Wie niet wil dat een kind gaat roken, kan er het best voor zorgen dat het geen vriendschap sluit met rokende leeftijdgenoten. Dat is al langer bekend. Maar in hoeverre kun je als ouder de vriendschapskeuze van je puber beïnvloeden? Daarvoor onderzocht de Maastrichtse gezondheidswetenschapster Liesbeth Mercken 254 middelbare scholieren.

Training

Positief opvoeden voor puberouders

  • Positief contact maken met je kind
  • Omgaan met je eigen emoties én die van je kind
  • Afspraken maken en grenzen stellen
bekijk de training
Nu maar
€ 75,-

En, wat kan ik als moeder doen om mijn kind weg te houden bij de rokers op het schoolplein?

Liesbeth Mercken: ‘Het goede voorbeeld geven door zelf niet te roken, en een opvoedingsstijl hanteren waarbij je vooral géén psychologische controle uitoefent.’

Wat betekent dat laatste?

‘Manipulatief gedrag tegenover je kind. Het een schuldgevoel of schaamte aanpraten als het niet aan je verwachtingen voldoet; uitstralen dat je liefde aan voorwaarden verbonden is. Daarmee ontken je namelijk de autonomie van je kind, en dat kan “plaatsvervangende rebellie” oproepen. Kinderen die in mijn onderzoek aangaven dat hun ouders zich zo psychologisch controlerend opstelden, sloten duidelijk vaker vriendschappen met rokende leeftijdgenoten.’

Houdt dat ook in dat ik mijn kind beter niet kan verbieden zulke vriendschappen te sluiten?

‘Nou, je kunt best duidelijke verwachtingen uitspreken tegenover je kind – dat je hoopt dat het niet met de rokers meegaat. Zo’n teken van

betrokkenheid werkt juist positief. Dus vraag je puber vooral met wie hij omgaat, en wat ze samen doen. Zolang je maar niet gaat uitstralen dat hij je liefde verliest als hij niet aan jouw standaarden voldoet. Kinderen die dat gevoel hebben, staan veel meer open voor rokende vrienden én voor roken zelf.’

Choosing adolescent smokers as friends, Journal of Adolescence, april 2013