Waarom vaders juist voor dochters zo belangrijk zijn

Ik geef je moeder even,’ zei mijn vader steevast na een minuut, als ik naar mijn ouders belde. Allebei vonden we dat het handigste. Met mijn moeder praatte het makkelijker, en door alle eerdere gesprekken had zij de meeste voorkennis. Moeders zijn nu eenmaal beter in dingen als kinderen naar bed brengen, voorlezen, troosten, kletsen. Dat vond mijn vader, en dat vonden mijn zus en ik ook. Want hoewel we veel van elkaar hielden, was het contact altijd wat onwennig. Pas toen hij ongeneeslijk ziek werd, oversteeg de noodzaak de ongemakkelijkheid. Op de valreep hadden we een paar intieme vader-dochtergesprekken. Waarna ik me afvroeg waarom we dat niet veel eerder hadden gedaan…

Training

Positief opvoeden voor puberouders

  • Positief contact maken met je kind
  • Omgaan met je eigen emoties én die van je kind
  • Afspraken maken en grenzen stellen
bekijk de training
Nu maar
€ 75,-

De Amerikaanse onderzoekster en universitair docent Linda Nielsen doet al dertig jaar onderzoek naar de band tussen vaders en dochters. Die vergelijkt ze met het lampje in de koelkast: het is er, maar we denken er nauwelijks aan. Toch zijn er twee belangrijke redenen waarom de vader-dochterrelatie meer aandacht verdient, schrijft ze in haar boek Father-daughter relationships. De eerste reden is dat de band meestal niet zo goed is als hij zou kunnen zijn. Hij is minder communicatief, minder ontspannen, en minder intiem dan de relatie tussen moeders en dochters. En hij is kwetsbaarder: er hoeft minder te gebeuren om hem te verstoren of helemaal te laten verdwijnen.

Nou én, kun je denken. Maar de tweede reden dat we volgens haar meer aandacht moeten geven aan de vader-dochterband is dat de kwaliteit ervan een grote, levenslange invloed heeft. Niet alleen op de dochter, maar ook op de vader.

Het idee dat vaders er niet zo toe doen in de opvoeding, en al helemaal niet in de opvoeding van dochters, wordt ons – nog steeds – met de paplepel ingegoten. In kinderboeken zijn de moeders bijna altijd de belangrijkste opvoeders, blijkt bijvoorbeeld uit onderzoek waarbij een groot aantal kinderboeken onder de loep is genomen. En in reclames zie je moeders en dochters samen winkelen, theedrinken en crèmes smeren; de schaarse rol die de vader krijgt is het begeleiden van zijn dochter naar het altaar. In tv-series wordt de vader vaak een beetje kinderachtig en sukkelig afgeschilderd, terwijl de moeder het verstandigst is.

Boeken als Mannen komen van Mars, vrouwen van Venus versterken het idee nog verder dat vrouwen geschikter zijn om op te voeden, omdat ze communicatiever en empathischer zouden zijn dan mannen. Ten onrechte, want het meeste onderzoek laat juist zien dat mannen en vrouwen eigenlijk verrassend weinig verschillen in hun gedrag en persoonlijkheid. Er zijn maar enkele echte verschillen vastgesteld: mannen hebben meer ruimtelijk inzicht, zijn gemiddeld agressiever, en kunnen een bal harder en verder gooien. Maar eigenschappen die van pas komen om een liefdevolle en zorgzame ouder te zijn, hebben mannen en vrouwen in gelijke mate, zoals empathie, compassie, zorgzaamheid en hulpvaardigheid.

Levenslang voordeel

Toch verschilt de manier waarop vaders en moeders opvoeden wel een beetje. Hoewel de ene vader natuurlijk de andere niet is, hebben de meeste vaders de neiging hun kinderen meer uit te dagen, lichamelijk en intellectueel. Ze stoeien wilder, laten hun kinderen niet uit medelijden winnen met een spelletje, en laten hen meer dingen zelf uitproberen. Waar veel moeders hun kinderen zoveel mogelijk in hun comfortzone houden, rekken vaders die grenzen juist op. En daarbij zijn ze minder gevoelig voor gejammer en zelfmedelijden.

Deze manier van opvoeden geeft dochters voordelen die een leven lang meegaan, blijkt uit veel verschillende onderzoeken. Meisjes met een goede band met hun vader staan bijvoorbeeld steviger in hun schoenen dan meisjes met een slechte band. Ze hebben meer zelfvertrouwen, maken minder stresshormonen aan, en hebben minder kans op een depressie. Ze hebben bovendien een actieve levenshouding, waarbij ze verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen succes en geluk.

En dat betaalt zich weer uit in betere prestaties op school en in het werkende leven. Een betrokken vader heeft een levenslange positieve invloed op de prestaties van zijn kinderen, en dan vooral op die van dochters.

Tienerzwangerschappen

Behalve schoolsucces en zelfvertrouwen is er nog een heel belangrijk gebied waarop vaders meer invloed hebben dan moeders: de manier waarop dochterlief omgaat met mannen. Van jongs af aan leert ze door de omgang met haar vader hoe je open en eerlijk met mannen kunt communiceren, verschillen oplost en je eigen behoeften uit. Het gevoel dat ze het waard is om van gehouden te worden door mannen, wordt gevoed door de liefde en aandacht van haar vader.

Dochters met een veilige, liefdevolle relatie met hun vader hebben dan ook meer kans op een goede en gelijkwaardige relatie als volwassene, komt uit het ene na het andere onderzoek. In vergelijking met dochters met een slechte vader-dochterband stellen ze zich minder afhankelijk op van hun partner en stellen ze duidelijke grenzen. Tegelijkertijd durven ze hun emoties en angsten te laten zien, en steun en troost aan hun geliefde te vragen.

Ontvang psychologische inzichten en adviezen in je inbox

Elke donderdag op de hoogte blijven van deskundige, toegankelijke inzichten voor het dagelijks leven? Psychologie Magazine helpt je verder.

Ja, ik ontvang graag de nieuwsbrief

Wanneer een vader zich daarentegen weinig bemoeit met het gezin en geen emotionele band opbouwt met zijn dochter, of als er helemaal geen contact is, heeft dat een interessant effect op het seksleven van dochters. Steevast wordt vastgesteld dat deze ‘vaderloze’ meisjes sneller het bed in duiken, meer seksuele partners hebben, meer soa’s oplopen en eerder zwanger raken. Onder Amerikaanse tienermeisjes in gezinnen zonder vader komen bijvoorbeeld zeven tot acht keer zoveel zwangerschappen voor dan in intacte gezinnen.

Vorig jaar ontdekten Amerikaanse onderzoekers dat alleen al dénken aan een vader die er niet voor je was, de seksuele normen omlaaghaalt: jonge vrouwen die terugdachten aan een belangrijke levensgebeurtenis waarbij hun vader afwezig was, zoals een diploma-uitreiking, bleken prompt losser over seks te gaan denken. Ze verwachtten meer bedpartners te hebben, stonden negatiever tegenover condooms en waren het vaker eens met stellingen als: seks zonder liefde is prima. Dit effect bleek alleen te gelden voor de vader-dochterband, en niet voor moeders-dochters, zonen of goede vrienden.

Blote jurk

Misschien ligt de belangrijkste verklaring wel in het feit dat betrokken vaders vaker gesprekken met hun dochters hebben over verkering en seks. Vaders kunnen bijvoorbeeld beter aan hun dochters uitleggen hoe jongens soms druk uitoefenen om seks te hebben, of een blote jurk kunnen opvatten als een seksuele boodschap. Op die manier maken vaders hun dochters seksueel assertiever. Inderdaad blijken dochters van betrokken vaders beter in staat om ‘nee’ te zeggen tegen seks. De seksuele voorlichting van de vader blijkt bovendien doorslaggevender op het gedrag van dochters dan voorlichting van de moeder.

Maar er is ook een mysterieuzer effect dat vaders op de seksualiteit van hun dochters hebben. Al jaren blijkt uit onderzoek dat dochters van kille of afwezige vaders veel vroeger in de puberteit komen. Kennelijk wordt er een knopje ‘versnelde voortplantingsstrategie’ ingedrukt wanneer een vader niet beschikbaar is. Evolutionair psychologen verklaren dit als volgt: stressvolle ervaringen, zoals een afwezige vader, zijn voor het lichaam een aanwijzing dat de toekomst moeilijk zal zijn. Daar reageert het op door snel volwassen te worden om zich zo snel mogelijk voort te planten, voor betere overlevingskansen van de soort.

Druk op de kostwinner

Vaders zijn dus veel belangrijker voor hun dochters dan lange tijd is aangenomen. De conclusie is dan makkelijk getrokken: vaders moeten gewoon meer aandacht aan hun meisjes geven. Toch ligt het niet zo simpel. Natuurlijk zijn er vaders die weinig interesse hebben in hun dochters, of zo met hun werk bezig zijn dat ze pas bij hun pensioen merken dat ze de opvoeding hebben gemist. Maar er zijn ook veel vaders die dolgraag betrokken willen zijn, maar daarin op de een of andere manier worden afgeremd.

Een vroeg obstakel is het hardnekkige idee dat de moeders de belangrijkste verzorgers zijn. Zij zouden vanuit hun moederinstinct beter aanvoelen wat een baby nodig heeft – een instinct dat overigens nooit is bewezen. Maar ook vaders geloven daarin, en houden zich vol eerbied wat afzijdig.

Doordat de moeder zwangerschapsverlof krijgt, neemt zij vervolgens een groter deel van de dagelijkse verzorging voor haar rekening. Zo leert ze de baby inderdaad beter kennen en aanvoelen. Bovendien komt bij het lichaamscontact – vasthouden, knuffelen, verzorgen – het bindingshormoon oxytocine vrij, bij ouder en kind. Dit hormoon werkt rustgevend en versterkt de band, elke keer als het vrijkomt. Vaders hebben dus al vanaf het begin een achterstand.

Ondertussen worden mannen nog steeds gezien als hoofdkostwinner. En juist als er kinderen komen, voelen mannen een grote druk om zoveel mogelijk geld te verdienen voor hun gezin, zelfs als ze daardoor minder tijd thuis zijn.

Maar een van de sterkste factoren die de vader-dochterband beïnvloeden is de moeder, zegt onderzoeker Linda Nielsen. Moeders hebben meer macht dan vaders om te bepalen welke rol een vader in het leven van zijn kinderen mag spelen. Zij is de poortwachter. Op directe en indirecte manieren ontmoedigen en stimuleren moeders de band tussen vader en dochter – en dat doen ze meestal niet eens bewust. Vaak zit het ontmoedigen in kleine dingen: meekijken of de vader het wel goed doet, corrigeren, kritiek geven, rollen met de ogen, optrekken van de wenkbrauwen. Dat gedrag maakt duidelijk aan de vader én de dochter dat hij de ‘mindere’ opvoeder is. Daardoor neemt zijn zelfvertrouwen af en trekt hij zich terug.

Uit Japans onderzoek blijkt inderdaad dat hoe meer vertrouwen een moeder heeft in haar man, hoe positiever de dochter denkt over de band met haar vader. Uit ander onderzoek komt dat baby’s veiliger gehecht zijn aan hun vader – een veilige, geborgen relatie met hem hebben – wanneer de moeder zijn manier van opvoeden steunt.

TEST
Doe de test »

Hoe positief betrokken ben je bij je kind?

Ook het huwelijksgeluk van de ouders speelt een rol. In ongelukkige, stressvolle huwelijken heeft de vader de neiging zich emotioneel terug te trekken, terwijl moeders dan juist meer tijd gaan steken in de kinderen. Dus terwijl de vader-dochterband achteruitgaat, wordt de band tussen moeder en dochter juist sterker. En dat effect is sterker voor dochters, omdat moeders hen meer in vertrouwen nemen over hun huwelijksproblemen dan zonen.

Helemaal gevaarlijk voor de band zijn echtscheidingen. De poortwachterrol van de moeder wordt dan nog sterker, en vaders krijgen gemiddeld nog minder tijd met hun kinderen. En jawel, alweer is de vader-dochterband het gevoeligst: in een twintigjarig onderzoek onder 175 kinderen gaven drie keer zoveel dochters als zonen aan dat de band met hun vader was verslechterd.

Er zijn dus nogal wat obstakels in de band tussen vaders en dochters. En verloopt het contact eenmaal wat stroef, dan zijn ze niet snel geneigd om daar iets aan te doen, zegt Nielsen. De dochter kan haar belevenissen en sores immers ook prima bij haar moeder kwijt. De vader voelt zich onhandig en trekt zich terug. En de moeder voelt zich heerlijk als de centrale ‘gezinscommunicator’ – degene die de telefoon krijgt.

Samen tijd doorbrengen

Toch kan er nog veel worden gerepareerd, zelfs als dochters al volwassen zijn en studeren. Dat merkt Nielsen aan het populaire keuzevak ‘Vaders en dochters’, dat ze twintig jaar terug begon. Elke cursus zit de collegezaal stampvol met meisjes (en een enkele mannelijke student), en met elk college verbetert de band met hun vader mee. Alleen al de wetenschap dat vaders heel belangrijk zijn, en het begrip hoe de band wordt belemmerd, werkt dus positief.

Maar misschien wel de grootste oppepper voor de relatie is om elkaar simpelweg beter te leren kennen, en samen tijd door te brengen. De eindopdracht van Nielsens cursus is dan ook een drie uur durend interview met hun vader – zonder moeder in de buurt. Voor de grote meerderheid van de studentes is dat de eerste keer dat ze langer dan een uur met hun vader praten. De vragen gaan over hun vaders eigen jeugd en opvoeding; zijn leven voor haar geboorte; over hoe hij het vaderschap heeft ervaren; en hoe hij over de band tussen hen tweeën denkt.

Voor zowel de studentes als hun vaders is deze opdracht best spannend. Maar het effect ervan is enorm, is Nielsens ervaring. Bijna zonder uitzondering komen haar studenten ontroerd en verrast terug, ook als ze jarenlang geen contact met hun vader hadden gehad. Nielsen krijgt zelfs regelmatig bedankbrieven van vaders.

Dochters horen tijdens het interview dingen van hun vader waar ze nog nooit over hebben gepraat. Ze begrijpen beter hoe zijn eigen jeugd hem heeft gevormd, en hoe de band met zijn ouders invloed heeft op hun band. Voor veel dochters is het bovendien de eerste keer dat ze zoveel over hun vaders gevoelens horen. En, misschien nog wel het belangrijkste: zijn gevoelens voor háár. Een dochter schreef in haar verslag: ‘Hij was zo aandoenlijk toen hij vertelde hoe zenuwachtig hij was om me na mijn geboorte vast te houden. Ik huilde, omdat ik eindelijk voelde hoe belangrijk ik voor hem ben.’

Bronnen o.a.: L. Nielsen, Father-daughter relationships, Routledge, 2012 / L. Nielsen, Between fathers & daughters, Cumberland House Publishing, 2008 / A. Croft e.a., The second shift reflected in the second generation (…), Psychological Science, juli 2014

Vader met stofzuiger heeft meer invloed

Een vader die veel met zijn werk bezig is, zal de ambities van zijn dochter wel aanwakkeren – zou je verwachten. Maar gloednieuw onderzoek door de universiteit van British Columbia laat het tegenovergestelde zien. Juist de vaders die geregeld met de stofzuiger en de afwasborstel in de weer zijn, hebben dochters die ambitieuzere, meer ‘mannelijke’ carrières nastreven. En in gezinnen waar de vader werkt en de moeder het huishouden doet, dromen de dochters meer van ‘vrouwelijke beroepen’, zoals verpleegster, juf of huismoeder. Onderzoekster Linda Nielsen: ‘Mijn interesse in vaders en dochters als onderzoeksgebied begon toen ik op mijn veertigste trouwde met een man die al twee kinderen had uit een eerder huwelijk. Rond dezelfde tijd overleed mijn eigen vader. Ik begon na te denken over de rol die hij in mijn leven had gespeeld; de intimiteit die er was toen ik jong was, de afstandelijkheid die intrad toen ik ging puberen, de ruzies die we uitvochten over vriendjes en politiek. Helemaal omdat ik bij mijn man zag hoe het ook anders kon; hoe hij er wél in slaagde om een opgroeiend meisje zowel vrijheid te geven als veiligheid. De dierbaarste herinneringen aan mijn eigen vader zijn de keren dat we samen gingen vissen. Die momenten met zijn tweetjes maakten dat ik me volwassen voelde, en bijzonder – helemaal omdat we zoiets on-meisjesachtigs deden.
Het belangrijkste dat hij me meegaf? Mijn vader heeft nooit gedaan alsof ik perfect was. Hij wees me op mijn tekortkomingen, en liet me merken dat hij desondanks van me hield. Dat is de waardevolste les die je kunt krijgen in de liefde: je hoeft niet perfect te zijn om bemind te worden.’