De jeugd van hockeyster

Op een schaal van 1 tot 10: hoe gelukkig was je jeugd? ‘Mijn ouders hebben me altijd heel veel liefde en warmte gegeven, dat voelde als een 10. Maar ik was nogal bang aangelegd. Als mijn moeder me naar de kleuterschool bracht, was ik alleen maar aan het huilen: dan wilde ik niet dat ze wegging. Op de basisschool had ik een vervelende ervaring die ik heel heftig vond. Een ouder meisje dat was blijven zitten, pakte al mijn vriendinnetjes af. Ze nodigde ze uit op haar verjaardagsfeestje en mij niet: ik voelde me buitengesloten. Dus al met al geef ik mijn jeugd een 8,5.’

In wat voor gezin groeide je op? ‘Ik was enig kind, maar mijn ouders waren zich daarvan sterk bewust. Dus ze waren heel erg met me bezig en vriendinnetjes waren altijd welkom. Mijn moeder las me eindeloos verhaaltjes voor en kriebelde me net zolang op mijn rug tot ik in slaap viel. Mijn vader cijferde zich dan helemaal weg; als mijn moeder bij mij in bed in slaap viel, vond hij dat oké.’

Wat voor kind was je? ‘Mijn moeder zegt altijd: “Steeds als we op vakantie waren, kwam je echt tot bloei.” Dan voelde

ik me veilig en kwam ik los. Ik had het op school best moeilijk. Ik was goed in de klas, wilde altijd de beste zijn, maar ik had het zwaar omdat ik zo’n gevoelig kind was. Als een leraar streng was, klapte ik al dicht. Daarom vond ik het thuis ook zo fijn. Daar werd ik door mijn ouders heel vrij gelaten. Ik mocht mijn kleding verknippen, op mijn kamer hockeyen – alles.’

Wat voor leerling was je op de middelbare school? ‘Ik ben in tegenstelling tot mijn klasgenoten naar een Montessori-gymnasium gegaan. Dat was een goed advies van mijn moeder, want daar ging het er vrijer aan toe en ontwikkelde ik me beter. Aan het begin van het jaar had ik bijvoorbeeld een 5,5 voor expressie, aan het eind een 9,5. Tegen leraren werd ik steeds meer bijdehand en ad rem.’

Wat heb je van je ouders geleerd? ‘Ik heb de trots, het ergens goed in willen zijn, van mijn vader; de openheid en spontaniteit van mijn moeder. Ik deelde altijd alles met haar, dus toen ik het huis uitging, miste ze me heel erg. Ze belde me vier keer per dag. Ik werd er helemaal getikt van. Het was lastig om me van haar los te maken, maar gelukkig is dat goed gekomen.’

En wat doe je absoluut anders dan je ouders? ‘Mijn moeder is vaak bang voor allerlei dingen. Ze heeft bijvoorbeeld vliegangst en stapt niet in het vliegtuig. Ik weiger me te laten beperken door angsten en probeer toch in actie te komen. Alleen reageer ik soms nog net zoals vroeger op onaangename situaties: dan word ik minder open, stiller, trek ik me terug. Bijvoorbeeld toen Chantal Janzen na mijn zangoptreden bij het Televizierring Gala die opmerking maakte (‘Wat kan ze hockeyen, hè, die meid?’; red.). Heel naar, helemaal omdat die opmerking op de autocue bleek te staan: die was van tevoren bedacht, ongeacht hoe ik had gezongen. Toch reageerde ik heel rustig en sportief toen journalisten me om een reactie vroegen. Ik klapte dicht en liet niets van mijn pijn merken. Terwijl ik het, als ik heel eerlijk ben, echt erg kwetsend vond.’

– Geboortedatum: 4 juli 1978

– Groeide op in: Rotterdam

– Gezinssamenstelling: enig kind[/wpgpremiumcontent]