Oliver Sacks: Het leven van een rasoptimist

Er ging een schok door de wereld toen Oliver Sacks dit voorjaar bekendmaakte dat zijn einde nabij is. Op 30 augustus 2015 overleed hij. Portret van ’s werelds populairste neuroloog.

Oliver Sacks (82) publiceerde eerder dit jaar een ontroerende open afscheidsbrief in The New York Times. ‘Ik heb uitgezaaide leverkanker en nog maar een paar maanden te leven,’ liet hij weten. Vanuit allerlei landen stroomden meelevende reacties binnen voor de geliefde neuroloog, die de wereld meeslepende boeken over mensen met bijzondere hersenaandoeningen zal nalaten. Begin augustus verscheen zijn onthullende autobiografie Onderweg in het Nederlands. Vijf onverwachte kanten van zijn persoonlijkheid.

1. Sacks wordt gedreven door schuldgevoel

Misschien is Oliver Sacks’ grootste pijn wel dat hij opgroeide met een oudere broer die schizofrenie had. Michael Sacks kreeg vanaf zijn 15de heftige psychoses, nadat hij – net als zijn broertje Oliver – in de oorlog op een vreselijke Engelse kostschool had gezeten waar kinderen werden geslagen en geterroriseerd. De broertjes waren daarnaartoe gestuurd omdat het te gevaarlijk was in hun woonplaats Londen. In zijn autobiografie Onderweg schrijft Sacks dat hij als kind doodsbang was voor zijn broer, die tijdens psychotische aanvallen schreeuwend en stampvoetend door het huis doolde, als een boosaardige klopgeest. Sacks kroop in zijn schulp, maakte op zolder zijn eigen scheikundelaboratorium, hield de deur stijf dicht en sloot zijn oren voor Michaels gekte. ‘Ik voelde diepe sympathie voor hem, maar ik moest afstand houden, mijn eigen wetenschappelijke wereldje creëren – alleen op die manier zou ik niet meegesleurd worden in zijn chaos, zijn gekte.’

Michaels ziekte werd een steeds grotere last voor de familie Sacks. Voor Oliver was het een reden om, na zijn studie geneeskunde in Oxford, naar Amerika te verhuizen. Die vlucht was nodig om een eigen leven te kunnen beginnen. Toch zou Sacks heel zijn leven vaak aan zijn broer blijven denken, en het schuldgevoel over het achterlaten van zijn hulpbehoevende broer voelt op z’n 82ste nog net zo vers als destijds, schrijft hij in zijn autobiografie. Dat schuldgevoel heeft hij in zijn werk gestopt, denkt hij achteraf: ‘Mijn loopbaan was een poging om schizofrenie en soortgelijke hersenaandoeningen te onderzoeken.’

Omdat hij het van zo nabij had meegemaakt, wilde Sacks als neuroloog niet alleen in medische termen over hersenaandoeningen schrijven, maar ook over wat het voor zijn patiënten betekende met zo’n aandoening te moeten leven. In 1973 publiceerde hij Awakenings, over de overlevenden van de slaapziekte-epidemie uit de jaren twintig. Deze patiënten had hij eind jaren zestig onder behandeling gehad in het Beth Abraham verpleeghuis in New York. Door een hersenontsteking waren ze in een subcoma terechtgekomen, en al tientallen jaren aan het vegeteren. Sacks pakte het anders aan dan de meeste medici in die tijd: hij publiceerde niet alleen over de wonderlijke effecten nadat hij deze patiënten experimenteel het middel L-DOPA had toegediend – de patiënten ontwaakten er tijdelijk door uit hun coma – hij schreef ook alle individuele verhalen van de patiënten op: hoe verloren ze zich voelden toen ze ruim veertig jaar later opeens waren ontwaakt in een wereld die hen totaal vreemd was.

Na het verschijnen van Awakenings besloot Sacks de droge wetenschappelijke tijdschriften links te laten liggen en voortaan boeken te schrijven waarin zijn patiënten centraal stonden. Zijn vierde boek, De man die zijn vrouw voor een hoed hield, werd in 1985 zijn internationale doorbraak als schrijver. Het was een bundeling verhalen over de levens van bijzondere hersenpatiënten. De man uit het titelverhaal, ‘dr. P.’, was een muziekonderwijzer die aan visuele agnosie leed: door een beschadiging in een specifiek deel van zijn visuele hersenschors zag hij objecten aan voor mensen – de wereld stond versteld dat zoiets vreemds je kan overkomen.
Het mooie aan Sacks’ gevalsbeschrijvingen is dat hij ons wil laten zien dat een mens niet alleen maar zijn stoornis of zijn hersenschade is, en dat het brein flexibel is – het kan zich tot op zekere hoogte aanpassen, waardoor patiënten vaak toch nog een zinvol leven kunnen leiden.

2. Sacks zoekt altijd de grenzen op

Toen Sacks 12 was, schreef een onderwijzer in zijn rapport: ‘Hij kan ver komen, als hij maar niet te ver gaat.’ De man had gelijk. Bij de familie Sacks stonk het vaak ontzettend naar vieze gassen, doordat Oliver weer eens te ver was gegaan met zijn chemische experimenten.

Sacks zou zijn hele leven allerlei dingen blijven uitproberen, met zichzelf als proefkonijn. Als hij ging zwemmen, nam hij niet even een frisse duik, nee, hij zwom zo zes uur achter elkaar door, omdat hij wilde kijken of hij om een heel eiland kon zwemmen – dat boten hem niet zagen en hem rakelings misten, interesseerde hem niet. Als verwoed motorrijder trok hij regelmatig kriskras door Amerika, duizenden kilometers makend. In de periode dat hij in San Francisco werkte, verruilde hij elke vrijdagmiddag zijn doktersjas voor een leren pak, stapte op de motor en reed in trance achthonderd kilometer aan één stuk over Route 66, om de zonsopgang in de Grand Canyon te zien. ‘Ik reed door de nacht, mijn borst plat op de tank, zo haalde ik 160 kilometer per uur,’ schrijft Sacks in zijn autobiografie. ‘Met de wind op mijn lijf voelde ik dat ik lééfde. Er was geen verkeer, ik hield van de leegte van de weg.’ Dat hij met die grote snelheden bijna-ongelukken veroorzaakte, en zelfs twee keer een ongeluk had dat hem bijna fataal werd, nam hij voor lief.

Dat levensgevaarlijke geëxperimenteer bereikte een climax toen Sacks in de jaren zestig ging gewichtheffen en vervolgens drugs gebruiken – indertijd enorm in de mode in Californië. In het ziekenhuis waar hij werkte, kon je als arts gratis lunchen. Sacks gooide elke dag vijf dubbele cheeseburgers en zes extra large milkshakes naar binnen om in de zwaarste gewichtsklasse te komen. Het lukte hem om met een gewicht van 272 kilo op zijn schouders het California squat-record te halen.
Achteraf vindt Sacks dat hij toen te ver ging: hij heeft zijn spieren er voorgoed mee vernield en er blijvende rugpijn aan overgehouden. ‘Ik werd sterk, heel sterk van al dat gewichtheffen, maar het deed niets voor mijn karakter, dat precies hetzelfde bleef: timide, verlegen, onzeker en teruggetrokken.’
Na een onbeantwoorde liefde op zijn 27ste – over zijn liefdesleven straks meer – huurde Sacks een afgelegen huisje diep in de bossen en ging stevig aan de drugs. ‘Drugs waren een soort compensatie, ik voelde me wanhopig eenzaam en afgewezen.’ Maar hij wilde ook graag zelf ervaren wat psychoactieve drugs met je doen, om beter te begrijpen wat zijn patiënten meemaakten als ze medicatie moesten slikken die de werking van hun hersenen veranderde.

Cannabis, blauwewindezaad, LSD, amfetamine: vier jaar lang leidde Sacks een dubbelleven. Doordeweeks was hij in het ziekenhuis de scherpe neuroloog, in het weekend zwaar gedrogeerd. Hij was dankbaar voor de meest bizarre hallucinaties. Een keerzijde was dat hij vaak niet sliep en at. Tot hij in 1965 in New York ging werken en aan psychoanalyse begon omdat hij zich steeds ongelukkiger was gaan voelen. Zijn therapeut eiste dat hij stopte met drugs. Sacks had daar moeite mee, maar na een heel slechte trip besloot hij toch maar te stoppen. ‘In die tijd dachten mijn vrienden dat ik de 35 niet zou halen – en ik zelf ook niet. Maar dankzij de psychoanalyse, goede vrienden, het bevredigende werk met fascinerende patiënten om wie ik gaf, en natuurlijk geluk, heb ik tegen alle verwachtingen in de 80 gehaald,’ schrijft Sacks.

3. Sacks maakt overal notities – maar leest ze nooit terug

‘Ze noemden me Inky als kind, en nog steeds zit ik net zo onder de inkt als zeventig jaar geleden,’ vertelt Sacks in zijn autobiografie. Hij is een dwangmatig opschrijver van losse gedachten en houdt overal verslagen van bij. Bij de laatste telling had hij ruim duizend opschrijfboekjes. Hij heeft er standaard een paar op zijn nachtkastje liggen, voor dromen en gedachten in de nacht. En niet te vergeten naast het zwembad en op het strand, want als hij zwemt, heeft hij vaak de beste invallen: komen er hele zinnen en alinea’s in hem op.

Sacks kijkt vrijwel nooit naar zijn krabbels. ‘Opschrijven volstaat. Dat helpt mij om gedachten en gevoelens te verhelderen. Dingen noteren is een integraal deel van mijn geestelijk leven. Al schrijvende ontstaan mijn ideeën. Het is een manier van praten tegen mezelf.’

4. Sacks trekt zich niks aan van andermans mening

Vaar je eigen koers, jaag je dromen na en trek je niets aan van wat anderen ervan denken: dat is Sacks’ belangrijkste levensmotto. Zo leven geeft hem een gevoel van diep geluk en voldoening, zegt hij. Hij heeft die instelling al sinds het begin van zijn carrière. Een van zijn eerste banen was in een migrainekliniek; hij schreef daar zijn eerste boek, over migraine en de patiënten uit de kliniek. Maar dokter Friedman, het hoofd van de kliniek, was er fel op tegen. Hij zei dat Sacks een verkeerde visie had op migraine en verbood hem het boek te publiceren – volgens Sacks was het een typisch geval van de meester die het niet kan verkroppen dat zijn leerling boven hem uitstijgt.

‘Als je toch publiceert, zal ik er via mijn connecties persoonlijk voor zorgen dat je nergens meer aan de bak komt als neuroloog,’ dreigde Friedman. Maar Sacks liet zich niet intimideren, publiceerde zijn boek en werd zoals verwacht ontslagen. Hij reageerde laconiek: ‘Zo, dat probleem is ook weer opgelost. Nu ben ik vrij om te doen wat ik wil.’

5. Sacks wachtte tot zijn 76ste met de liefde.

‘Ik gruw van je, ik wou dat je nooit geboren was.’ Dat hoorde Sacks, op dat moment 18, zijn moeder zeggen toen ze erachter was gekomen dat hij homo was. Als fervent Bijbellezer hield ze vast aan de verzen waarin homoseksualiteit wordt veroordeeld. Haar harde woorden zijn hem het grootste deel van zijn leven blijven achtervolgen. Ze maakten dat hij zijn homoseksualiteit onderdrukte en zadelden hem op met een schuldgevoel over iets ‘wat een vrije en vreugdevolle expressie van seksualiteit had moeten zijn’. Tel daarbij op dat je in Engeland in Sacks’ jonge jaren nog in de gevangenis kon komen wegens het praktiseren van homoseksualiteit en het is begrijpelijk dat hij beschroomd was om iets met zijn liefde voor mannen te doen.
Als twintiger en dertiger werd zijn liefde een keer of drie niet beantwoord, en daarna viel zijn liefdesleven decennialang volledig stil. Zijn seksualiteit zou 35 jaar op slot gaan. Als een bezetene richtte hij zich nog meer dan voorheen op zijn werk.

Pas op zijn 76ste werd Sacks wakker gekust door de ware liefde: de ongeveer dertig jaar jongere Billy Hayes, een Amerikaanse non-fictieschrijver en fotograaf. Ze waren ergens aan de praat geraakt en gingen weleens samen eten. Dat was wel gezellig, vond Sacks. Na een jaar zei Billy tegen hem: ‘Ik ben heel veel van je gaan houden.’ Het was alsof hij Oliver daarmee wakker schudde – die had helemaal niks doorgehad. Maar vanaf dat moment keek Sacks voorzichtig naar zijn eigen gevoel en durfde uiteindelijk toe te geven dat hij ook stapel was op Billy.
Daarna was het hek van de dam. Sacks begon zich te gedragen als een verliefde puber. Elke dag wachtte hij in spanning op een telefoontje van Bill. ‘Ik was heel emotioneel in die tijd,’ herinnert Sacks zich in zijn autobiografie. ‘De muziek waarvan ik hield of het lange gouden zonlicht van de late middag maakten me al aan het huilen. Ik snapte niet goed waarom ik precies huilde, maar ik voelde een intens gevoel van liefde, dood en vergankelijkheid – al die dingen onlosmakelijk met elkaar verbonden.’

De relatie houdt tot op de dag van vandaag stand. Wat hem zo in Billy aanspreekt? ‘Ik houd van de manier waarop hij denkt, tegelijk serieus en speels,’ aldus Sacks, ‘en van zijn gevoeligheid voor de emoties van anderen, en ook van zijn combinatie van rechtdoorzee-zijn en voorzichtigheid met mensen.’ Die lovende woorden zouden niet misstaan als karakteromschrijving van Sacks zelf. //

Oliver Sacks (82) groeide met drie oudere broers op in een joods, Londens artsengezin; zijn vader was huisarts, zijn moeder een van de eerste vrouwelijke chirurgen in Engeland. Hij studeerde net als twee oudere broers geneeskunde. Op zijn 27ste emigreerde hij naar Californië en werkte daar als neuroloog in een aantal ziekenhuizen.

In 1965 verhuisde hij naar New York, waar hij nog steeds een eigen praktijk heeft.
Zijn boek Awakenings, over de hersenpatiënten die hij uit hun mysterieuze slaap wist te wekken, werd in 1990 verfilmd met Robert De Niro en Robin Williams. Andere beroemde boeken waarin Sacks over patiënten met bijzondere hersenaandoeningen schrijft, zijn. De man die zijn vrouw voor een hoed hield; Musicofilia, verhalen over muziek en het brein, en Hallucinaties.
Op 30 augustus 2015 overleed ’s werelds beroemdste neuroloog.

Boekentip

Onderweg

Oliver Sacks
auteur

Edwin Oden

Ik schrijf heel graag. Het liefst mooie interviews waarin je de geïnterviewde ten diepste leert kennen. Daarnaast ben ik erg geïnteresseerd in de ontdekkingen die worden gedaan in de psychologie. Neem bijvoorbeeld het breinonderzoek, waar revolutionaire technieken de laatste jaren geweldige inzichten hebben opgeleverd.

» profiel van Edwin Oden

Dit vind je misschien ook interessant

Recensie

De laatste woorden van Oliver Sacks

Dankbaarheid overheerste bij neuroloog Oliver Sacks in zijn laatste dagen. Recensent Ranne Hovius le...
Lees verder
Recensie

De laatste woorden van Oliver Sacks

Dankbaarheid overheerste bij neuroloog Oliver Sacks in zijn laatste dagen. Recensent Ranne Hovius le...
Lees verder
Branded content

Beveiligd: Mini-cursus: gelukkig door klein geluk

Er is geen samenvatting, omdat dit een beveiligd bericht is.
Lees verder
Branded content

Beveiligd: Mini-cursus: gelukkig door klein geluk

Er is geen samenvatting, omdat dit een beveiligd bericht is.
Lees verder
Interview

Boekenwijsheid: Esther Bergsma over de boeken die haar hebbe...

Esther Bergsma, hoogsensitief, sociaalwetenschappelijk onderzoeker en schrijfster, kiest de boeken u...
Lees verder
Interview

Boekenwijsheid: Esther Bergsma over de boeken die haar hebbe...

Esther Bergsma, hoogsensitief, sociaalwetenschappelijk onderzoeker en schrijfster, kiest de boeken u...
Lees verder
Artikel

Plezier: je bent ervoor gemaakt

Genot is goed voor ons. Als de natuur niet had gewild dat we seks hebben of snoepen, had ze er wel v...
Lees verder
Recensie

Het brein in het dagelijks leven

Doe een dutje op je werk, is een van de adviezen van de Amerikaanse onderzoeker Pierce Howard. Zo ve...
Lees verder
Video

Tygo Gernandt over de heftige momenten in ‘Tygo in de ...

In deze documentairereeks van de Evangelische Omroep duikt Tygo een maand lang in de complexe wereld...
Bekijk video
Artikel

6 tips om je hoogsensitieve kind te helpen

Ze zijn creatief en zorgzaam, maar ook emotioneler en sneller vermoeid. Wat je kunt doen om een hoog...
Lees verder
Artikel

Howard Gardner: ‘U bezit acht intelligenties’

Wat is intelligentie? Het standaardantwoord uit de psychometrie luidt: 'Intelligentie is wat een int...
Lees verder
Artikel

Een doeltreffend schot

Een ervaren voetballer heeft slechts een fractie van een seconde nodig om een bal met een snelheid v...
Lees verder