Boek van de maand: Een tandje minder graag

Het is min of meer verplicht om het druk te hebben en als je dat niet trekt, ligt het aan jezelf. Maar intussen vallen steeds meer mensen van de wagen. Hoogleraar Tanja van der Lippe pleit dan ook voor een samenleving met minder stress.

Hoera! We bestaan 40 jaar

En dat vieren we met winacties en gratis downloads, 40 dagen lang. Feest je mee?

Ja, ik feest mee

‘Druk, druk, druk’ is een enorm cliché. Iedereen heeft het tenslotte druk, toch? Maar hebben we het echt drukker gekregen dan onze (voor-)ouders, die vaak langere werkweken hadden, niet beschikten over bijvoorbeeld een vaatwasser en niet even eten konden bestellen? Of ervaren we dat vooral zo?

Tanja van der Lippe, hoogleraar sociologie, doet al jaren onderzoek naar tijdsbesteding en tijdsdruk. Zij constateert dat we het sinds de jaren ’70 wel degelijk iets drukker hebben gekregen: zo’n 15 procent. Maar het is vooral ons gevoel van drukte dat sterk is toegenomen en dat komt doordat we meer verschillende dingen doen.

Wie het te druk heeft, moet zijn grenzen maar beter bewaken, is de gedachte. Maar zo simpel ligt het niet, blijkt uit sociologisch onderzoek. In onze maatschappij is het namelijk normaal om veel te willen, te doen en te kunnen.

We willen onze kinderen genoeg aandacht geven, maar ook succes hebben, gezond eten en sporten. We doen ons best om een flexibele werknemer, maar ook een goede ouder, partner, mantelzorger en vriend(in) te zijn. We kunnen 24/7 bereikbaar zijn en uit duizend-en-een mogelijkheden kiezen. Druk zijn heeft in onze cultuur zelfs een statusverhogend effect.

Die continue tijdsdruk heeft negatieve gevolgen. Vier op de tien mensen voelen zich opgejaagd. Gezondheidsproblemen door te veel stress komen steeds meer voor – denk aan depressie, burn-out en een hoge bloeddruk. Als we niets veranderen, stevenen we volgens Van der Lippe af op een ratracesamenleving waarin alleen de sterksten het volhouden en steeds meer mensen uitvallen.

Hoe je jezelf daarvoor kunt behoeden, is heel persoonlijk, stelt ze. De een is bijvoorbeeld meer een integreerder en vaart er wel bij als alle taken door elkaar lopen. De ander is juist een segmenteerder en houdt werk en privé liever gescheiden. Als je daar rekening mee houdt, kun je al veel stress buiten de deur houden.

Maar om écht iets te kunnen veranderen, zal de hele maatschappij een flinke slag moeten maken naar een betere balans tussen inspanning en ontspanning, bepleit Van der Lippe. ‘Goed genoeg’ moet vaker daadwerkelijk genoeg zijn.

Tanja van der Lippe, Waar blijft mijn tijd? Waarom we zoveel willen, moeten en kunnen, Prometheus, € 20,99

Toontje lager

We hebben allemaal een stemmetje in ons hoofd. Meestal functioneert dat goed en coacht het ons de juiste kant op, maar bij spanningen kan het stemmetje volgens neurowetenschapper Ethan Kross nogal negatief gaan ratelen en vooral vertellen wat er allemaal wel niet deugt. Op basis van onderzoek en aansprekende anekdotes laat Kross zien hoe destructief dat kan zijn.

Hoera! We bestaan 40 jaar

En dat vieren we met winacties en gratis downloads, 40 dagen lang. Feest je mee?

Ja, ik feest mee

Ook komt hij met nuttige tips om je innerlijke criticus een toontje lager te laten zingen. Zo helpt het bijvoorbeeld om net als tennisser Rafael Nadal je omgeving te ordenen voor je met iets begint. Dat geeft een gevoel van controle waardoor je negatieve stem zich minder roert.

Ook placebo’s, zoals kruidendrankjes of geluksamuletten, kunnen hierbij helpen. En je kunt het zelfs omvormen tot een positieve stem, die mooie dingen benoemt en moeilijke situaties betekenis geeft.

Ethan Kross, Het stemmetje in je hoofd. Waarom het belangrijk is en hoe we het kunnen gebruiken, Prometheus, € 21,99

Troostrijk

De beroemde psychiater Irvin Yalom hielp zijn hele leven anderen om met verdriet, rouw en doodsangst om te gaan. Als zijn vrouw Marilyn ongeneeslijk ziek blijkt, moet hij opeens zichzelf bijstaan.

In Een kwestie van dood en leven beschrijft het echtpaar met prachtige pen hoe ze hun laatste maanden samen beleven en Irvin zijn eerste maanden alleen. Ze springen van het heden (een droom, een gesprek met een patiënt, het naderende afscheid) naar herinneringen aan vroeger.

En zoeken troost om beter met de dood om te kunnen gaan, zoals het fenomeen ‘rimpelingen’: het idee dat je daden doorwerken in anderen, zoals de rimpelingen in het water als je er een steentje in gooit.

Of de gedachte dat de dood minder beangstigend is als je het leven ten volle hebt geleefd, zoals Marilyn heeft gedaan. Een eerlijk en ontroerend boek.

Irvin en Marilyn Yalom, Een kwestie van dood en leven, Balans, € 22,99

Wie ben ik?

Jezelf zijn, hoe doe je dat? En ligt je karakter al vast bij je geboorte of bepaalt je omgeving mede wie je wordt? Als helft van een eeneiige tweeling is filosoof Stine Jensen al van jongs af aan op zoek naar wat iemand uniek maakt. In haar nieuwste boek voor kinderen (vanaf 9 jaar) deelt ze haar kennis en laat ze hen nadenken en praten over wie ze zijn.

Met prikkelende vragen en opdrachten als: ‘Wat zou jij op je telefoon wissen voordat je deze aan iemand anders geeft?’ en: ‘Stel jezelf voor door drie dingen te vertellen die weinig mensen over jou weten’, stimuleert ze ouders en kinderen hierover in gesprek te gaan. Een mooi geïllustreerd en praktisch boek dat kinderen kan helpen bij het vormen van een sterke eigen identiteit.

Stine Jensen, Alles over wie ik ben, Kluitman, € 19,99

Praten of zwijgen

Kun je open zijn over een psychische aandoening of beter van niet? En als je erover vertelt, hoe pak je dat aan? Het zijn vragen die psycholoog Anita Hubner in haar boek beantwoordt.

En ze weet waar ze het over heeft, want Hubner heeft een bipolaire stoornis. Zij kiest ervoor daarover te praten, maar dat is niet zonder risico: slechts 20 procent van de mensen met een psychische aandoening krijgt een betaalde baan. Toch levert openheid je ook steun, begrip en meer openheid van anderen op.

Hubner legt uit hoe je die afweging kunt maken. Ook geeft ze handige tips, bijvoorbeeld dat je met je werkgever alleen de informatie hoeft te delen die nodig is om je werk goed te kunnen doen. Of dat het bij een date slim is om eerst te checken hoe de ander aankijkt tegen mensen met een psychische aandoening.

Anita Hubner, Vertel ik het wel of vertel ik het niet? Omgaan met het stigma op psychische aandoeningen, Boom, € 22,50.