Oefening 1: Geef één compliment per dag

Vrouwen en meisjes die zich schamen voor hun lichaam en daar ongelukkig van worden, hebben aan één compliment al genoeg om zich ­beter te voelen. En dat compliment hoeft niet eens over hun uiterlijk te gaan, zo ontdekte de Amerikaanse psychologe Courtney Fea. Fea hoopt dat vooral ouders van opgroeiende dochters zich deze boodschap aantrekken. Het lijkt een open deur, maar in het dagelijks leven zijn mensen helaas niet zo complimenteus.

Training

Grip op je gedachten

  • Inzicht in je eigen denkgewoontes
  • Extra tips voor nachtelijk piekeren
  • Inclusief stappenplan voor het nemen van beslissingen
bekijk de training
Nu maar
€ 75,-

Oefening 2: Wrijving? Geef een compliment

Er is altijd wel één persoon met wie u wat wrijving hebt. Zit je bij een familiediner, of een etentje van het werk naast elkaar? Zoek dan naar iets positiefs bij deze persoon en geef een oprecht compliment (prachtige schoenen, goeie grap, goed gelukte pudding). Zie het als je geheime cadeau. Hiermee maak je ook jezelf blij, doordat je beter over jezelf gaat denken. Bovendien richt je je aandacht op het positieve, en dat fleurt je humeur automatisch op.

Oefening 3: Leer complimenten te accepteren

Hoe reageer je als iemand je een compliment geeft? Mensen die negatief over hun lichaam denken, gaan volgens psychologe Sabine Wilhelm complimenten vaak uit de weg.

Zo niet: Bijvoorbeeld door de aandacht snel naar de ander te verschuiven (‘jouw haar zit ook geweldig’) of door het compliment te ontkrachten (‘ach, die jurk heb ik al jaren’).

Zo wel: Maak de volgende keer dat je een compliment krijgt oogcontact, lach en zeg ‘dank je.’ Als dit je goed afgaat, kun je de volgende keer een stap verder gaan. Prijst iemand je nieuwe blouse, dan antwoord je bijvoorbeeld: ‘Bedankt, ik vind hem ook erg leuk.’

Psychologe Sabine Wilhelm schrijft in haar boek Feeling good about the way you look:  ‘Complimenten aannemen is niet ijdel of arrogant. Het betekent simpelweg dat je bereid bent andermans positieve mening over jou te accepteren.’

Oefening 4: Bedenk wat je zo goed vindt aan de ander

Neem 5 mensen in gedachten die je regelmatig ziet of spreekt. Dat kunnen bijvoorbeeld je partner, je beste vriend(in), je ouder, je broer of zus en/of je collega zijn.

Pak een kladblok en schrijf de 5 namen op. Bedenk nu bij elke persoon een paar sterke eigenschappen en/of dingen die je zo in de ander bewondert. Vraag je vervolgens af: wanneer heb ik dit voor het laatst tegen hem/haar gezegd?

Je zult tot de verrassende conclusie komen dat je misschien wel positieve gedachten over je naasten hebt, maar dat je die te weinig uit.