En waar gaat ons hart sneller van kloppen?

Ook stilstaan bij een samengeknepen gevoel in je keel, een knoop in je maag, een vaag gevoel van spanning of onrust geeft een schat aan informatie over wie je bent.

Een van de eerste opdrachten die Brenner dan ook aan haar cliënten geeft, is: sta regelmatig stil bij wat je ervaart en voelt. Even op de wc gaan zitten, je aandacht naar je lichaam brengen en je afvragen: hoe gaat het met me?

Of je er bewust van zijn zodra je een behoefte of neiging voelt opkomen, ook als het niet mogelijk is om er gehoor aan te geven. Van ‘ik zou wel even willen liggen om een uurtje te slapen’ en ‘ik heb zin om een eind te fietsen’ tot ‘die andere baan lijkt me wel wat’.

Dat wil niet zeggen dat we alleen maar moeten luisteren naar onze innerlijke stem. ‘Niets is minder waar,’ zegt Brenner. ‘Ik zou even bezorgd zijn om iemand die zich nooit door anderen laat raken en nooit van gedachten verandert, als om iemand die zich altijd door anderen laat beïnvloeden.

Maar hoe steviger je geankerd bent in jezelf en achter je eigen opvattingen staat, hoe meer je juist aan anderen kunt geven en echt naar ze kunt luisteren. Zonder bang te zijn om jezelf kwijt te raken.’

Leren stilstaan bij je eigen gevoelens

Als je helder voor ogen krijgt wat je eigenlijk zélf voelt en wilt, wordt het makkelijker om daaraan vast te houden. Vier oefeningen van psychologe en psychotherapeute Helene Brenner.

1. Neem een bewustzijnspauze

Neem af en toe een momentje pauze om stil te staan bij wat er gebeurt om je heen en in jezelf. Beschrijf het in gedachten: ‘Het eten staat op het vuur, de kinderen rennen rond en – hé, opmerkelijk – ik voel me een beetje eenzaam.’

Of: ‘Het is kwart over twaalf, ik werk mijn lunch snel weg en ik ben zenuwachtig voor de presentatie straks.’ Probeer alleen te registreren, observeren en neutraal te zijn tegenover je ervaringen.

2. Wat ik graag wil

Neem pen en papier en schrijf zoveel mogelijk wensen, verlangens en behoeftes op. Dat kan materieel zijn, iets dat je wilt bereiken, of zelfs utopische verlangens als wereldvrede.

Kijk naar alle verschillende gebieden in je leven: zoals werk, gezin, vrienden, familie, carrière, leren, gezondheid, persoonlijke ontwikkeling. Laat je fantasie de vrije loop. Oordeel niet of ze wel haalbaar zijn, of gek, of egoïstisch.

Kies uit die lijst vijf verlangens die je het meest een ‘jippie!’-gevoel geven. Schrijf ze op en hang ze ergens op waar je ze elke dag tegenkomt. Je hoeft ze niet waar te maken, alleen je ervan bewust te worden. Ook als ze onmogelijk zijn, helpt het om ze te erkennen.

3. Wat weet ik zeker?

Als je je verward, tegenstrijdig of schuldig voelt door alle stemmetjes en meningen in je hoofd, probeer dan te voelen wat je op dit moment, vanuit je hele lichaam, wél zeker weet.

Bijvoorbeeld: Ik weet dat deze opmerking pijn doet. Ik weet dat ik moe ben. Ik weet dat ik van hem hou. Ik weet dat ik blij word van dit gedeelte van mijn werk.

Als je vastloopt, begin dan met simpele waarheden als: Ik weet dat ik deze baan heb. Doe dit net zolang totdat je niets meer kunt bedenken dat je weet. Als je klaar bent: kijk naar de lijst en laat de waarheden bezinken.

4. Je eigen stem horen tussen alle andere

Om je eigen stem te horen moet je die leren onderscheiden van alle andere stemmen die in ons hoofd tetteren: de meningen, verwachtingen en gevoelens van anderen en uit de media.

Ook de bevelen die we aan onszelf geven ‘voor ons eigen bestwil’ zijn stemmen van buitenaf, zegt psychologe Brenner: we moeten afvallen, harder werken, ons over angsten en zorgen heenzetten, kortom: we moeten veranderen.

‘Als je hoofd is gevuld met kritische gedachten, dan is dat zeker niet je innerlijke stem, hoe waar die kritiek misschien ook mag lijken,’ zegt Brenner. ‘Je innerlijke stem is het tegenovergestelde van jezelf repareren en verbeteren. Hij komt voort uit zelfacceptatie.’

Neem voor deze oefening je vader of moeder in gedachten, of iemand anders die belangrijk voor je was toen je opgroeide. Probeer hem of haar voor je te zien.

Schrijf zoveel mogelijk dingen op die hij of zij vroeger tegen je zei. Schrijf ze als snelle verklaring-achtige zinnen of bevelen. Bijvoorbeeld: Eet je groente. Altijd bedanken. Eerst het zure en dan pas het zoete. Vergeet ook de positieve boodschappen van diegene niet, bijvoorbeeld: Je kunt alles worden wat je maar wilt.

Bronnen o.a.: B. Goldman, S. Maddox, Authenticity in the House: will the real House please stand up? hoofdstuk in House and Psychology, John Wiley & Sons, 2011 / A. Mengers, The benefits of being yourself (…), Capstone project University of Pennsylvania, 2014 / H. Brenner, I know I’m in there somewhere, Gotham Books, 2003

Uit de pas

Haar eigen weg bewandelen – voor journalist Judith van Ankeren betekende dat onder meer: een woonboot kopen, kinderloos blijven en niet meelachen met de rest. Persoonlijk verslag van een zoektocht.

‘Doe toch eens niet zo obstinaat.’ Ik was een jaar of 10 toen mijn basisschoolleraar dat tegen me zei. Thuis zocht ik in het woordenboek op wat het betekende en de meest positieve definitie in het rijtje was ‘eigenzinnig’.

Ik heb het altijd onthouden, misschien omdat het de eerste keer was dat het tot me doordrong dat ik niet helemaal in de pas liep. Die leraar was overigens een prima vent, die soms alleen (volkomen begrijpelijk) wat moe van mij werd.

Op de middelbare school werd ik vanwege diezelfde eigenzinnigheid na vier jaar dringend verzocht het elders te gaan proberen, omdat ik een ‘slechte invloed’ had op de andere leerlingen.

Aangezien ik een toekomst voor me zag die een diploma vereiste, besloot ik op de volgende school wat meer in het gareel te lopen. Dat kwam er in de praktijk op neer dat ik niet altijd precies deed wat ik wilde, of zei wat ik dacht. Eigenlijk heel gewone sociale normen, die ik relatief laat oppikte.

Dat je ook op weerstand stuit als je binnen de maatschappelijke grenzen af en toe een wat minder belopen paadje neemt, merkte ik later in mijn leven. Toen ik bijvoorbeeld een woonboot kocht in plaats van een ‘gewoon’ huis, kon ik met moeite een hypotheek krijgen en alleen tegen een hogere rente.

En de keren dat ik tussen mijn 25e en 45e heb moeten uitleggen waarom ik geen kinderen wilde, zijn niet te tellen. Dat ernaar gevraagd werd, vond ik op zich niet gek, want de overgrote meerderheid van de vrouwen wil nu eenmaal wél kinderen. Volgens cijfers van het CBS is slechts 5,5 procent van de vrouwen bewust kinderloos.

Maar het was vooral die soms verontwaardigde ondertoon die ik niet zo goed begreep, en die besloten lag in de vraag: ‘Heb je soms een hekel aan kinderen?’ En als ik eens blij met een nieuwbakken baby van een vriendin op schoot zat, kon ik steevast rekenen op opmerkingen als: ‘Ah, zie je wel, het staat je hartstikke goed’, en: ‘Gaat het nou toch niet kriebelen?’

Kennelijk willen mensen graag dat je doet wat de meesten doen. Misschien is het de menselijke behoefte om jezelf gespiegeld te zien in anderen. Het is immers bevestigend als je met z’n allen zo’n beetje op hetzelfde spoor zit.

Vrouwonvriendelijk

Mijn eigen pad kiezen en mezelf zijn lukt helaas niet altijd. Zeker op werkgebied is het soms lastig. Ik heb als freelancer weleens een opdrachtgever gehad waarbij ik me helemaal niet thuis voelde.

Een mannelijke collega maakte graag vrouwonvriendelijke grapjes waar de andere mannen dan hartelijk om lachten. Omdat ik met hem moest samenwerken, gingen die grapjes vaak ten koste van mij en het lukte me
niet goed om daarmee te dealen.

Boos worden durfde ik niet, bang om flauw gevonden te worden. Want het waren toch gewoon maar geintjes? Ik voelde me ondertussen steeds kleiner worden.

Het vervelende was dat het een klus op locatie in het buitenland betrof, zodat we weken achtereen dag en nacht met elkaar opgescheept zaten. Ik wilde niet nóg meer buiten de groep vallen, dus ging ik maar mee naar de lokale karaokebar – terwijl ik karaokebars haat. Ik zie me nog sullig staan met een biertje in mijn hand.

Toen de opdrachtgever en ik na de klus ‘in goed overleg’ uit elkaar gingen, was dat een financiële aderlating, maar ook een enorme opluchting.

Als ik eraan terugdenk, krijg ik nog altijd een beetje buikpijn. Confronterend dat ik blijkbaar zo ver van mezelf verwijderd kan raken dat ik me op de kop laat zitten door een stelletje kerels.

Gelukkig leven

Deze ervaring heeft voor mij bevestigd hoe ondermijnend het is als je op je tenen moet lopen en je anders moet voordoen dan je bent. En ook hoe makkelijk het je toch kan overkomen.

Natuurlijk is het niet erg om je soms aan te passen of iets te doen wat je minder leuk vindt, maar wel als je jezelf daarbij compleet verliest. Niet voor niets komt uit onderzoek een sterk verband tussen authenticiteit en geestelijk welzijn naar voren.

Jezelf kunnen zijn is een belangrijke voorwaarde voor een gelukkig leven. Misschien wel de belangrijkste. Als dat in mijn geval een tikje obstinaat betekent, dan is dat maar zo.