Ik vergeef je

De een werd jarenlang seksueel misbruikt, de ander neergestoken door een teleurgestelde ex. En toch konden ze de dader vergeven.

‘Ik ben mijn baan kwijt, ik ben angstiger dan voorheen, maar ik leef’

Daphne Sies (38) werd neergestoken door haar ex.
‘Hij kon me de hemel in prijzen, maar me ook uitschelden en vernederen. Stapelverliefd waren we en ik wilde zo graag dat deze relatie zou slagen. Maar na zeven jaar ging het niet meer. Ik ging weg. Voor de zoveelste keer, maar nu zette ik door.

Training

Van single
naar samen

  • Leer wat je valkuilen zijn in de liefde
  • Ontdek welk relatietype je bent
  • Kom erachter wat voor partner bij je past
bekijk de training
Nu maar
€ 75,-

Toen ik een eigen woning kreeg, ging het steeds slechter met hem. Hij belde voortdurend en stuurde me ’s nacht berichtjes. Op de bewuste dag kwam hij langs en smeekte me terug te komen. Ik zei dat ik verliefd was op een ander. Toen kreeg hij een ijzingwekkend lege blik in zijn ogen. “Ik niet, niemand niet!,” schreeuwde hij. Hij sleurde me het huis in. Uit mijn keukenlade pakte hij een mes en begon te steken. Na een moment van verbijstering lukte het me te vluchten. Ik had zeven steekwonden en een klaplong. Vooral de enorme snee van wang tot wang zag er afschuwelijk uit.
De wonden genazen, maar het litteken op mijn wang bleef erg zichtbaar. Mijn eigen spiegelbeeld joeg me angst aan. Ook van een mes op tafel, een geur of een

geluid, raakte ik in paniek.
Ik bezocht mijn ex in de gevangenis. Ik wilde weten wat het met me zou doen om hem tijdens de rechtszaak te zien. We moesten allebei huilen, het was nog zo kort geleden. Gelukkig kon ik in de rechtszaal heel sterk, zonder tranen, mijn verhaal doen.

Ik was daarna een een aantal maanden verdrietig, ik rouwde en piekerde. Toen wilde ik het achter me laten: ik wilde geen slachtoffer meer zijn. Mijn ex mocht bijna voor de eerste keer met verlof en ik bezocht hem nogmaals, voordat ik hem op straat kon tegenkomen. Hij was niks veranderd, toonde berouw op dezelfde manier als hij altijd al deed. Bij mij was er juist veel veranderd, merkte ik. Ik voelde me sterker. Mijn wrok en haat waren weg. Ik gunde mezelf en hem een mooi leven, maar zonder elkaar. Daarom wilde ik hem vergeven, en dat lukte na dat tweede bezoek. She believed she could, so she did, werd mijn lijfspreuk. Ik heb deze tekst op mijn arm laten tatoeëren.

Kort daarna raakte ik zwanger, alsof er echt iets van me was afgevallen en het leven door kon gaan. Ik ben mijn baan kwijt, ik ben angstiger dan voorheen, maar ik leef! Ik heb een prachtige dochter, een fijne relatie en ik kan me weer druk maken over pietluttigheden.’

‘Tijdens meditaties praatte ik tegen hem: ik zei dat ik van hem hield’

Jane Haridat (56) werd jarenlang misbruikt door haar broer.
‘Het begon rond mijn vijfde, hij was 21. Hij riep me regelmatig bij zich om een klusje te doen, maar we eindigden in bed en ik moest seksuele handelingen verrichten. Toen hij trouwde bleef het doorgaan. Als zijn vrouw er niet was, belde hij me en vroeg of ik langs wilde komen.
Ik ben een nakomertje in een gezin met acht broers en drie zussen. Ik dacht dat het erbij hoorde. Tegelijkertijd wist ik dat het niet goed was, omdat ik het aan niemand mocht vertellen. In mijn lijf voelde ik weerzin en ik schaamde me. Misbruik maakt iets kapot vanbinnen. Het geeft een verlammend gevoel van machteloosheid, alsof alle kracht uit je wegglijdt.
Op mijn dertiende vluchtte ik weg uit Suriname, naar Nederland. Ik zei dat ik daar graag de middelbare school wilde afmaken en mocht bij mijn andere broer wonen. Ik ging studeren en werken, ik trouwde. Toch bleef ik ongelukkig, ik voelde continu onrust en stress.
Totdat een coach het verband met mijn verleden legde. Een enorme boosheid op mijn broer kwam boven, maar ook op de rest van mijn gezin. Waarom had niemand mij beschermd? Ik schreeuwde mijn woede eruit in therapie en schreef boze brieven naar mijn broer – waar hij trouwens nooit op reageerde.
Maar ik wilde niet de rest van mijn leven boos blijven. Ik ging mediteren en volgde cursussen, waardoor ik anders naar mezelf en mijn opvoeding kon kijken. Ons gezin was als los zand, iedereen was met zichzelf bezig. Toen ik dat besefte, kreeg ik iets meer begrip voor mijn broer. Hij heeft zich denk ik verloren gevoeld en miste de aandacht die hij nodig had.
Ook hij was slachtoffer, realiseerde ik me: hij draagt waarschijnlijk een pijnlijke schuld met zich mee. Ik kon ervoor kiezen om de slachtofferrol naast me neer te leggen, maar hij bleef altijd dader. Pas als ik hem vergaf, was hij geen dader en ik geen slachtoffer meer. Zo begon het. Tijdens meditaties praatte ik tegen hem: ik zei dat ik hem vergaf, dat ik van hem hield. Er viel een enorme last van me af, de maagpijn en spanning in mijn schouders verdwenen. Ik ben niet kwaad meer op mijn broer; ik voel zelfs liefde voor hem, als een volwassen vrouw die haar grenzen kent. Ik begeleid nu zelf slachtoffers van misbruik. En als ik mijn broer tegenkom op een familiefeest, voeren we een simpel gesprekje – als broer en zus.’

‘Er was een stuk van mij gestorven, maar ik moest verder met mijn leven’

De tweelingbroer van Rian Goossens (44) werd doodgereden door een onoplettende automobilist.
‘Als tweeling ben je zó sterk met elkaar verbonden. We maakten vroeger thuis alles samen mee. We vierden samen onze verjaardag, zaten in dezelfde klas, hadden dezelfde vrienden en kwamen altijd voor elkaar op. Eenmaal volwassen zagen we elkaar niet meer dagelijks, maar met onze gedachten waren we continu bij elkaar. Op het moment van het ongeluk had ik een naar gevoel in mijn buik. Niet lang daarna kwam het bericht: Frank was doodgereden. Hem opgebaard zien liggen was traumatisch. Ik was woest: hoe kon hij me dit aandoen? Verder zonder hem! Het liefst was ik hem aangevlogen.
Al gauw richtte mijn woede zich op de automobilist die hem had aangereden. De politie vermoedde dat hij met zijn mobieltje bezig was geweest. Het was zo hopeloos zinloos. Als die meneer gewoon had opgelet in het verkeer, had mijn broer nog geleefd. Toen tien maanden later de zitting was, hoopte ik dat de man naar me zou toekomen en spijt betuigen. Daar kon ik dan misschien wat troost in vinden. Maar niks daarvan: hij had een kille blik in zijn ogen. Geen moment keek hij me aan. Dat kwam zo hard binnen. Maar ik besefte ook dat ik zélf iets moest doen als ik mijn woede en wanhoop wilde kwijtraken. Gaandeweg kon ik de gedachte loslaten dat ik zijn spijt nodig had om me beter te voelen. Bovendien kreeg ik medelijden met hem. Wat erg als je zoiets op je geweten hebt. Hoe kun je daarmee leven?

Zo kwam het dat ik hem vergaf. Het was een kwestie van de knop omzetten: ik moest verder met mijn leven, ook al was er een stuk van mij gestorven. Ik wilde niet verbitterd oud worden. Mijn woede verdween en ik voelde me sterker dan ooit. Door het verlies van mijn broer en het verdriet erna ben ik een ander mens geworden. Ik haal alles uit het leven, probeer overal iets positiefs uit te halen – tenslotte leef ik nu voor twee.’

‘Die kinderen hadden geen idee wat voor schade pesten aanricht’

Robin Busscher (23) werd op de basisschool gepest.
‘Het waren vooral twee jongens, maar een groot deel van de klas deed eraan mee. Ze scholden me uit vanwege mijn flaporen en mijn witblonde haar. Ze trapten en sloegen me. In de pauzes bleef ik bij de leraren hangen, bang dat ze me onverwachts onderuit zouden schoppen. Of ik vluchtte ongezien het schoolplein af om een rondje door de wijk te wandelen, weg van het gescheld en de onvoorspelbare agressie.
Waarschijnlijk was ik een gemakkelijk slachtoffer. Ik stond niet sterk in mijn schoenen. Bij mij thuis was het namelijk ook niet veilig. Mijn moeder wisselde vaak van partner en dat waren meestal agressieve mannen met woedeaanvallen. Rond mijn tiende wilde ik niet meer leven. Gelukkig had ik geen idee hoe ik er een einde aan kon maken.
Toen ik in een andere stad naar de middelbare school ging, stopte het pesten. Ik kreeg vrienden. Voor het eerst besefte ik dat ik er best mocht zijn. Op mijn vijftiende liet ik me opereren aan mijn flaporen, waardoor ik nog zelfverzekerder werd. Toch bleef ik me slachtoffer voelen. Aan vrienden vertelde ik steeds weer over de ellende uit mijn verleden en hoe anderen mijn zelfvertrouwen hadden kapotgemaakt. Tot ze zeiden dat ze het zat waren om steeds hetzelfde te horen. Dat was pijnlijk, maar wel eerlijk. En ze hadden gelijk. Als ik wat van mijn leven wilde maken, moest ik naar de toekomst kijken en niet naar wat ik in het verleden had gemist.
De pesters hadden waarschijnlijk zelf problemen en reageerden die af op mij. En wat betreft de meelopers: zo gaat dat nu eenmaal op die leeftijd. Die kinderen hadden geen idee wat voor schade pesten aanricht. Ik heb het ze allemaal vergeven en kijk vooruit. Ik ben trots op wie ik nu ben. Ik ben een vechter door wat ik heb meegemaakt. Als ik iets wil, doe ik er alles aan om het te bereiken. Ik heb een mooi appartement, een mooie baan en veel fijne contacten. Als ik die twee jongens nu zou tegenkomen zou ik ze vriendelijk groeten.’

Basistraining

Versterk je relatie

  • Leer kijken naar de patronen in je relatie
  • Ontdek hoe je negatieve patronen kunt doorbreken
  • Met inspirerende video's en artikelen
bekijk de training
Nu maar
€ 35,-

‘Ik besefte dat mijn vader een patiënt was die professionele hulp had moeten krijgen’

Guani de Jonge (41) had een agressieve vader, tegen wie haar moeder haar niet beschermde.
‘Ik ben opgegroeid in Peru. Toen ik 8 was, kwam mijn vader in het oerwoud in aanraking met de maffia. Omdat hij te veel had gezien, werd hij twee maanden lang gemarteld en gedrogeerd. Totaal getraumatiseerd kwam hij terug. Van de eerste vier jaar daarna kan ik me amper iets herinneren. Mijn vader was een wandelende bom. Hij ontplofte om niks en brulde dan dingen als: “Ik sla al je tanden uit je mond.” Van mijn broers begreep ik dat ik er vaak tussen sprong en dus de meeste klappen kreeg. Blijkbaar heb ik het weggestopt.
Op mijn twaalfde vertrokken we naar Nederland, onder andere vanwege mijn moeders werk. Ze was vaak in tranen tijdens de heftige ruzies met mijn vader. Toch bleef ze bij hem.
Toen ik eenmaal op mezelf woonde, heb ik mijn vader elf jaar lang niet willen zien. Tot ik tijdens mijn werk als activiteitenbegeleidster een man met een oorlogsverleden ontmoette die sprekend op hem leek. Hij had een posttraumatische stressstoornis. Op dat moment besefte ik dat mijn vader ook een patiënt was die professionele hulp had moeten krijgen. Ik ging milder over hem denken en had geen behoefte meer om hem te ontlopen.
De eerste keer dat ik hem weer zag, was op een verjaardag. Hij deed alsof hij me de week ervoor nog had gezien; misschien dringt de werkelijkheid echt niet tot hem door. Ik heb me er in elk geval bij neergelegd dat het contact altijd oppervlakkig zal blijven, we hebben het niet over mijn jeugd of zijn trauma in de jungle.
De woede op mijn moeder bleef langer. Waarom beschermde ze ons niet door weg te gaan bij mijn vader of hem te laten opnemen? Het frustreerde me dat ze de problemen in ons gezin telkens bagatelliseerde: het was niet zo erg, het kon altijd erger. Pas twee jaar geleden lukte het me om ook met mildheid naar haar te kijken. Ze deed het niet moedwillig; ze stond op overlevingsstand en kon mij niet geven wat ik nodig had als kind. Het is zoals het is. We zullen nooit een warme moeder-dochterband krijgen en mijn vader blijft patiënt. Ik heb hen vergeven. Ik heb geen verwachtingen meer en dat geeft rust.’

Hoe vergevingsgezind ben je?

Uit de slachtofferrol stappen als we piekeren over onrecht dat ons is aangedaan, maakt ons lichaam het stresshormoon cortisol aan. Dat zegt Johan Karremans, die onderzoek naar vergeving doet aan de Radboud Universiteit Nijmegen. ‘De gestegen cortisolwaarde daalt weer wanneer we de ander dat onrecht vergeven. Als iemand boos blíjft, blijft ook de stress. De lichamelijke reactie wordt zelfs steeds sterker. Die negatieve gevoelens eten je letterlijk op van binnen en kunnen leiden tot allerlei fysieke klachten.’
Bovendien blijf je zo een slachtoffer van het gebeurde, zegt vergevingscoach Willem Glaudemans. ‘Je omgeving zal beamen hoe vreselijk het voor je is. Slachtofferschap geeft een machteloos gevoel en dat maakt somber. Wie vergeeft, stapt daaruit en neemt verantwoordelijkheid voor zijn eigen geluk.’

Voor de een is vergeven makkelijker dan voor de ander. Dat hangt samen met bepaalde persoonskenmerken. Zo zijn narcistische mensen niet erg vergevingsgezind, zegt Karremans. ‘Zij vinden dat ze het recht hebben om niets te worden aangedaan. En mensen met een laag zelfbeeld blijven door hun kwetsbare ego langer hangen in leed dat hun is toegebracht.’
Vergeven is overigens niet noodzakelijk om verder te kunnen met leven als iemand je heeft gekwetst. ‘Soms ben je kwaad geweest over iets, maar houdt het je niet meer bezig. Pas als het leed in de weg blijft zitten, is het schadelijk en kan het je belemmeren in je geluk.’
Soms is vergeven juist géén goed idee: wanneer het onrecht nog niet definitief is gestopt. De neiging om dat steeds goed te praten komt vooral voor in “disfunctionele relaties”, zegt Karremans. ‘Dat zijn onevenwichtige relaties waarin we denken de ander nodig te hebben. Steeds vergeven ondermijnt dan je zelfrespect. Eerst moet het onrecht ophouden, bijvoorbeeld door het verbreken van de relatie; pas dan kun je de ander op een gezonde manier vergeven.’

Vergeven wordt vaak ten onrechte verward met verzoenen, zegt vergevingscoach Willem Glaudemans. ‘Je hóéft het niet bij te leggen. De uitkomst kan ook zijn dat je de ander nooit meer ziet.’ Excuses van de dader of een goed gesprek maakt vergeven misschien gemakkelijker, maar is geen vereiste. ‘Het is een innerlijk proces waarbij je de ander niet nodig hebt. Vergeven is het loslaten van alle hoop op een beter verleden.’
Maar hoe lukt dat? Volgens docent Karremans is het vooral een kwestie van een knop omzetten. ‘Je kunt er bewust mee aan de slag,’ zegt hij. ‘Het helpt om je te verplaatsen in de ander, zodat je meer begrip krijgt voor zijn gevoelens. Of om terug te denken aan een situatie waarin je zelf iemand hebt gekwetst.’
Coach Glaudemans ontwikkelde een methode waarmee hij zijn cliënten helpt te vergeven. De eerste stap is: vaststellen wat je die ander precies kwalijk neemt. Bedenk vervolgens hoe je het wél graag had gewild. Daarna probeer je die verwachtingen los te laten en de ander te accepteren zoals hij is. ‘Uiteindelijk kijk je met meer rust en compassie naar de ander en de situatie. En naar jezelf.’
Wanneer weten we nu dat we hebben vergeven? Karremans: ‘Als negatieve gevoelens en gedragspatronen zijn verdwenen. Dan kunnen we neutraal op de gebeurtenis terugkijken, zonder woede. Maar het is geen kwestie van alles of niks. Soms lijkt het of je ergens een streep onder heeft gezet en steekt het toch weer de kop op. Drie stappen vooruit en één terug, zo ga je langzaam vooruit.’
Vergeving komt ook met de jaren. ‘Oudere mensen zijn milder en vergevingsgezinder,’ zegt Karremans. Maar waarom wachten tot je oude dag, als direct vergeven zoveel voordelen heeft? Glaudemans: ‘Mensen zeggen weleens: vergeven kost tijd. Maar vooral het níét vergeven kost tijd en energie.’

Boekentip

Boek van vergeving

Willem Glaudemans
auteur

Lilian Roos

Als journalist ben ik gefascineerd door de verhalen van mensen. Wat drijft mensen tot bepaalde keuzes? Wat is de invloed van een grote gebeurtenis op een mensenleven? Hoe gaan mensen hiermee om? Met een open blik en vol verwondering luister ik naar mensen. Verhalen inspireren mij.

» profiel van Lilian Roos

Dit vind je misschien ook interessant

Advies

Mijn relaties mislukken doordat ik mezelf niet leuk vind

De een werd jarenlang seksueel misbruikt, de ander neergestoken door een teleurgestelde ex. En toch ...
Lees verder
Interview

Ik vergeef je

De een werd jarenlang seksueel misbruikt, de ander neergestoken door een teleurgestelde ex. En toch ...
Lees verder
Branded content

Hoe cadeaus geven je relaties kan verdiepen

Natuurlijk draaien kerst en Sinterklaas niet alleen maar om cadeaus, maar de feestdagen zijn wel het...
Lees verder
Branded content

Hoe cadeaus geven je relaties kan verdiepen

Natuurlijk draaien kerst en Sinterklaas niet alleen maar om cadeaus, maar de feestdagen zijn wel het...
Lees verder
Advies

Stress door klagende collega

Op kantoor zit ik naast een collega die vaak humeurig is. Hij klaagt dan over het werk, over de baas...
Lees verder
Advies

Stress door klagende collega

Op kantoor zit ik naast een collega die vaak humeurig is. Hij klaagt dan over het werk, over de baas...
Lees verder
Artikel

Karatevoor agressieve jongeren

Ze zijn al vaak door de politie opgepakt en hebben met hulpverleners gepraat over hun agressiviteit....
Lees verder
Advies

Waarom keer ik me van hem af?

Na een vrij wild single-bestaan heb ik nu twee jaar een relatie met een lieve man die gek op mij is....
Lees verder
Interview

Ilja Leonard Pfeijffer: ‘Liefde draait om royaal geven’

In middeleeuws Genua vond de schrijver en dichter zeven jaar geleden zijn thuis. In het labyrint van...
Lees verder
Recensie

Verstrengelde levens

Entwined lives van Nancy Segal en Over tweelingen gesproken van Frits de Waard zijn twee recent gepu...
Lees verder
Advies

Hij wil al samenwonen, ik nog niet

De een werd jarenlang seksueel misbruikt, de ander neergestoken door een teleurgestelde ex. En toch ...
Lees verder
Advies

Hoe kan ik me weer veilig gaan voelen na gestalkt te zijn?

De een werd jarenlang seksueel misbruikt, de ander neergestoken door een teleurgestelde ex. En toch ...
Lees verder