Poezenliefhebbers weten het allang: ook dieren hebben unieke karakters. Van katten, honden, chimpansees, hyena’s, ezels en varkens is bijvoorbeeld aangetoond dat ze individueel verschillen in hoe extravert, neurotisch en vriendelijk ze zijn. De ene hyena is sociaal teruggetrokken, zachtaardig, en angstig aangelegd, de andere is brutaal, stabiel en asociaal. En misschien was het je nog niet opgevallen, maar er zijn ook verlegen en brutale fruitvliegjes.

Biologen vragen zich af waarom die verschillende persoonlijkheden bij dieren en bij mensen eigenlijk bestaan. Waarom zijn we niet allemaal brutaal en stabiel als dat de meeste overlevings- en voortplantingskansen oplevert?

Blijkbaar heeft elk karakter zijn voor- en nadelen. Onderzoekende en agressieve koolmezen doen het beter dan timide koolmezen als er weinig concurrerende soortgenoten zijn, bleek onlangs. Maar het rustige, verlegen type is juist in het voordeel in een drukbevolkte omgeving: de brutale verspillen dan veel tijd en energie aan ruziën en vechten.

Ook bij mensen zou er zoiets aan de hand kunnen zijn. Van extraverte persoonlijkheden is bekend dat ze meer bedpartners verslijten dan introverte types. Evolutionair gezien een pluspunt. Maar dezelfde types belanden ook het vaakst in het ziekenhuis. Brutalen hebben slechts de halve wereld. Introverten nemen de andere helft – als de rest te druk is met bekvechten en brokken maken.