Op het naambordje naast de deur staat ‘Ank en Wim Brekelmans’. De namen zijn omringd met oudroze bloemetjes. Als je belt, hoor je Anks stem: ‘U bent verbonden met het antwoordapparaat van Wim en Ank. Leuk dat je belt, maar we zijn er even niet.’ In het e-mailadres staan hun beider namen. Toch is Wim al een jaar dood.

Rouwexpert Manu Keirse: ‘Rouw gaat over liefde’

Was hij minister van Onderwijs, dan zou hij de dood op het lesprogramma zetten – al vanaf de kleut...

Lees verder

Bijna vijftig jaar waren ze samen, tot Wim overleed aan een ernstige longziekte. Zijn laatste woorden: ‘Ik kan jou niet alleen laten.’ Een jaar na Wims overlijden is Ank (70) nog bijna geen dag alleen geweest. Ze sport veel en gaat op stap met vriendinnen. Toch vóélt ze zich alleen. Zelfs op de tennisbaan, waar Wim nooit een stap heeft gezet.

Je ouder steunen

‘De buitenwereld heeft weinig aandacht voor degene die achterblijft. Als je samen oud bent geworden, mag je immers van geluk spreken. Dat één partner als eerste overlijdt, is onvermijdelijk. Maar voor de betrokkenen is het natuurlijk een ingrijpend verlies: hun levens zijn vergroeid,’ zegt Arthur Polspoel. Hij schreef het boek Het was toch een mooi leven, over rouw van ouderen om het verlies van hun partner.

Polspoel is emeritus hoogleraar aan de Theo­logische Faculteit Tilburg en heeft veel ervaring met rouw en palliatieve zorg. ‘Hoe ouder de achterblijvende partner is, des te kleiner is zijn vermogen om zich aan te passen aan de nieuwe situatie, om een nieuw leven op te bouwen zonder de ander.’

Log in om verder te lezen.