David Sedaris: ‘Liefde laat je zien in ­daden, niet in woorden’

De Amerikaanse auteur David Sedaris (54) schrijft hilarische maar ook ontroerende verhalen over zijn ‘knotsgekke’ familie. Alhoewel hij het geen tien minuten met hen uithoudt, zijn het wel de mensen die hij het innigst liefheeft. ‘Alleen thuis kon ik mezelf zijn.’

David Sedaris houdt van winkelen. Hij doet het liever dan wat dan ook. Sterker nog: winkelen is de reden van zijn bestaan, verbetert hij zichzelf, niet zonder gevoel voor drama. Met een grote lach op zijn gezicht haalt hij zijn notitieboekje uit zijn overhemdzak, en begint spontaan de lijst met spullen op te sommen die hij tijdens zijn verblijf in Amsterdam wil kopen: meerdere paraplu’s, lampjes, een vloerkleed, een kruik met deksel, een deurbel, twee zonnebrillen, een medicijnkastje, pennen en potloden maatje 0,7, koelkastmagneetjes in de vorm van boombladeren, een bankje op wieltjes en een doosje lucifers met zwaluwen erop.

Hij grijnst en gaat verder: ‘Ik raak helemaal in een flow als ik ga shoppen. Het zit ‘m in de kick van het bemachtigen van iets heel moois of bijzonders. In alle steden waar ik kom, heb ik mijn favoriete winkels. Ik ben in januari al begonnen met kerstinkopen. Als Kerstmis overmorgen was, zou ik voor iedereen iets hebben.’

Geeft u graag cadeaus?

‘Ja, daarmee kun je laten zien dat je om de ander geeft. Liefde laat je zien in daden, niet in woorden. Ik krijg zelf liever een goed cadeau dan dat iemand zegt dat hij van me houdt. Een mooi kerstcadeau betekent echt iets. Ik ken mensen die cadeaus gaan kopen en dan de beste dingen voor zichzelf houden, maar je moet júíst de dingen weggeven die je zelf graag wilt hebben. Je wilt toch ook dat anderen dat bij jou doen?’

Niet alleen bij het doen van kerstinkopen, ook in Sedaris’ boeken draait het om de mensen van wie hij houdt. En dan hebben we het vooral over de leden van het gezin waarin hij opgroeide: vader, moeder en zes kinderen. Zo op het eerste gezicht een doorsnee Amerikaans gezin in Raleigh, de hoofdstad van North Carolina. Een gezin met een keurig vrijstaand huis en een auto in de garage, en een vader die een goede baan had als directeur bij ibm. Maar onderhuids en binnenskamers was er van alles aan de hand. Volgens Sedaris was het een ‘knotsgekke’ familie, en hij doet dan ook niets liever dan hun onvolkomenheden, innerlijke tegenstrijdigheden en onderlinge conflicten blootleggen. Het levert voor de lezer vaak hilarische en tegelijkertijd ontroerende passages op.

Waarom schrijft u zo graag over uw familie?

‘Dat is heel gek gelopen. Ik had zelf nooit kunnen bevroeden dat ik ooit nog eens verhalen over mijn familie zou gaan schrijven. Vroeger, in de eerste jaren van mijn schrijfcarrière, dacht ik dat je gewichtige onderwerpen moest nemen, zoals de politieke situatie in het land. Maar diep in mijn hart interesseerde me dat helemaal niet, en ik produceerde dus bloedeloze stukken. Daarnaast hield ik toen al een dagboek bij. Uiteindelijk was het iemand van de radio, die me in een stand-upcomedytheater een humoristisch verhaal uit mijn dagboek had zien voordragen, die me vroeg verhalen over mijn familie te schrijven en die voor te lezen. Toen ontdekte ik waar een goede tekst aan moet voldoen: die is zo geschreven dat de lezer er iets bij gaat voelen. Toen ik het over mijn familie ging hebben, lukte dat ineens. Puur omdat mijn familie zo’n groot deel van mijn leven is. Van hen weet ik het meest.’

Bent u een familieman?

‘Ja, en andere mensen houd ik meestal op afstand. Al toen ik klein was, had ik genoeg aan ons gezin. Nu ik niet meer in de buurt van mijn familie woon, heb ik genoeg aan het gezelschap van Hugh, mijn partner. Vrienden hoef ik niet, die geven zoveel gedoe. Je moet altijd voor ze klaarstaan op momenten dat je liever dingen voor jezelf wilt doen. Maar ik bleef vroeger ook graag thuis omdat ik heel angstig was aangelegd en allerlei nerveuze tics had. Ik likte dwangmatig aan lichtknopjes, telde stoeptegels, rolde met mijn ogen en slaakte allerlei vreemde, ongepaste geluidjes: Oeh! Ah! Eh! Thuis hoefde ik mijn tics niet te onderdrukken en kon ik lekker mezelf zijn.’

In wat voor soort gezin groeide u op?

‘Een gezin zoals je er zoveel had in de jaren zestig. Mijn vader ging naar zijn werk, kwam thuis en zei dan dat je je waffel moest houden. Hij schreeuwde vaak naar mensen. Als je niet gehoorzaamde aan de eettafel, sloeg hij op je kop met een lepel. Maar dat was niks bijzonders in die tijd, iedere vader deed dat.’

U hebt weleens gezegd: ‘Ik houd zielsveel van mijn familie, maar als ik langer dan tien minuten met ze in één kamer moet doorbrengen, word ik gek.’

‘O ja, dat geldt vooral voor mijn vader. Die uitspraak heeft te maken met het ideaalplaatje dat ik graag koester: dat mijn familieleden allemaal aardige mensen zijn die goed met elkaar kunnen opschieten en die allemaal even grappig zijn. Ik wil niet dat dat beeld wordt tegengesproken door de realiteit. Maar in werkelijkheid werken ze me snel op mijn zenuwen. Laatst logeerde een zus bij me en ze liet steeds het licht aan in de slaapkamer. Op een gegeven moment ontplofte ik en begon ik te schreeuwen: doe dat fucking licht nou eens uit! Waarop ze een huilbui kreeg en ik dacht: ben ik echt zo gestoord? Ik lijk precies mijn vader; dat ik zo’n groot punt maak van zoiets kleins.’

Hoe was uw relatie met uw moeder?

‘Ik aanbad haar. Ze stond altijd voor ons klaar, bracht ons overal naartoe met de auto en na het eten zat ze uren met ons aan tafel te lachen en te praten. Maar toen de kinderen het huis uit gingen, stortte haar wereld in en greep ze naar de drank. Het ging steeds meer bergafwaarts met haar. Een paar jaar nadat de kinderen het huis uit waren, is ze gestorven aan longkanker.’

Was ze zo ongelukkig?

‘Ja, maar dat realiseerde ik me pas aan het einde van haar leven, toen ze zo diep was gezonken dat ze zichzelf 24 uur per dag drogeerde met pillen en alcohol. Als ze in die tijd naar de buren wilde gaan om een praatje te maken, dachten wij: o God, dat kan niet, ze is hartstikke dronken, we schamen ons dood. Maar dat konden we niet tegen haar zeggen; dat was te pijnlijk. Iedereen wist dat ze nooit meer van de drank af zou komen. Dus deden we net alsof we het niet doorhadden, en zeiden we langs onze neus weg: ga morgen maar even naar de buren joh, nu gaan we lekker tv-kijken.’

Weet u wat haar zo ongelukkig maakte?

‘Tja, dat alcoholisme had ze van haar vader, maar ze heeft ook een moeilijke jeugd gehad die haar achtervolgde. Ze voelde zich nooit veilig in haar eentje, had altijd anderen om zich heen nodig. Toen wij op onszelf gingen wonen, is ze ten onder gegaan aan haar eenzaamheid.’

Ze had uw vader toch?

‘Ja, maar ook weer niet. Hij is gewoonweg niet het type dat in staat is zijn affectie te tonen. Toen mijn moeder longkanker kreeg, zei hij zo ongeveer elke vijf minuten tegen haar dat het haar eigen schuld was: had ze maar niet zoveel moeten roken. Hij snapt simpelweg niet hoe je je hoort te gedragen. Alles wat hij weet van sociaal contact en liefde heeft hij geleerd van wat hij op tv zag. Van thuis heeft hij niks meegekregen op dat gebied. Zijn ouders hadden een gearrangeerd huwelijk en maakten hem herhaaldelijk duidelijk dat hij een vergissing was. Het was alsof hij een krokodil en een panda als ouders had; dat was zo ongeveer het kennisniveau van mijn opa en oma over de liefde die je een kind hoort te geven.’

Toonde u zelf openlijk affectie naar uw familie?

‘Nee, dat deed je bij ons niet. Ik heb ooit een jongen gekend die tegen iedereen in zijn familie riep: ik hou van je, elke keer als hij ze aan de lijn had. Dat heb je van de tv, dacht ik dan, zoiets doe je niet. Ik zou het in elk geval nooit tegen iemand in mijn familie zeggen. Behalve toen mijn moeder op sterven lag, toen heb ik het, door de telefoon, één keer tegen haar gezegd. Waarop ze zei: dat had je nou niet moeten zeggen, jongen.’

Hoe liet uw moeder merken dat ze van u hield?

‘Door bijvoorbeeld vaak aan me te vragen: wat wil je eten vanavond? Waarop mijn vader mijn bloed wel kon drinken, omdat hij wilde dat ze zíjn lievelingskostje maakte. Toen ik ver van huis ging studeren, schreef mijn moeder me brieven over allerlei dagelijkse dingen uit het gezin. Dan schreef ze: je broertje Paul telt de dagen af tot je weer thuiskomt. Dat vond ik zó lief. Ik heb nooit aan haar liefde getwijfeld.’

Er is één persoon in z’n familie voor wie Sedaris geen kerstcadeau meer koopt: zijn zus Tiffany, die hij al jaren niet meer ziet. ‘Ze is geestelijk gestoord, zwerft vaak over straat, maakt een puinhoop van haar leven. Het gekke is: altijd als ik een zwerver zie, denk ik: waarom zorgt je familie niet voor je? Maar zelf zorg ik dus ook niet voor mijn zus. Ik kan absoluut niet met Tiffany omgaan. Ze is zo manipulatief, verschrikkelijk gewoon. Of ze slikt zoveel medicijnen dat het lijkt alsof ze een condoom om haar ziel heeft.’

Doet het u pijn?

‘Ja, het blijft toch familie. Elke dag denk ik aan haar: waar zou ze nu weer uithangen, hoe zou ze zich vandaag voelen? Lange tijd heb ik haar gehaat, maar het heeft geen zin iemand die zo ziek is te haten. Nu denk ik vooral: wat zonde dat ze zo’n zootje van haar leven heeft gemaakt.’

Voelt u zich schuldig?

‘Ja, als kind ben ik vaak ongelooflijk gemeen tegen haar geweest, net als de anderen in ons gezin trouwens. Op familiefoto’s van vroeger zie je hoe bang ze was. Je ziet de blik op haar gezicht: kan ik door deze fotosessie komen zonder dat iemand me slaat?’

Waarom deden jullie zo lelijk tegen haar?

‘Tiffany was het vogeltje dat uit het nest werd gestoten. Iedereen in ons gezin voelde wel aan dat er iets vreemds met haar was, al wisten we niet precies wat. Achteraf realiseer ik me hoe afschuwelijk het voor haar moet zijn dat ze nooit liefde van ons heeft gehad, niet eens van haar ouders. Ik stel me voor hoe eenzaam, onbeschermd, kwetsbaar en boos dat moet voelen. Ik heb dan wel niet zo’n band met mijn vader, maar ik dank God op mijn blote knieën dat in elk geval mijn moeder onvoorwaardelijk van me hield. Ik kon aan de lsd gaan en stoppen met school en liftend door het land trekken, maar nooit-nooit-nooit zou mijn moeder ophouden van me te houden, dat wist ik gewoon honderd procent zeker. Ouderliefde vormt de basis onder je bestaan.’

David Sedaris (54) groeide op in Raleigh, North Carolina. Hij deed de kunstacademie in Chicago, maar ontdekte dat hij geen kunstenaar is, en legde zich toe op het schrijven van humoristische verhalen en essays. Op z’n 35ste, in 1991, werd hij gevraagd zijn verhalen voor te lezen op de radio. Het werd een groot succes, met name door de satirische stijl waarop hij de hedendaagse Amerikaanse maatschappij beschrijft. In 1994 verscheen zijn eerste boek, Barrel fever, met korte fictieverhalen en autobiografische ­essays. Sindsdien schreef hij meerdere verhalenbundels. Veel van zijn verhalen gaan over zijn familie.

Sedaris gaat regelmatig op tournee om voordrachten te houden. Hij is met zijn spitsvondigheden en kwinkslagen een graag geziene gast in talkshows op de Amerikaanse radio en tv. Sedaris en zijn vriend Hugh wonen afwisselend in Engeland en Frankrijk. Sedaris’ meest recente in het Nederlands verschenen verhalenbundel is Van je familie moet je het hebben.

auteur

Edwin Oden

Ik schrijf heel graag. Het liefst mooie interviews waarin je de geïnterviewde ten diepste leert kennen. Daarnaast ben ik erg geïnteresseerd in de ontdekkingen die worden gedaan in de psychologie. Neem bijvoorbeeld het breinonderzoek, waar revolutionaire technieken de laatste jaren geweldige inzichten hebben opgeleverd.

» profiel van Edwin Oden

Dit vind je misschien ook interessant

Advies

Mijn moeder wil niet horen dat ik ongelukkig ben

De Amerikaanse auteur David Sedaris (54) schrijft hilarische maar ook ontroerende verhalen over zijn...
Lees verder
Interview

David Sedaris: ‘Liefde laat je zien in ­daden, niet in wo...

De Amerikaanse auteur David Sedaris (54) schrijft hilarische maar ook ontroerende verhalen over zijn...
Lees verder
Branded content

Hoe cadeaus geven je relaties kan verdiepen

Natuurlijk draaien kerst en Sinterklaas niet alleen maar om cadeaus, maar de feestdagen zijn wel het...
Lees verder
Branded content

Hoe cadeaus geven je relaties kan verdiepen

Natuurlijk draaien kerst en Sinterklaas niet alleen maar om cadeaus, maar de feestdagen zijn wel het...
Lees verder
Video

Tygo Gernandt over de heftige momenten in ‘Tygo in de ...

In deze documentairereeks van de Evangelische Omroep duikt Tygo een maand lang in de complexe wereld...
Bekijk video
Video

Tygo Gernandt over de heftige momenten in ‘Tygo in de ...

In deze documentairereeks van de Evangelische Omroep duikt Tygo een maand lang in de complexe wereld...
Bekijk video
Artikel

Kan een kind zonder vader?

Na een echtscheiding verliest 20 procent van de kinderen het contact met hun vader. Schaadt dat hun ...
Lees verder
Column

Vaders en dochters

De Amerikaanse auteur David Sedaris (54) schrijft hilarische maar ook ontroerende verhalen over zijn...
Lees verder
Interview

‘Ik voel me een puber die zich eindelijk durft te laten zi...

Sinds hij de oorlogsdagboeken van zijn vader las, durft journalist Ivo Weyel (62) zelf ook opener te...
Lees verder
Interview

Schrijver Nicci Gerrard: ‘Toen ik 60 werd, besloot ik meer...

Nicci Gerrard (60), de vrouwelijke helft van het thrillerschrijversduo Nicci French, heeft lang geda...
Lees verder
Advies

Mijn kinderen komen niet bij me langs

De Amerikaanse auteur David Sedaris (54) schrijft hilarische maar ook ontroerende verhalen over zijn...
Lees verder
Artikel

Zo krijg je een gelijkwaardige relatie

Geen seks met anderen, keurig bij je schoonouders op bezoek. Voor de liefde brengen we offers maar w...
Lees verder