Een jongetje ligt krijsend op de vloer van de badkamer terwijl zijn moeder probeert zijn tanden te poetsen. Dit is de peuter Scott, hij wil niet naar bed. ‘Tijdens het voorlezen houdt Scott zich even koest… maar niet voor lang,’ zegt een voice-over. Het jochie komt steeds uit bed, doet het licht aan en gilt uit alle macht om zijn mama, die hem telkens zakelijk en onverbiddelijk weer in bed stopt. Beneden wacht supernanny Jo Frost op haar. Ze stelt de moeder gerust: ‘Je doet het heel goed. Het gaat je lukken, vertrouw me.’

Vorig jaar leidden deze en andere afleveringen van Jo Frost: Nanny on tour tot een storm van protest. Critici zagen in Scott en co kinderen die wanhopig naar warmte van hun ouders snakten, en in Frost de koude kikker die deze schreeuw om liefde en aandacht smoorde in straf en discipline. Anderen zagen juist wel heil in haar kordate aanpak. Op 1 maart begon RTL4 met een nieuwe serie afleveringen, waarin Frost wederom Nederlandse vaders en moeders coacht. Maar hoe pedagogisch verantwoord is haar aanpak nou eigenlijk?

Wat was de kritiek op de supernanny ook alweer?

Kort gezegd vonden sommige ouders, pedagogen en journalisten de aanpak

Log in om verder te lezen.