Apenonderzoekster Jane Goodall deed in de jaren zeventig een choquerende ontdekking: chimpansees blijken in staat tot doelbewuste oorlogvoering. Goodall bestudeerde een grote apenkolonie die vreedzaam samenleefde. Tot haar verbazing ontstonden er op een gegeven moment toch spanningen en viel de groep in tweeën uiteen. Op een gegeven moment drong een klein groepje chimpansees uit de ene groep heimelijk het territorium van de andere groep binnen.

Zodra zij een lid van de andere groep ontdekte dat alleen was, beslopen ze deze en doodden hun soortgenoot op brute wijze. Ook de evolutionair bioloog Richard Wrangham was getuige van dergelijke aanvallen. Een beschrijving hiervan is te lezen zijn boek Agressieve mannetjes: ‘De aanvallen kenmerkten zich door nodeloze wreedheid, het afscheuren van stukken huid, het verdraaien van ledematen tot ze braken en het drinken van het bloed van het slachtoffer.’ Met deze tactiek slaagden zij erin om alle mannetjes en een paar oudere vrouwtjes uit de andere groep te doden. De resterende vrouwtjes werden meegenomen. Hoewel het niet vaak voorkomt, is deze wijze van oorlogvoering later ook bij andere chimpanseegroepen gevonden.

Wolven, gevlekte hyena’s en leeuwen vertonen ook gedrag dat op het voeren van een oorlog lijkt. Wrangham: ‘Deze kuddedieren trekken soms alleen verder. Af en toe brengt zo’n tocht hen naar een naburig territorium. Als ze in hun eentje door een vijandige groep worden ontdekt, lopen ze de kans achternagezeten, ingesloten, aangevallen en gedood te worden.’

Toch is er een groot verschil in aanpak tussen deze laatste dieren en apen. Chimpansees pakken de zaken doelbewust en strategisch aan, hyena’s, wolven en leeuwen vallen alleen eenlingen aan. Maar ze hebben wel met elkaar gemeen dat ze daarbij geen risico lopen zelf gewond te raken.

Rituele oorlogvoering

Volgens psycholoog Johan van der Dennen is het geen toeval dat de meeste diersoorten alleen eenlingen aanvallen. Dieren nemen normaal gesproken namelijk helemaal geen onnodige risico’s. ‘Een dier dat erin slaagt te bewerkstelligen dat zijn of haar rivaal op het kritieke moment het hazenpad kiest is – in termen van reproductief succes – succesvoller dan een dier dat tijd en energie steekt in het koste wat het kost doden van de tegenstander, en zich daarbij ook nog eens blootstelt aan risico’s als verwondingen, uitputting en zelfs de dood. Dergelijk gedrag heeft evolutionair gezien weinig zin.’ Dat bepaalde diersoorten hun concurrenten wel doden zodra de risico’s minimaal zijn, is in evolutionaire termen ook te verklaren. Minder concurrentie vergroot immers de overlevingskansen.

Gevraagd naar de overeenkomst tussen oorlogvoerende mensen en dieren, zegt Van der Dennen: ‘Bij mensen kun je twee soorten oorlogvoering onderscheiden. De eerste is de aanpak die chimpansees, wolven, hyena’s en leeuwen hebben en die je ook bij bepaalde natuurvolken tegenkomt, zoals op Nieuw-Guinea. Bij de tweede soort wordt de oorlog gevoerd door twee legers die zich tegenover elkaar opstellen. Deze zogenaamde geregelde veldslag is de manier waarop de geciviliseerde wereld de meeste oorlogen voert. Bij een aantal primaten zie je dit verschijnsel ook, maar bij hen is het altijd een rituele oorlogvoering. Als twee groepen elkaar tegen komen, dan gaan de dieren dreigen en bluffen, waarbij het vrijwel nooit tot een gevecht komt. Ook bepaalde natuurvolken kennen deze rituele vorm, waarbij ze door machtsvertoon elkaars lef en kracht testen.’

Het genetisch belang van de moordenaar

Er zijn dus zeker overeenkomsten, maar de verschillen blijven groot. In de dierenwereld gaat het – behalve bij de chimpansees – altijd om toevallige confrontaties tussen groepen. ‘Dieren kennen alleen conflicten om vrouwen, voedsel of territoria. Mensen hebben veel meer soorten oorlog, zoals imperialistische en politieke oorlogen. Ook maken mensen gebruik van wapentechnologie en complexe tactieken, waardoor menselijke oorlogvoering toch van een heel andere orde is en op veel grotere schaal kan plaatsvinden.’

Naast oorlogvoering bestaan er in de dierenwereld nog meer vormen van excessief geweld, zoals bijvoorbeeld kindermoord. Als een mannetje een vrouwtje neemt dat tot een andere groep behoort en kinderen heeft, dan loopt zij een groot risico dat deze kinderen de dood zullen vinden. Van der Dennen: ‘Dit gedrag komt voor bij een aantal apensoorten en bij leeuwen. Evolutionair gezien is het goed te verklaren: kindermoord dient het genetisch belang van de moordenaar, omdat hij de genen van een concurrent opruimt en bovendien zelf voor nageslacht bij het vrouwtje kan zorgen.’

Gorilla’s leven meestal in gemeenschappen die bestaan uit een dominant mannetje, de zilverrug, en een paar vrouwtjes. Volgens Wrangham is het de taak van de zilverrug om de kinderen van zijn vrouwtjes te beschermen tegen andere gorilla’s. Alleen als een zilverrug daarin slaagt, wil een vrouwtje bij hem blijven. Een alleenstaand mannetje kan zijn superioriteit ondubbelzinnig aantonen door haar kind te doden. Voor de vrouwtjes is dat reden genoeg om mee te gaan met de moordenaar. Hij kan haar toekomstige kinderen immers beter beschermen dan haar huidige man.

De criminoloog Albert Hauber meent dat kindermoord zich bij mensen niet volgens een dergelijk vast patroon voordoet. ‘Er zijn mij geen cijfers bekend die in die richting wijzen. De afgelopen jaren hebben de media wel bericht over een aantal gevallen van kindermoord, maar daar waren de daders altijd de biologische ouder van het kind.’

Volgens agressieonderzoeker en bioloog-etholoog Otto Adang bestaat dit verschijnsel bij mensen mogelijk wel op een ander niveau. ‘Uit onderzoek blijkt dat stiefkinderen een veertig keer grotere kans hebben om mishandeld te worden dan biologische kinderen. Mannen gaan zich ook vaker te buiten aan fysieke kindermishandeling dan vrouwen.’

Dieren zijn niet immoreel

Verkrachting is een vorm van excessief geweld die ook door dieren wordt gepleegd. Mannetjeseenden vallen regelmatig vrouwtjeseenden aan als ze met hen willen copuleren. De vrouwtjes verzetten zich zo heftig tegen dit geweld dat ze soms verdrinken.

Ook Orang-oetans hebben opmerkelijke omgangsvormen. Er bestaan twee typen orang-oetan mannetjes: grote en krachtige mannetjes die graag vechten en hard brullen, en kleine mannetjes die – hoewel ze volwassen zijn – eruit zien als jonge mannetjes. Als een orang-oetan vrouwtje de harde brul van een groot mannetje hoort, zoekt ze toenadering. Bij de paring toont ze zich gewillig. Maar als een klein orang-oetang mannetje een vrouwtje benadert, is haar reactie volstrekt anders. De bioloog John MacKinnon deed daarvan verslag in zijn artikel The behaviour and ecology of wild orang utans: ‘De vrouwtjes tonen angst en proberen aan de mannetjes te ontkomen, maar ze worden achterna gezeten, gepakt, af en toe geslagen en gebeten. Tijdens de paring bijten ze het mannetje, slaan hem en trekken hem aan de haren.’

Over de reden waarom dieren verkrachten, is nog weinig bekend. Een dier kan hiermee natuurlijk zijn kans op voortplanting vergroten, maar het kan ook een methode zijn om vrouwtjes uit de groep te onderwerpen en daarmee de macht naar zich toe te trekken.

Volgens criminoloog Albert Hauber verkrachten vooral gefrustreerde en labiele mensen: ‘Het zijn meestal weinig ontwikkelde mannen die in een fantasiewereld leven en niet weten hoe ze gewone contacten met vrouwen moeten leggen. Bij verkrachting speelt macht en verplaatste agressie ook vaak een belangrijke rol. Al of niet in combinatie met seksuele gevoelens. Maar of dat ook voor groepsdieren geldt? Eigenlijk geloof ik niet dat dierlijk en menselijk gedrag echt overeenkomen. De mens is door het intellect in staat tot veel genuanceerder gedragsvormen en daarom niet te vergelijken met een dier.’ Het feit dat dieren in staat zijn tot excessief geweld, wil dan ook niet zeggen dat dieren immoreel zijn. Die ren hebben geen geweten en daarom is hun gedrag altijd amoreel en gebaseerd op dat wat evolutionair gezien rendabel is.

Ondanks het bestaan van excessief geweld, valt het over het algemeen reuze mee met agressie in de natuur. Afgezien van het doden van prooidieren, is geweld volgens Adang meestal een vorm van machtsvertoon. ‘Uit theoretisch onderzoek in verschillende samenlevingen van mensen en dieren blijkt dat een strategie waarbij individuen elkaar op leven en dood bestrijden niet werkt, net zo min als een strategie waarbij ieder gevecht wordt vermeden. De meest werkzame strategie is er een van dreigen en beperkte agressie. En dat is de strategie die veel voorkomt in de dierenwereld.’ Het is jammer dat mensen deze strategie niet wat vaker toepassen.

Biologie[/wpgpremiumcontent]