Ik was 7 toen mijn ouders me vertelden dat mijn oma van moederskant was overleden. Vredig ingeslapen naast opa, werd me verteld. En ik weet niet waardoor het kwam, maar ik had sterk het gevoel dat er iets niet klopte. Er werd nooit meer over haar gesproken, maar een paar keer per jaar ging ik naar mijn ouders en vroeg: “Mam, pap, vertel nog eens hoe oma is overleden?” Dan kreeg ik dat standaardverhaal te horen, jaar in, jaar uit.

‘Familiegeheimen zijn er niet voor niets’

Van incest tot vage ruzies die generaties teruggaan: elke familie houdt vuile was binnen, zegt hoogl...

Lees verder

Mijn twee broertjes waren te jong om naar oma te vragen. Maar juist omdat mijn moeder zo stil was, bleef ik aan haar trekken. Ze was heel gesloten, echt een werkpaard dat voor haar gezin leefde. Ze had geen vriendinnen. Toch groeide ik niet op in een zwijgcultuur: mijn vader kwam juist uit een warm en bijzonder gezin en hij praatte veel over vroeger. Ik denk dat ze het erg heeft getroffen met mijn vader. Zo’n gezellige, spraakzame man.

In mijn herinnering was oma een heel lieve vrouw en het raakte me dat nooit iemand over haar sprak, ook niet toen opa hertrouwde. Op mijn 17de vroeg ik mijn moeder weer eens hoe ze was overleden. Ineens zei ze: “Daar wil ik niet over praten.”

Log in om verder te lezen.