Op 27-jarige leeftijd gaf toenmalig Loïs Lane-oprichter Tijn Touber alles op wat hij had opgebouwd. Zijn band was zo succesvol en hij had zich zo geïdentificeerd met zijn rol als popster, dat hij steeds verder verwijderd raakte van wie hij eigenlijk was. De status, de verslavingen en al die andere ongezonde gewoonten waaraan hij zich was gaan hechten, hij wilde ervanaf. Touber zag maar één manier om zichzelf terug te vinden: radicaal loskomen

Het geheim van een gelukkig werkleven

Hoe floreer je in je baan en blijf je uit de buurt van een burn-out? Lange jaren van onderzoek leerd...

Lees verder
Log in om verder te lezen.
van alles. Hij stapte uit de band, verbrak zijn relatie en leefde veertien jaar lang sober en teruggetrokken in Amsterdam, zonder drank, drugs of seks.
Veel mensen stellen zich bij onthechting voor dat je alle spullen de deur uit doet, of dat je je afzondert in een hutje op de hei. Je verbreekt alle banden, hebt niemand meer nodig. Maar volgens GZ-psycholoog Marianne Boot, die haar kennis van het boeddhisme inzet in haar therapeutische praktijk, klopt dat beeld niet: ‘Onthecht leven voltrekt zich gewoon tussen het uitruimen van de vaatwasser en het naar je werk fietsen door.’

Materie en status

Wat is volgens de oude boeddhistische leer de kern van onthecht zijn? Psychologen Baljinder Sahdra en Phillip Shaver van de Universiteit van Californië raakten er zo door gefascineerd dat ze samen met hoogleraar sociale en gezondheidspsychologie Kirk Warren Brown in de boeddhistische geschriften doken, en op bezoek gingen bij talloze boeddhistische leraren, schrijvers en geleerden. Was er een manier om in kaart te brengen wat onthechting inhoudt? En wat zouden wij hier in het Westen, met onze hang naar materie, zekerheid, status en erbij horen, ervan kunnen leren? Of is onthechten een vaardigheid die het leven ons hier in het Westen stiekem ook wel leert, als we met de jaren dierbaren verliezen en onze gezondheid achteruitgaat?
En terwijl de psychologen luisterden naar boeddhisten als Alan Wallace, Bhikkhu Bodhi en Pema Chödrön leerden ze eerst wat het tegenovergestelde is van onthecht zijn: gehecht of vastgegrepen zijn. Het Tibetaanse woord shenpa staat voor de impulsieve reactie die opkomt als de dingen niet gaan zoals we wilden, hoopten of verwachtten. Als je eindelijk een dagje uitgaat en het regent. Als je partner niet ziet dat je naar de kapper bent geweest. Je geliefde buren verhuizen. Je ziek wordt. ‘Zelfs een vlek op je trui kan je dat gevoel al bezorgen,’ schrijft Pema Chödrön in een blog. Elke dag, elk uur komen die momenten voorbij. En steeds gebeurt hetzelfde: een gevoel van spanning komt op en je wilt niet zijn waar je nu bent. Het is een oncomfortabel gevoel waar we vanaf willen, dus wenden we ons tot eten, drank, drugs, seks, shoppen, werk, klagen, gemene dingen zeggen of overkritisch zijn.
Volgens psycholoog Marianne Boot worden die reacties opgeroepen door ‘rode knoppen’: gevoeligheden die ontstaan zijn doordat we in onze jeugd niet gezien of gehoord werden. Als therapeut leert ze haar cliënten die te herkennen. ‘Wie onthecht is, is uiteindelijk in staat die knoppen te observeren op de momenten waarop ze ingedrukt worden, het ongemakkelijke of pijnlijke gevoel gewoon te laten bestaan en zich er niet meer door te laten meeslepen.’

Door ups en downs

‘Onthecht zijn kan gezien worden als psychologische flexibiliteit,’ schrijven de Californische onderzoekers naar aanleiding van hun zoektocht, ‘daar waren de achttien boeddhistische experts die we spraken het roerend over eens.’ Wie psychologisch flexibel is, is bereid om vervelende gevoelens te ervaren, kan afstand nemen van de gedachten die daarbij opkomen en is in staat om zichzelf met mildheid en compassie, van een afstandje te bekijken. Psychologische flexibiliteit maakt het mogelijk onze aandacht te richten op het heden: hè, waarom ben ik nou weer zo boos geworden op mijn partner, terwijl ik hem eigenlijk wel begrijp, en helemaal niet zo tekeer wil gaan?
Marianne Boot: ‘We zijn vaak zo gericht op het oplossen of wegwerken van vervelende gevoelens dat we makkelijk anderen de schuld geven: mijn partner is ook zo slordig. Of we slaan we onszelf overdreven voor de kop: wat ben ik toch bitchy! Als je naar je emoties kijkt met een onthechte houding, kun je dat er allemaal buiten laten en alleen stilstaan bij je gevoel: ik baal. Of: ik ben verdrietig. Dat schept ruimte om je een volgende keer – zonder al dat drama – anders op te stellen in eenzelfde situatie.’
Wie juist zeer gehecht is, is volgens de boeddhistische experts gefixeerd. Op krijgen wat je hebben wilt, op doen wat je van jezelf moet doen. Gehechte mensen voelen een interne druk om zaken als een goede carrière, een gezond lijf, status, een mooie relatie of een prettig imago te verwerven of vast te houden, pijn te vermijden en dingen te veranderen zodra ze niet in het plaatje passen. ‘Mensen die onthecht zijn, hebben die fixatie niet,’ schrijven de onderzoekers. Daarnaast zijn ze gelijkmoedig. Ze laten zich niet de hele tijd meesleuren door allerlei emotionele ups en downs – of het nou regent of de zon schijnt. ‘Wie onthecht is, hoeft niet overal meteen op te reageren. Onthechten herstellen sneller als ze van streek zijn geweest. Ze leven met een gevoel van gemak.’ Mensen die heel gehecht zijn, kunnen bovendien bezitterig zijn, zich mensen en spullen toe-eigenen. Onthechte types geven anderen meer ruimte. Ze ondersteunen de mensen om zich heen in hun eigen vaardigheid om te kunnen kiezen. ‘Als mensen onthecht zijn, is hun gevoel van welzijn onvoorwaardelijk: het hangt niet af van bepaalde omstandigheden,’ vatten Sahdra en haar collega’s samen.

Houden van anderen

Maken onthechte mensen zich dan helemaal niet druk om een leuke baan of hun gezondheid? ‘Die misvatting heerst inderdaad weleens,’ zegt Boot, ‘alsof het mensen die onthecht zijn allemaal niet uitmaakt. Maar als je leert te accepteren wat zich voordoet, heb je ook meer ruimte om wijze beslissingen te nemen en te doen wat er gedaan moet worden. Zoals studeren voor een baan of goed voor je gezondheid zorgen. Mensen die onthecht zijn, hebben juist zorg en aandacht voor zichzelf en de anderen. Alleen: als het tegenzit en een nieuwe baan niet leuk blijkt, zijn ze flexibel genoeg om hun emotionele welzijn er niet vanaf te laten hangen.
En hoe zit het met relaties, kun je van mensen houden als je onthecht bent? Boot: ‘Als je ontspannen kunt zijn met jezelf, kun je ook ontspannen zijn met anderen. De behoefte om anderen te veranderen verdwijnt. Daardoor komt er juist meer ruimte voor intieme relaties.’ Uit de test die de Californische psychologen uiteindelijk ontwikkelden, bleek dat mensen die hoog scoorden op non attachment ook empathischer, genereuzer en sociaal meer verbonden zijn.
Onthecht raken is makkelijker als je als kind ouders had die er voor je waren als je ze nodig had. Daardoor ontwikkel je een stabiel idee van jezelf als iemand van wie gehouden wordt, en voor wie anderen willen zorgen. Dat draagt weer bij aan een positief gemoed en een gezonde zelfwaardering, en door die lens bekijk je ook je andere relaties – op het werk, in vriendschappen, in de liefde. Wie die veiligheid moest missen, raakt onveilig gehecht en weet nooit zeker of hij of zij wel de moeite waard is om van te houden. ‘Vastgrijpen’ aan materiële zaken of status lijkt veel harder nodig als je ouders had die extreem wisselend beschikbaar waren: de kans weer genegeerd of aan de kant gezet te worden, ligt op de loer.

Voor iedereen

Maar we herkennen allemaal wel iets in dat vastgrijpen en dus is het voor iedereen mogelijk om er wat bewuster van te worden. ‘Alleen die bewustwording geeft al ruimte,’ zegt therapeut Boot. Om een beetje meer onthecht te leven, zijn extreme stappen volgens haar helemaal niet nodig. Dat ontdekte ook Tijn Touber, die zijn kennis na veertien jaar teruggetrokken leven uiteindelijk meenam naar het ‘gewone’ leven – omdat ook hij zag dat juist dáár de uitdaging lag. Boot: ‘Wat nodig is: dat je naar jezelf wilt en kunt kijken, en durft te voelen wat er speelt. Waarom reageer ik zoals ik reageer? Vaak ligt er pijn onder die we niet hebben leren verdragen, en die we met onze automatische reacties proberen te vermijden. Het is ronduit fantastisch om te ontdekken dat je helemaal niet hóéft te reageren zoals je altijd reageert. Ook voor de mensen om je heen.’

Marianne Boot is GZ-psychologe en heeft een praktijk voor psychologie en boeddhisme, precieshier.
Bronnen: B. Sahdra, P. Shaver en K. Brown, A scale to measure nonattachment: A buddhist complement to western research on attachment and adaptive functioning, Journal of Personality Assessment, 2010 / T. Touber, Spoedcursus verlichting, A.W. Bruna LeV, 2010
Dit is een vertaling van de Nonattachment Scale (NAS), ontwikkeld door de Amerikaanse psychologen Baljinder Kaur Sahdra, Phillip R. Shaver en Kirk Warren Brown. Vragen 2, 6, 7, 12, 15, 19 & 23 vormen samen ook de verkorte Nonattachment Scale (NAS7).