Ze is voorzichtig met de term narcist, benadrukt Nina Brown aan het begin van het gesprek. ‘Het is een officiële diagnose, dus ik vind niet dat je iemand zomaar als narcist kunt wegzetten. Maar er zijn zeker mensen die veel narcistische trekjes vertonen. Ze zijn heel sterk op zichzelf gericht.’

Dat is op zich niet erg en zelfs nodig, vindt Brown. We hebben allemaal een zekere dosis ‘gezond narcisme’ nodig.

‘Je kunt narcisme zien als een continuüm. Baby’s en jonge kinderen bevinden zich helemaal aan de ene kant: ze zijn totaal op hun eigen behoeften gericht, zien zichzelf als middelpunt van het universum en hebben nog nauwelijks empathisch vermogen.

Bij het volwassen worden hoort dat je steeds verder opschuift richting de andere kant van het continuüm. Dus dat je oog krijgt voor de behoeften van anderen, je jezelf af en toe wegcijfert, empathie ontwikkelt.’

Maar bij sommige mensen gebeurt dat niet: ze blijven volledig op zichzelf gericht. Alles draait om hen, hun belangen staan áltijd voorop. Om dat te bereiken, zijn ze experts in het manipuleren (‘Als je echt om me zou geven, dan…’), hebben ze continu kritiek (‘Wat ben jij materialistisch’, ‘Jij maakt ook nooit iets af’) en geven ze je altijd het gevoel niet goed genoeg te zijn (‘Laat maar, dat kun jij toch niet’).

Kinderen die opgroeien met zo’n ouder – of met een beetje pech beide ouders – ervaren de gevolgen daarvan tot in hun volwassen leeftijd. Ouders moeten immers de belangen van hun kinderen vooropstellen.

Gebeurt dat niet, dan groeien kinderen vaak op tot volwassenen die worstelen met een laag zelfbeeld, een overmatig verantwoordelijkheidsgevoel, perfectionisme, en een intens leeg en eenzaam gevoel.

Voor deze groep schreef Brown, hoogleraar psychologie aan de Amerikaanse Old Dominion University en therapeut, het boek Leven met een narcistische ouder. Een gids voor volwassenen.

‘Mijn boodschap is: ja, je bent beschadigd door je narcistische vader of moeder, maar dat hoef je niet te blijven. Je kunt er iets aan doen.’

Hoe weet je of je bent opgegroeid met een narcistische ouder?

‘Op basis van mijn onderzoek heb ik daarvoor een “meetlat” geconstrueerd: het DNP, Destructief Narcistisch Patroon. Het idee is dat je nagaat in hoeverre je je ouder in de genoemde eigenschappen herkent.

Zo heeft een narcistische ouder een gebrek aan empathie; het laat hem of haar koud als jij gekwetst bent door zijn kritiek, maar verwacht wel dat jij je continu inleeft in zijn gevoelens. Hij of zij toont vooral boosheid en angst, zoekt aandacht door luid en veel te praten.

Zo iemand is jaloers op het succes van anderen, wil altijd winnen, weet het altijd beter en kent zijn eigen beperkingen niet.

Een belangrijk signaal bij jezelf is als je altijd een rotgevoel krijgt als je bij je ouder in de buurt bent en toch sterk blijft verlangen naar zijn of haar erkenning.’

Met welk gedrag richt een ouder het meest schade aan?

‘Ik denk een gebrek aan empathie, omdat dat heel ondermijnend is voor je gevoel van eigenwaarde. Als je van kinds af aan meekrijgt dat je gevoelens niet belangrijk zijn, dat je geen recht hebt om te voelen wat je voelt, dan kan dat tot gevolg hebben dat je jezelf als volwassene te veel wegcijfert.

Je moet jezelf dan bewust gaan trainen op de gedachte: dit is wat ik voel. Misschien zijn deze gevoelens niet logisch, maar het zijn mijn gevoelens.’

U verdiept zich al vele jaren in dit onderwerp en schreef er meerdere boeken over. Groeide u zelf op met een narcistische ouder?

‘Nee, ik kreeg belangstelling voor narcisme door een collega op de universiteit. Want als iemand narcistische trekken heeft, komt dat vaak in diverse facetten van zijn of haar leven tot uiting: in ouderschap, vriendschappen, liefdesrelaties én op werk.

Bij deze collega kon ik niets goed doen en elke keer als ik iets met hem te maken had gehad, was ik helemaal van slag. Ik werd enorm onzeker en dacht dat ik niet goed genoeg was.

Tot ik tijdens een vergadering opmerkte dat ik de dag daarvoor een gesprek met die collega had gehad en daarna met hoofdpijn naar huis was gegaan. Werkelijk iedereen in die vergadering reageerde met: “Ik heb ook altijd hoofdpijn nadat ik met hem heb gepraat.”

Pas toen realiseerde ik me dat het niet (helemaal) aan mij lag en ben ik geïnteresseerd geraakt in narcistisch gedrag en de impact ervan.

Want als een collega op mij al zoveel invloed had, kun je nagaan hoe het is voor kinderen die opgroeien met zo iemand. Ik wilde weten met welke problemen zij later kampten en vooral hoe ze daar weer van zouden kunnen loskomen.’

U schrijft dat kinderen met een narcistische ouder twee verschillende strategieën kunnen hebben: of ze worden heel gehoorzaam en onderdanig óf juist rebellerend. Hoe werken deze strategieën door in hun verdere leven?

‘Kinderen die de gehoorzame strategie kozen, merken als volwassene vaak dat er misbruik van ze wordt gemaakt. Er wordt makkelijk over ze heen gewalst. Ook zijn ze heel erg gericht op het pleasen van anderen.

Wat ze zelf willen, weten ze vaak niet goed. Ze komen niet genoeg voor zichzelf op en als iemand bijvoorbeeld boos of verdrietig is, raken ze daar compleet van uit balans.

Kinderen die in verzet gaan of zich gewoonweg niets meer van hun ouder aantrekken, hebben later veelal moeite om betekenisvolle relaties aan te gaan. Ze houden iedereen op afstand uit angst gekwetst te worden, en daarmee kwetsen ze anderen.’

Is het pad om te helen verschillend voor deze twee typen mensen?

‘Dat heb ik niet onderzocht, dus dat durf ik niet te zegen. Wel is duidelijk dat de eerste stap altijd bewustwording is: ik kom niet genoeg voor mezelf op, ik ben te pleaserig en dat wil ik veranderen. Of: ik houd iedereen op afstand en dat wil ik niet meer, daar ga ik mee aan de slag.

Daar is vervolgens geduld voor nodig en eventueel hulp van een therapeut, want je verandert niet zomaar even. Je bent immers al twintig, dertig jaar of langer zoals je bent. Soms denk je enorme vooruitgang te hebben geboekt – en waarschijnlijk is dat ook zo – maar dan ineens verval je weer in oud gedrag.

Dan raak je toch van de kook door een kritische opmerking van je ouder. Of dan heb je weer op te veel dingen “ja” gezegd op je werk omdat je graag aardig gevonden wilt worden. Het is misschien wel een levenslang proces, waarbij het wel steeds beter zal gaan.

Wat zijn na bewustwording de belangrijkste stappen?

‘Het belangrijkst is om elke keer als je ouder je een rotgevoel bezorgt, kritiek op je heeft of druk op je uitoefent, te besluiten: nee, ik ga hier niet op reageren, ik ga hier niets mee doen. Ik ga er niet tegenin, ik ga er niet in mee, ik laat het van me afglijden.

Dan zul je merken dat daarmee ook iets van het rotgevoel verdwijnt. Gewoonweg door tegen jezelf te zeggen: ik hoef hier niets mee, ik hoef me niet zo te voelen.

Zelfs als iets echt om een reactie vraagt, dan nog kun je beslissen om je er niet door uit het veld te laten slaan. Je bepaalt zelf de intensiteit van de impact die een ander op je heeft.’

Dat is makkelijker gezegd dan gedaan.

‘Het is hartstikke moeilijk! Je hebt de neiging steeds terug te schieten naar de jongere versie van jezelf. Al die oude gevoelens en patronen komen acuut weer boven als je vader of moeder een kleinerende opmerking maakt of dwingend is.

Daarom moet je je telkens weer afvragen: wat is belangrijk voor mij, voor mijn leven, mijn gezin? Als je dat als uitgangspunt neemt, wordt de invloed van je ouder steeds minder groot. Dan wordt het beheersbaar.

Want je hóéft niet blijvend onder je ouders gebukt te gaan. Je kunt beslissen: ik laat dat niet meer gebeuren, ik ga nu zijn wie ik wil zijn.’

Helpt het als de andere ouder wel liefdevol en zorgzaam was?

‘Ja, dat helpt zeker. Als je als kind iemand had in de zorgende rol die jouw behoeften tot prioriteit maakte, scheelt dat veel. Maar niet alles, want vaak speelde de narcistische ouder een heel dominante rol in het gezinsleven.

Ik vind het wel heel belangrijk om gezegd te hebben dat ik narcistische ouders niet wil beschuldigen. Alle ouders maken fouten en ik ga ervan uit dat ze allemaal hun best doen.

Zelfs al is hun best behoorlijk beroerd, dan nóg is dat wat ze hun kind hebben kunnen bieden, om welke redenen dan ook. Ouders doen hun kinderen doorgaans niet met opzet pijn.’

Maar je kunt je ouder er toch wel mee confronteren? Iets zeggen als: ‘Ik ben nooit goed genoeg voor je.’ Of: ‘Je bezorgt me een rotgevoel, stop daarmee’?

‘Nee, want dat werkt niet. Bij alle mensen die ik daarover heb gesproken, heeft het niets uitgehaald. Het enige wat je ermee bereikt, is dat je nog bozer wordt, nog meer geraakt wordt.

Want je probeert iemand iets aan zijn verstand te brengen wat diegene gewoonweg niet begrijpt. Je wilt dat je vader of moeder verandert, maar dat zal niet gebeuren.’

Gelooft u niet dat mensen in staat zijn tot verandering?

‘Dat geloof ik zeker wel. Mensen zijn absoluut in staat om te veranderen. Maar alleen als ze dat zelf willen, als ze er de noodzaak van inzien. En meestal zien narcistische ouders het probleem helemaal niet.

Ze hebben niet het gevoel dat ze ook maar iets fout hebben gedaan of doen. Als ze dat wel hadden ingezien, waren ze namelijk gestopt met hun gedrag.

Ik gebruik altijd de volgende analogie – hij is niet heel goed, dus als je een betere weet, hoor ik het graag: je kunt de achterkant van je hoofd niet zien zonder spiegel. Er is een stuk van jezelf dat je niet kunt zien.

En een ander kan de functie van de spiegel niet innemen, want die ander reflecteert altijd ook zijn eigen ervaringen en ideeën mee. Dat is nooit objectief.

Je ouder ziet zijn of haar fouten dus gewoonweg niet. Je kunt jezelf daarom de pijn en frustratie van een confrontatie beter besparen. Laat het idee los dat je ouder tot inkeer komt en zorg dat je andere, warme contacten hebt.’

Raadt u in sommige gevallen aan om het contact helemaal te verbreken als je vader of moeder je telkens weer weet te kwetsen?

‘Nee, daar zie ik vrijwel nooit iemand van opknappen. Veel beter is zo’n giftige relatie te minimaliseren. Deel zo min mogelijk, dan kan de ander je ook minder makkelijk pijn doen.

Spreek voortaan alleen af in openbare gelegenheden, want niemand houdt ervan om een scène te schoppen in het openbaar. Zorg dat er zoveel mogelijk andere mensen bij zijn als je je vader of moeder ziet.

Houd het een-op-een contact beperkt en als het toch moet liever via mail of WhatsApp dan telefonisch. Praat alleen over koetjes en kalfjes, dagelijkse dingen.

Er zijn wel extreme gevallen waarbij het beter is om het contact te verbreken, maar over het algemeen leidt het tot meer pijn. Alleen al omdat je dan wellicht ook het contact met de andere, liefhebbende ouder verliest.

Als je erover twijfelt, zou ik zeggen: probeer het eens maand, zonder dat expliciet tegen de ouder in kwestie te zeggen. Ervaar hoe het voelt. Probeer erachter te komen welke vorm en mate van contact het beste is voor jóú. En neem de touwtjes in handen zodat het ook echt gaat zoals jij wilt.’

Nina W. Brown, Leven met een narcistische ouder. Een gids voor volwassenen (2021), Nieuwezijds, € 22,90 / Bron: N. Brown, Destructief narcistische ouders, Paradigm, 2002

 

Nina W. Brown is hoogleraar psychologie aan de Old Dominion-universiteit in Norfolk, Virginia en groepspsychotherapeut. Ze houdt zich in het bijzonder bezig met narcisme. Haar onderzoek leidde onder andere tot het opstellen van het Destructieve Narcistische Patroon (DNP).

Ze schreef 27 boeken, waaronder Loving the self-absorbed en Whose life is it anyway? In het zelfhulpboek Leven met een narcistische ouder. Een gids voor volwassenen laat Brown met aansprekende voorbeelden en oefeningen zien hoe je loskomt van een giftige kind-ouderrelatie (Nieuwezijds).