Ingrid Stip (54): ‘De band met mijn moeder was altijd slecht. Regelmatig vroeg ze zich hardop af waarom ik geboren was. Ze zei dat ze door mij in de problemen was geraakt. De kinderen in de buurt riepen: “Je moeder is een hoer!” Als zevenjarige weet je pas net wat dat betekent. Het maakte me kwaad, als klein kind wil je zoiets niet geloven. Met mijn vader kon ik prima opschieten. Het viel me wel op dat hij mijn zussen en jongere broertje voortrok. Er waren bijvoorbeeld vakanties waarop ik niet mee mocht. “Ingrid past wel op het huis,” zei hij dan. Al was ik toen achttien jaar, het doet pijn, zoiets vergeet je nooit meer.

Ik was zestien toen ik met mijn moeder op het gemeentehuis was omdat ik voor het eerst een paspoort zou krijgen. In onze paspoorten zag ik verschillende namen staan. Ik snapte er niets van en vroeg hoe dat zat. Mijn moeder zei: “Hou je mond, het doet er niet toe,” op die verbitterde manier die ik zo goed van haar ken.

Dankzij een collega van mij kwam ik, pas op mijn 21ste, achter de waarheid. Een kennis van haar werkte bij een gemeentelijke instantie en

Log in om verder te lezen.