Ontwikkeling

Dat kinderen van gescheiden ouders zelf ook meer kans op een scheiding hebben, was al bekend. Uit onderzoek van een Duitse sociologe blijkt nu dat dit scheidingsrisico nog behoorlijk varieert onder invloed van de gezinsomstandigheden waarin een kind na de scheiding is opgegroeid.

De onderzoekster nam de trouw- en scheidingsgegevens van een grote groep mensen tussen de 18 en 55 jaar onder de loep. Mensen die bij hun beide biologische ouders zijn opgegroeid, blijken zelf inderdaad de stabielste huwelijken te hebben: na twintig jaar is nog 80 procent bij zijn eerste huwelijkspartner. Bij kinderen die na een scheiding opgroeiden bij alleenstaande ouders is dat 69 procent. Wie vervolgens in een stiefgezin is grootgebracht, heeft de grootste scheidingskans: van hen is slechts 59 procent na twintig jaar nog bij zijn of haar partner.

Waarschijnlijk hebben mensen die zijn opgegroeid in een stiefgezin er minder vertrouwen in dat hun huwelijk zal werken, zegt de onderzoekster. Vooral de mannen investeren minder vaak in ‘huwelijkskapitaal’ als een gezamenlijk huis of gezamenlijke kinderen. En zulke investeringen werken nu juist scheidingsremmend.

Psychologie Heute, november 2009