Het grote verdriet

  • 2343 woorden
  • leestijd is
  • 12 minuten
Geen armpjes om je nek, geen eerste schooldag, geen kleinkinderen om te verwennen. Ongewenste kinderloosheid schrijnt een leven lang.

‘Ik wilde een kind, maar niet zonder man’

Carolina Konijn (50): ‘Op mijn 38ste raakte ik zwanger tijdens een onenightstand. Een duivels dilemma: de biologische klok tikte en ik wilde een kind, maar ik wilde het samen met een man. Een relatie met de vader was uitgesloten.

Na bijna een maand nadenken en praten met anderen besloot ik tot een abortus. Het afbreken van de zwangerschap was heel emotioneel. Ik las boeken over rouwverwerking en heb nog een brief geschreven aan mijn nooit geboren kind. Ook al stond ik achter mijn beslissing, ik voelde toch een enorm verdriet om het verlies.

Ik besloot het als een wake-up call te zien. Ik wilde een gezinnetje, dus ging ik daten. Het gevoel dat het er morgen zou moeten zijn, gaf een enorme druk. Bij iedere afspraak keek ik of dit een geschikte partner én een geschikte vader was. Rond mijn 40ste had ik er genoeg van en besloot ik het in mijn eentje te gaan doen. Via internet ging ik op zoek naar een donor en schreef me in voor kunstmatige inseminatie. Ik was er 24 uur per dag mee bezig. Verzamelde tijdschriftartikelen over oudere vrouwen die nog zwanger raakten. Het idee

[blendlebutto

dat het misschien toch nog mogelijk was, maakte me heel onrustig.

Ik leidde een soort reserveleven; pas met een man en kind zou mijn echte leven beginnen. Ik raakte er overspannen van en kwam deels daardoor ziek thuis te zitten. Het verlangen om hier niet meer mee bezig te zijn, werd steeds sterker. Mijn verdriet werd nog veel groter toen ik vaststelde dat ik niet alleen ongewenst kinderloos was maar ook ongewenst partnerloos. Het was een gevoel van afwijzing, van falen: geen man die in mij ooit een moeder had gezien.

Inmiddels ben ik in de overgang. Daar heb ik heel veel om gehuild. Uiteindelijk heb ik geaccepteerd dat het nu eenmaal zo is, dat luchtte enorm op. Nu coach ik single vrouwen die ongewenst kinderloos zijn. Dat je ook nog eens alleen in het schuitje zit, geeft extra veel verdriet.’

‘Ze raakte zwanger van een ander’

Alfred van Cleef (61): ‘Ik was 30 toen ik verliefd op vakantie ging met mijn vriendin. ’s Avonds sliepen we in de auto ergens in de wilde natuur. We wilden bij elkaar blijven, we wilden kinderen. De volgende dag bleken we op een kerkhof te staan – en hoe toepasselijk: het kindje dat we wilden, kwam er maar niet. We lieten ons onderzoeken en al snel bleek dat ik onvruchtbaar was. Een klap in mijn gezicht. Ik kom uit een Joodse familie waarvan vooral van vaders kant vrijwel niemand de oorlog heeft overleefd, en ik wilde de lijn graag voortzetten.

Mijn vriendin en ik legden ons er niet bij neer, gingen met hormoonkuren aan de slag, overwogen adoptie. Uiteindelijk besloten we tot kunstmatige inseminatie door een anonieme donor. Een heel gedoe: mijn vriendin lag te wachten op het inbrengen van het rietje door een dokter die steeds werd weggeroepen voor spoedbevallingen.

Ongemerkt dreef de hele situatie ons uit elkaar, we kwamen beiden in ons eigen verdriet terecht. Misschien wel om dat te doorbreken vroeg ik haar ten huwelijk. We trouwden, maar twee maanden later raakte zij zwanger van een andere man. Ze wilde met hem verder. Dat kwam keihard aan. Het deed pijn dat ik werd verlaten om iets waar ik niets aan kon doen. Mijn kat ging dood en een klein meisje zei tegen me: “Nu ben je helemaal alleen.” Ik besloot me op mijn werk te storten.

Jaren later ging ik naar een klein vulkanisch eilandje in de Indische Oceaan dat Amsterdam heette om er een boek over te schrijven – ik was altijd al gefascineerd door extreme bestemmingen. Het bleek één grote voortplantingsfabriek van pelsrobben en geelsnavelalbatrossen. De sterkste pelsrob bevruchtte de vrouwtjes en lag als een pasja op het strand. De verslagenen dropen af om hun wonden te likken. Jaren na dato werd ik onverwacht geconfronteerd met mijn eigen onvruchtbaarheid. Het schrijven over de oneindigheid van de natuur en over mijn eigen verlies luchtte me op. Ik kwam somber aan, maar vertrok bevrijd. Ik heb nu een fantastisch leven met een vriendin die geen kinderen wil.’

‘Mijn neefje bedacht voor mij Tante-dag’

Margreet van der Weide (31):
‘Mijn man Ronald heeft als kind teelbalkanker gehad. Hij heeft “slechte zwemmers”, zoals hij dat noemt. Ik was 22 en Ronald 25 toen we een groot huis kochten en het begon te kriebelen. Ik wilde een kindje, maar het lukte niet. Na onderzoek bleek dat ik ook nog eens een verdikt baarmoederslijmvlies had. Voor die paar zwemmers van Ronald die nog intact waren, werd innestelen vrijwel onmogelijk. Ik moest hormonen gaan spuiten, terwijl ik heel gevoelig op hormonen reageer. We zouden weinig kans maken en ik riskeerde zware depressies.

Huilend ben ik naar huis gegaan. We hebben veel gepraat en nagedacht, en we besloten om niet aan de behandeling te beginnen. Ik moest accepteren dat ik een leven zou krijgen zonder kinderen. Dat vond ik heel zwaar. Ik zag totaal niet in wat ik hier nog deed. Om me heen leek iedereen alleen voor kinderen te leven: zwangerschap, bevalling, kraamtijd, eerste stapjes, eerste woordjes, naar school, zwemdiploma. Op Facebook zag ik alleen maar babyfoto’s voorbijkomen en op mijn werk in de ouderenzorg zag ik veel kinderloze ouderen eenzaam sterven.

Ik zat heel diep in de put. Voor de buitenwereld hield ik me stoer, maar daaronder zat een heel somber meisje. Gelukkig kwam ik in contact met een coach die me hielp met rouwen. Ik leerde er veel over te praten. Mijn zus en zwager betrokken ons bij hun gezin, dat is heel fijn. Ik heb leren genieten van haar kinderen. Jaloezie naar haar heb ik nooit gevoeld, ik ben een supertrotse tante en kan meepraten met alle moeders.

Met mijn neefje Milan ontwikkelde ik een sterke band. Hij vond het zo erg voor ons dat wij geen Vader- en Moederdag hadden, dat hij een Oom- en Tantedag in het leven heeft geroepen. Ik blijf altijd iets missen, maar toch kan ik af en toe weer heel gelukkig zijn. Ik ga er nu vanuit dat het niet meer gaat lukken om een kind te krijgen. Dat geeft rust.’

‘Ik ben boos op mijn lichaam’

Krista (40): ‘Mijn vriend en ik proberen al vijf jaar zwanger te worden. Eerst werd ik spontaan zwanger, maar na zes weken kreeg ik een miskraam. Vervolgens heb ik elf kunstmatige-inseminatiebehandelingen ondergaan en daarna ivf. Allemaal zonder resultaat. De dalen werden steeds dieper. Maar Dirk is altijd optimistisch geweest, hij sprak me moed in en dan besloten we om weer verder te gaan.

De ivf zag er hoopvol uit. Ik had vier eitjes, één embryo werd teruggeplaatst. Ik was heel voorzichtig, at geen rosbief, geen sushi, geen filet americain. Dirk legde zijn oor op mijn buik en zei: “Hier is je papa.” Maar ik werd ongesteld. Het voelde alsof mijn hart in stukken scheurde. Ik was zo verdrietig dat ik me ziek heb gemeld. Ik heb een periode van rust in de behandelingen ingelast en toch weer de moed bij elkaar geraapt. Begin dit jaar begonnen we aan de volgende ivf-behandeling. Eind februari ging het weer mis. Ik zakte weg in een diep gat, mijn hoop was op. We stopten alle medische behandelingen. Maar of de duvel ermee speelde: eind maart raakte ik spontaan zwanger. Het verwarde me enorm. Zou het dan toch? Maar ook deze zwangerschap eindigde in een miskraam. Steeds vlamt de hoop op en steeds weer die diepe teleurstelling. Ik voel me schuldig tegenover Dirk, ik ben boos op mezelf omdat mijn lichaam niet doet wat het “hoort” te doen.

Mensen komen aanzetten met goedbedoelde adviezen als “Het komt wel goed”. O ja, denk ik dan, hoe weet je dat? Het enige wat helpt is een arm om me heen en een opmerking als: wat is dit ongelooflijk rot voor je. Had ik maar geen kinderwens, heb ik zo vaak gedacht. Iets wat zo vanzelfsprekend lijkt, is voor mij een onbereikbaar verlangen. Nu heeft een arts in België me ICSI aangeboden, daarbij wordt een zaadje in het eitje ingebracht. Het besluit is nu aan mij. Ik heb nauwelijks de kracht om door te gaan, maar als ik stop, krijg ik spijt. Ik denk dat ik het ga doen.’
Op Krista’s verzoek is haar achternaam weggelaten.

‘Mijn man berustte er eerder in dan ik’

Loes de Blok (60): ‘Toen ik de eerste keer hoorde dat vrienden van me opa en oma werden, was het alsof er oude wonden werden opengereten. Ik feliciteer verse opa’s en oma’s, maar ik wil geen eindeloze verhalen. Ik had verwerkt dat ik nooit kinderen heb gekregen, maar het feit dat ik nooit oma zal worden dwong me om het nog eens op dieper niveau te aanvaarden.
Vanaf mijn 12de wilde ik al moeder worden. Pas op mijn 34ste ontmoette ik Jan, met wie het meteen klikte. Ik heb eerst onze relatie een kans gegeven, toen ging het spiraaltje eruit. Maar na een jaar was ik nog steeds niet zwanger. Vanwege de tijdsdruk werden we meteen doorverwezen voor ivf. Het zag er hoopvol uit, de eitjes waren goed bevrucht. Ik zag ze als mijn erwtjes, durfde het nog geen kindjes te noemen uit angst voor teleurstelling.

Tot mijn 40ste zijn we vergeefs met ivf bezig geweest. Mijn verlangen en dus ook telkens mijn verdriet beheersten mijn hele leven. Overal zag ik kinderwagens en zwangere vrouwen. Heel confronterend: mijn eigen leven stond in zekere zin stil. Jan is altijd meegegaan naar de behandelingen, hij was echt heel betrokken. Toch berustte hij er veel eerder in dat het niet lukte. Ik sprak er veel met hem over, maar dat kostte hem moeite, hij is nogal gesloten. Een maatschappelijk werker zei tegen hem: uw vrouw is heel eenzaam. Daar kon hij niets mee.

Bij de vereniging Freya kwam ik in contact met lotgenoten. Ik vrat al hun verhalen; die gaven veel troost en herkenning. Ik startte een e-mailgroepje en ontdekte dat al mijn heftige emoties er gewoon bij hoorden. Vooral de machteloosheid, de pijn, de woede. Nu kon ik het gevoel van leegte delen. We hebben negen jaar met elkaar gemaild. Onze belangrijkste vraag werd: hoe geef ik opnieuw zin aan mijn leven? We noemden onszelf “de zelfontwikkelaars”, want zelfontwikkeling, daar komen moeders vaak niet aan toe. Ik begon met lesgeven. Maar hoe goed dat ook liep, hoe vervullend dat ook was, dit verdriet draag ik mijn leven lang mee.’

Rouwen om het kind dat niet kwam

‘Wanneer komt de eerste?’ Dat soort vragen is pijnlijk wanneer kinderen krijgen niet lukt. En antwoord je eerlijk, dan stellen mensen vaak zonder schroom vragen als: ‘Waarom neem je geen adoptiekind?’
Die ongevoeligheid, denkt psycholoog en coach Yvonne Prins, is het gevolg van ons geloof in de maakbare samenleving. ‘Als je geen kinderen kunt krijgen heb je niet alles geprobeerd, is het idee. Maar je hebt niet alles zelf in de hand. Mensen staan er niet bij stil hoe zwaar en ingrijpend een ivf-behandeling, adoptie of alleenstaand ouderschap is. Dat moet je maar willen en aankunnen.’

Bijna de helft – 44 procent – van de kinderloze vrouwen had wel kinderen gewild, blijkt uit een enquête voor de Belgische krant De Morgen onder kinderloze vrouwen van 35 tot 45 jaar. De belangrijkste oorzaak van ongewilde kinderloosheid blijkt relatiepech. De helft van de ondervraagde vrouwen zegt geen geschikte partner te hebben gevonden. Prins: ‘Ik zie dat ook vaak in mijn praktijk: een vrouw treft een partner die geen kinderen met haar wil, bijvoorbeeld omdat hij die al heeft. Of een jarenlange relatie is stukgelopen op het moment dat de vrouw halverwege de dertig is.’ Uiteindelijk komt zij er dan achter dat kinderen krijgen fysiek niet meer mogelijk is.
Want met het uitstel groeit de kans op onvruchtbaarheid, blijkt uit CBS-onderzoek. Weinig twintigers geven lichamelijke oorzaken op als reden voor kinderloosheid, maar bij vrouwen tussen 35 en 42 jaar is dat 10 procent en bij vrouwen tussen 38 en 43 al 20 procent. En ook al zijn mannen langer vruchtbaar, uit onderzoek blijkt dat de kwaliteit van hun sperma na hun 35ste achteruitgaat.

Door de omgeving wordt kinder
loosheid niet altijd goed begrepen. 66 Procent van de moeders denkt dat ongewild kinderloze vrouwen meestal vanwege hun carrière geen moeder zijn, terwijl dat in werkelijkheid geldt voor nog geen 2 procent. Zo’n inschattingsfout wordt in de psychologie een fundamentele attributiefout genoemd. Prins: ‘We hebben de neiging om gedragingen van anderen voornamelijk toe te schrijven aan persoonlijke eigenschappen. Vrouwen zonder kinderen worden daardoor al gauw gezien als egoïstische carrièrejagers.’

Het is heftig om een kinderwens te moeten loslaten. Tegelijkertijd geeft de wetenschap dat het niet meer zal lukken vaak rust na een verwarrende periode, zegt Prins. ‘De hoop is weg en het rouwen kan beginnen.’ Met haar ongewenst kinderloze cliënten bespreekt ze waar hun kinderwens uit is opgebouwd. ‘In die gesprekken gaat het vrijwel altijd over de behoefte aan verbondenheid. De band tussen een ouder en kind is zo sterk en vanzelfsprekend. Verder zijn kinderen vaak een vorm van levensinvulling. Bij kinderloosheid kan het helpen om andere levensdoelen te formuleren, zoals sportieve prestaties, promotie maken, de relatie verdiepen of iets betekenen voor anderen. Met de behoefte om te zorgen kun je bijvoorbeeld iets doen in vrijwilligerswerk of door het contact met neefjes en nichtjes te versterken.’

Toch verdwijnt de leegte volgens Prins nooit helemaal. ‘De scherpe kantjes gaan er wel af, maar het verdriet kan ook in al zijn hevigheid weer oplaaien, bijvoorbeeld in de overgang of als anderen opa of oma worden.’

Afspraken met vrienden bij wie alles om de kinderen draait, kunnen pijnlijk zijn. Prins adviseert ongewenst kinderloze mannen en vrouwen om zulke situaties niet te mijden. ‘Daarmee isoleer je jezelf. Zoek eventueel oplossingen om de pijn te verzachten, zoals naar een kinderfeestje gaan op het moment dat veel kinderen een middagslaapje doen en het dus rustig is. Of met jezelf afspreken dat je al na een uurtje weggaat.’

Meer over ongewenste kinderloosheid:

Alfred van Cleefs boek ‘Het verdwaalde eiland’ is deze zomer door Fosfor heruitgegeven als e-book.

Loes de Blok houdt een blog bij: www.mindelblokhuizen.nl

[/blendlebutton]

Lees door via 100% Digitaal

  • Toegang tot álle online artikelen
  • Altijd het nieuwste magazine
  • Korting op onze trainingen
Al vanaf €4,- per maand!
Al abonnee? Log in
Boekentip

En, waar blijven de kinderen?

Yvonne Prins
auteur

Lilian Roos

Als journalist ben ik gefascineerd door de verhalen van mensen. Wat drijft mensen tot bepaalde keuzes? Wat is de invloed van een grote gebeurtenis op een mensenleven? Hoe gaan mensen hiermee om? Met een open blik en vol verwondering luister ik naar mensen. Verhalen inspireren mij.

» profiel van Lilian Roos
auteur

Anouk Tulner

» profiel van Anouk Tulner

Dit vind je misschien ook interessant

Advies

Rakelt hernieuwd contact dat pijnlijke verleden weer op?

Lees verder
Kort

Materialisten ‘verzamelen’ Facebookvrienden

Materialisten zien hun Facebookvrienden vooral als digitale objecten, die je kunt bezitten en ‘ver...

Lees verder
Advies

Ik ben bang dat ik geen kinderen kan krijgen

Lees verder
Verhaal

Als je kinderwens een breekpunt is

Lees verder
Artikel

Een kinderloze toekomst

Lees verder
Advies

Hoe bespreek ik mijn kinderwens?

Lees verder
Advies

Schuldgevoel over vruchtbaarheidsprobleem

Lees verder
Advies

Samen nog een kind

Lees verder