Frank Furedi: ‘Opvoedboeken staan vol klinkklare onzin’

Socioloog Frank Furedi windt er geen doekjes om: kinderen worden tegenwoordig hopeloos betutteld. Ouders trouwens ook. ‘Zomaar tegen een kind zeggen dat je iets niet goed vindt, mag niet meer.’

We zijn bang, we ontwaren overal bedreigingen – en dat doorgaans zonder echte aanleiding. Ziedaar kort samengevat de boodschap die Frank Furedi (63) de afgelopen jaren in al zijn boeken en artikelen uitventte. Of het nu gaat om terrorisme, akelige ziekten of de opvoeding van onze kinderen; volgens de Brits-Hongaarse hoogleraar sociologie zijn we het vertrouwen in onszelf én in de autoriteiten kwijtgeraakt. Een kwalijke ontwikkeling waartegen deze zelfverklaarde humanist zich in al zijn boeken, artikelen en opiniestukken uitspreekt. Binnenkort verschijnt zijn recentste boek, Wasted: Why education isn’t educating, in Nederlandse vertaling. Daarin voert hij opnieuw bewijzen aan voor zijn overtuiging dat we op een vreemde manier met kinderen omgaan.

We verwachten te weinig van onze kinderen – dat is, kort samengevat, wat u in dit boek beweert.

‘Inderdaad. Het hele onderwijssysteem is vandaag de dag gefocust op leerstoornissen en motivatieproblemen. Toen mijn vrouw en ik acht jaar geleden een school zochten voor onze 6-jarige zoon, luidde het verkooppraatje van de scholen die we bezochten nooit: kijk nou eens hoe geweldig onze taal- en rekenlessen zijn en wat voor uitdagende extra’s wij te bieden hebben. Nee, we kregen vooral hele verhalen te horen over de fantastische hulpprogramma’s die ze kinderen te

bieden hadden. Alsof het al vaststond dat onze zoon dyslectisch, verlegen, onzeker en ongeconcentreerd zou zijn.’

Mijn indruk is juist dat alle ouders tegenwoordig een hoogbegaafd kind denken te hebben.

‘Als het om hun éígen kroost gaat, ja, dan hebben mensen hoge verwachtingen. Daar is ook een hele industrie op gebaseerd. De winkels liggen vol voedingsmiddelen die goed zouden zijn voor het kinderbrein, en vol speelgoed dat van 2-jarigen kleine Einsteins belooft te maken. Elk voor zich zijn ouders enorm ambitieus.

Maar het gekke is dat we als collectief alleen nog maar lijken te verwachten dat kinderen faalangst hebben, niet gemotiveerd zijn, met aandachtsproblemen kampen enzovoorts. Het hele schoolsysteem heeft zijn verwachtingen de afgelopen decennia naar beneden bijgesteld. Het onderwijs mag vooral niet te competitief zijn, want dat zou kinderen weleens onzeker kunnen maken. En ze mogen zich ook niet vervelen. Het gevolg is dat het onderwijs de kinderen infantiliseert. Mijn zoon zit nu, op zijn veertiende, tijdens de aardrijkskundeles nóg werkvellen in te kleuren. De jeugd kleurt wat af op school – verschrikkelijk!

En zelfs op de universiteit gaan ze ervan uit dat maar een klein deel van de populatie echt een intellectuele uitdaging aankan. Ik kreeg op mijn universiteit ook al eens de kritiek dat ik foute onderwijstechnieken hanteerde.’

Wat had u gedaan?

‘Mijn studenten verteld dat ze boeken eens helemaal moesten lezen! Dat ze zich echt in de materie moesten verdiepen.’

En dat mag je van een universitaire student niet meer verwachten?

‘Kennelijk niet. De universiteiten zijn in de ban van het idee dat studenten hun klant zijn. En die klanten komen naar de universiteit om een universitaire titel te halen. Daar betalen ze voor, en dus hebben ze recht op een nauwomschreven onderwijspakket. Dat ik dan ineens extra eisen aan ze stel, omdat ik denk dat dat goed voor ze is, past niet in het plaatje van de consument-student.’

Oké, van universitaire studenten mag je leergierigheid eisen. Maar de meeste kinderen hebben het niet in zich uiteindelijk naar de universiteit te gaan. Doe je hún wel echt recht als je zo veel van ze verwacht?

‘Ik denk van wel. Ik denk dat kinderen tot verrassend veel in staat zijn als je ze serieus neemt en echt geïnspireerd over je vak vertelt. Een goed voorbeeld is voor mij een wiskundeleraar die ik ken. Wiskunde is niet populair, veel kinderen denken “o jee” als het woord alleen al valt. Maar deze man loopt altijd handenwrijvend zijn klassen binnen en zegt dan tegen zijn leerlingen – kinderen van 7, 8 jaar oud – “Oké, wiskundigen!” Daarmee straalt hij uit: wat een heerlijk vak is wiskunde toch, laten we er lekker met z’n allen mee aan de slag gaan. En het wérkt, hij boekt geweldige resultaten.’

U ziet duidelijk meer in prikkelen en uitdagen dan in empty praise, zoals u het noemt. Waarom vindt u ‘lege lof’ zo gevaarlijk?

‘Het idee heerst dat kinderen eerst zelfvertrouwen moeten hebben voor ze iets kunnen leren. Maar ik vind dat dat zelfvertrouwen wel ergens op gebaseerd moet zijn. Er moeten prestaties aan ten grondslag liggen. Een goede school biedt leerlingen de gelegenheid om te ontdekken op welk vlak zij kunnen presteren, en helpt ze dan dat talent verder te ontwikkelen. Daarvoor moet je dus goed naar het individuele kind kijken. En dat is iets heel anders dan wat er gebeurt bij het fenomeen esteem education [‘loflessen’, red.], dat nu komt overgewaaid uit de Verenigde Staten. Daar krijgen kinderen om de haverklap complimentjes toegewuifd, zelfs al heeft dat wat ze hebben gedaan ze nauwelijks moeite gekost. Vast goed voor hun ego, maar of ze er beter van worden in wiskunde?

Mijn stelregel is dat je zowel bij lof als bij kritiek heel goed moet kijken naar wie je voor je hebt. Zwakke, onzekere studenten zal ik nooit harde kritiek geven, maar voor studenten in wie ik veel zie, ben ik ronduit streng. Voer de druk maar op, maak het ze moeilijk! Dat hebben ze nodig. Ik hoor van mijn studenten en promovendi vaak dat ze al snel doorhadden in wie ik het meest zag. Die kreeg de hardste kritiek.’

Ik zeg weleens tegen mijn dochtertje dat ik een tekening van haar niet mooi vind, dat ik weet dat ze beter kan. Toen ik dat ooit aan collega’s vertelde, waren ze gechoqueerd.

‘Ook weer zoiets! Je moet tegenwoordig enorm op je taal letten. Zomaar tegen een kind zeggen dat je iets niet goed vindt, mag niet meer. Het moet allemaal ingekleed worden in retorische trucs. Zo sluipt er een gevaarlijke oneerlijkheid in de relatie met onze kinderen. Alle spontaniteit en natuurlijke sensibiliteit verdwijnt dan uit de relatie.’

Zo te horen bent u geen voorstander van boeken en cursussen over opvoeding.

‘Nee! Ik persoonlijk denk dat de meeste total bullshit zijn. Ze gaan vaak meer over het socialiseren van de ouders dan over het opvoeden van een kind. Weet je dat er in Engeland al boeken verschijnen waarin vaders kunnen lezen dat ze tegen hun baby moeten glimlachen? Hoe stom denken ze dat vaders zijn! Er zijn ook boeken over hoe je je kind moet knuffelen, hoe je het moet aanraken. Ik snapte eerst niet waarom die er allemaal waren, maar als je ze beter bekijkt, zie je: de auteurs gaan er eigenlijk van uit dat veel mannen gewelddadig zijn tegen hun kinderen. Dat maakt me boos. Wees daar dan eerlijk over en kom niet met onzinnige tips.’

U vindt zulke boeken echt onzinnig?

‘Ja. Want wat je er wél uit leert, leidt af van het leren uit eigen ervaring. Ouders worden ontmoedigd om naar hun kind en naar hun eigen innerlijk te kijken, om hun intuïtie te gebruiken. Hoe meer je als ouder te horen krijgt dat je dít wel moet doen en dát vooral niet, hoe verder je verwijderd raakt van jezelf en je kind.’

Denkt u dat de meeste ouders op opvoedingsgebied een goede intuïtie hebben?

‘Alle ouders hebben de potentie tot een goede intuïtie. Maar natuurlijk, alle ouders zullen weleens stomme dingen doen. Ik heb ook dingen gedaan waar ik spijt van heb. De meeste ouders die ik ken, hebben dat. Maar daar léér je toch ook weer van? Fouten maken hoort er gewoon bij, het is onderdeel van het mens-zijn. Het helpt als je kunt zeggen: “Sorry, dat was stom van me.” Dan ziet het kind dat je je best doet, en ik denk dat kinderen dat waarderen. Zolang je maar onvoorwaardelijk van ze houdt. Zolang ze voelen dat je dát doet, is het oké. Geen relatie zal ooit helemaal vrij van spanningen zijn, maar zolang er ook maar begrip en betrokkenheid is, hoeft dat echt geen probleem te zijn.’

Tot ouders hun kinderen gaan slaan.

‘Zelfs dat hoeft geen enorm probleem te zijn. Tien jaar geleden heb ik uit een onderzoeksproject onder zwarte Amerikaanse kinderen geleerd dat geslagen worden lang niet altijd vreselijk wordt gevonden. Ik heb toen een aantal kinderen geïnterviewd en wat zij zeiden, was: “Als mijn moeder me slaat, weet ik tenminste dat ze me serieus neemt, dat wat ik doe belangrijk is voor haar.” Of: “Andere kinderen worden verwaarloosd, die hebben niemand die tegen ze zegt: niet doen.” Let wel, ik ben geen voorstander van slaan, maar kinderen voelen heus het verschil tussen slaag omdat hun ouders ongeduldig zijn of geen zin in ze hebben, en slaag omdat hun ouders oprecht bezorgd zijn. Met dat laatste kunnen ze best omgaan.

Wat ik persoonlijk eigenlijk veel triester vind, zijn die keurige modale gezinnen waarin alles volgens de regels wordt gedaan, waarin de kinderen precies volgens de boekjes worden bejegend, maar waar het ontbreekt aan spontane liefde en zorg voor elkaar.’

Ik denk niet dat veel ‘weldenkende’ mensen dat tegenwoordig zo zouden durven zeggen. Hoe komt het dat u zo graag provocerende uitspraken doet?

‘Interessant dat u dat zegt. Ben ik zo provocerend? Als dat zo is, dan is dat niet om te choqueren, maar omdat ik de ervaring heb dat je het meest leert wanneer je een argument tot het uiterste doorredeneert. Dat levert de meest verhelderende reacties op. Ik vind het belangrijk om uitdagend en confronterend te zijn, zolang je maar open genoeg bent om naar anderen te luisteren en van je ervaringen te leren. En ik geloof wel dat ik dat ben. Open, en bereid om fouten toe te geven.

Frank Furedi (1947) werd geboren in Boedapest, maar emigreerde na de mislukte Hongaarse opstand in 1956 met zijn ouders naar Canada. Sinds 1969 woont hij in Engeland, waar hij studeerde en promoveerde aan de School of Oriental and African Studies. Na zijn promotie verdiepte hij zich eerst in thema’s als racisme en imperialisme. Maar in de jaren negentig verschoof zijn belangstelling naar onderwerpen als opvoeding, onderwijs, onze obsessie met kwetsbaarheid en de manier waarop westerse samenlevingen met risico’s omgaan. Furedi is hoogleraar sociologie aan de universiteit van Canterbury, en schrijft daarnaast veel opiniestukken. Verder schreef hij afgelopen decennium bijna ieder jaar een boek. In Nederland maakte hij onder andere naam met zijn boeken Bange ouders: Opvoeden zonder zorgen en Cultuur van angst.

auteur

Anne Pek

Gezondheid is zoveel meer dan niet ziek zijn. Het is ook lekker in je vel zitten, zin hebben in dingen, ermee kunnen omgaan als het even tegenzit. Als wetenschapsjournalist volg ik gretig het onderzoek naar alles wat ons geestelijke en fysieke welzijn beïnvloedt, en al sinds 2005 schrijf ik voor Psychologie Magazine over gezondheid in die brede zin.

» profiel van Anne Pek

Dit vind je misschien ook interessant

Artikel

Van buiten 17, van binnen 12

Een kind dat al heel jong gaat puberen, valt ten prooi aan ingewikkelde gevoelens. Het oogt ouder en...
Lees verder
Artikel

Van buiten 17, van binnen 12

Een kind dat al heel jong gaat puberen, valt ten prooi aan ingewikkelde gevoelens. Het oogt ouder en...
Lees verder
Branded content

Hoe cadeaus geven je relaties kan verdiepen

Natuurlijk draaien kerst en Sinterklaas niet alleen maar om cadeaus, maar de feestdagen zijn wel het...
Lees verder
Branded content

Hoe cadeaus geven je relaties kan verdiepen

Natuurlijk draaien kerst en Sinterklaas niet alleen maar om cadeaus, maar de feestdagen zijn wel het...
Lees verder
Column

Hoofdredacteur Sterre van Leer: Gewoon bijzonder

Herken je dit: dat je soms volschiet om dingen die een ander niet eens ziet – van zielige honden t...
Lees verder
Column

Hoofdredacteur Sterre van Leer: Gewoon bijzonder

Herken je dit: dat je soms volschiet om dingen die een ander niet eens ziet – van zielige honden t...
Lees verder
Artikel

Poll: Moeders zijn over het algemeen beter in het opvoeden v...

Socioloog Frank Furedi windt er geen doekjes om: kinderen worden tegenwoordig hopeloos betutteld. Ou...
Lees verder
Artikel

Mindful met je kind

Aandachtig, zonder oordeel en met een milde blik omgaan met je kind. Dat is mindful ouderschap, zegt...
Lees verder
Artikel

‘Ik was een einzelgänger’

Socioloog Frank Furedi windt er geen doekjes om: kinderen worden tegenwoordig hopeloos betutteld. Ou...
Lees verder
Artikel

Opvoeden als vak

Socioloog Frank Furedi windt er geen doekjes om: kinderen worden tegenwoordig hopeloos betutteld. Ou...
Lees verder
Artikel

Ontroostbaar, maar kerngezond

Huilbaby’s huilen niet vanwege een medische oorzaak, blijkt uit recent onderzoek. Dus moet het aan...
Lees verder
Kort

Zo eten kinderen wél groente

Kinderen groente laten eten kan behoorlijk lastig zijn. Hoe vergroot je de slagingskans?
Lees verder