Gek genoeg herinner ik me totaal niet wat ik uiteindelijk heb gedaan – die hand teruggelegd, opgestaan en weggelopen? Terwijl ik nu nog exact weet hoe het voelde: alsof iemand een hand op mijn keel legde en me verstikte. Ik verstijfde. Ik had natuurlijk boos moeten worden en van me afbijten, maar ik zat daar maar verlamd in mijn zwartwitte stippenshortje, terwijl die hand daar lag.

Training

Vergroot je assertiviteit

  • Beter voor jezelf opkomen
  • Nee zeggen zonder schuldgevoel
  • Inspirerende video’s met trainer Nienke Verhoeven
bekijk de training
Nu maar
€ 75,-

Als een ander inbreuk maakt op onze fysieke ruimte, dan voelen we dat meteen. Ons zenuwstelsel schiet in de alerte stand en we maken een pijlsnelle inschatting: wat is deze persoon van plan; loop ik risico; vind ik dit prettig? Die alertheid helpt ons onze grenzen te bewaken. Sommige mensen mogen bijvoorbeeld dichterbij komen dan andere. Neem die ex van lang geleden die er een handje van heeft om te dichtbij te komen staan – kennelijk gaat hij ervan uit dat jullie nog steeds in elkaars intieme ruimte zitten, terwijl jij steeds een stapje achteruit moet als hij dichterbij komt dan de anderhalve meter van de sociale zone.

Hadden we ook maar zo’n scherp instinct om te ontdekken wanneer iemand onze mentale ruimte betreedt. Want zo goed als we een fysieke ik-grens hebben, zo hebben we ook een innerlijke wereld van gedachten en gevoelens die onze bescherming verdient. En juist die grens mogen we veel beter bewaken, stelt psychotherapeut Nick Blaser. Al die keren dat je je overvraagd voelt, lacht om dingen die je niet echt grappig vindt, een zeurend kind zijn zin geeft en daar achteraf kribbig over wordt, meer prijsgeeft in een gesprek dan je van plan was of in je tepels laat knijpen omdat die ander dat zo opwindend vindt: al die keren is je ik-grens in het geding. En we hebben het vaak te laat door.
Want waar je grens ligt, weet je vaak pas als er iemand overheen gaat. Of dat nou gaat om een hand op een dij of om een verzoek waar je ja op zegt terwijl je nee bedoelde. Gelukkig kun je jezelf wel trainen in opmerkzaamheid. Net zoals je kunt leren beter voor jezelf op te komen.