Nog even en mijn stage bij Psychologie Magazine is voorbij. Dan moet ik mezelf presenteren op de arbeidsmarkt. En dat doe je tegenwoordig het best, heb ik me laten vertellen, door middel van een resumé. Daarin staan, anders dan in het ouderwetse cv, je kwaliteiten centraal en niet je werkervaring. In plaats van je vroegere functies op te sommen, beschrijf je wie je bent, wat je kunt en wat je wilt bereiken. Duidelijk en persoonlijk – wat het vooral geschikt maakt voor de communicatieve of dienstverlenende sector. Bovendien is het handig voor starters en carrièreswitchers, die nog weinig (relevante) werkervaring hebben.

Training

In 3 stappen naar je droombaan

  • Ontdek wat je passie is
  • Krijg meer energie en inspiratie
  • Verdien geld met wat je leuk vindt
bekijk de training
Nu maar
€ 95,-

Een resumé is dus precies wat ik als groentje in de journalistiek nodig heb. Alleen – hoe maak je het? Gelukkig wil loopbaancoach Arnold Veenhoff me er wel bij helpen. En zo neem ik op een druilerige donderdagmiddag plaats aan zijn keukentafel.

We gaan eerst uitzoeken wie ik ben. Van tevoren moest ik al in mijn omgeving rondvragen wat men mijn kenmerkende eigenschappen vindt. Uit deze collectie moet ik er nu vijf kiezen. Aarzelend noem ik ‘perfectionisme, moed, bescheidenheid, doorzettingsvermogen en sensitiviteit’. Veenhoff schrijft ze in koeienletters op een flap-overbord. Jakkes. Is het niet vreselijk arrogant om zulke dingen over jezelf te zeggen? ‘Nee,’ zegt Veenhoff. ‘Dit is wat anderen in jou zien. Wel moet je duidelijk maken wáárom deze kenmerken bij je passen.’

Dat gaan we oefenen. Zo krijgt het holle woord ‘moed’ meer invulling als ik mijn keuze voor de journalistiek uitleg. Ik merkte in mijn vorige baan als psycholoog dat therapie geven niets voor mij was. Het interviewen, onderzoek doen en schrijven vond ik wel erg leuk. Maar ik wilde ook de belevingswereld van ‘gezonde’ mensen leren kennen, informatie vanuit meerdere invalshoeken bekijken en inspirerende verhalen vertellen. Daarom gaf ik vorig jaar mijn vaste baan op om journalist te worden. Dat kun je naïef of moedig noemen – maar in het resumé kiezen we natuurlijk voor het laatste.

Ook moet ik via voorbeelden uitleggen wat ik kan. Door Veenhoffs kritische vragen lukt het steeds beter om mijn vaardigheden toe te lichten. Een hoofdredacteur zal er niet warm van worden dat ik in een tbs-kliniek heb geleerd risicotaxaties te doen. Als ik uitleg welke vaardigheden ik hiervoor nodig had – goed kunnen luisteren en analyseren –, wordt de link tussen beide vakgebieden concreet.

Wat ik wil, was al duidelijk: een goede journalist worden. Veenhoff zegt dat alles wat ik in mijn resumé zet, op dit doel moet slaan. Ik neem plaats achter de laptop en begin – volgens het vaste format – met een persoonlijk motto. Gezien mijn keuze voor dit nieuwe vak, wordt dat: ‘Do not fear to step into the unknown, for where there is risk, there is also reward.’ Onder het kopje ‘mijn doel’ beschrijf ik hoe mijn persoonlijke eigenschappen aansluiten bij mijn doelstelling. Dan volgt ‘mijn werkervaring’. In één alinea per functie omschrijf ik alleen de vaardigheden die ook in de journalistiek toepasbaar zijn. Vervolgens noem ik kort de opleidingen en cursussen die ik gevolgd heb. Tot slot mijn ‘overige activiteiten’ – oftewel hobby’s. ‘De Donald Duck lezen moet eruit,’ zegt Veenhoff streng. ‘Toch afwisselend naast het lezen van NRC en Vrij Nederland?’ opper ik nog. ‘Past niet bij je doelstelling,’ beslist Veenhoff. Toegegeven, het staat professioneler zonder.

Maar als ik het resultaat de volgende dag nalees, merk ik dat iedere vorm van relativering of humor ontbreekt. Ik gooi mijn resumé helemaal om en vervang ‘Ik ben creatief, nieuwsgierig, betrokken en onbevooroordeeld’ door ‘Hoewel ik er nog lang niet ben, heb ik het vertrouwen dat ik een goede journalist zal worden. Als ik iets wil, ga ik ervoor en durf ik risico’s te nemen.’ Meer eigenschappen noem ik niet, want ‘van te veel zelfpromotie krijg ik de kriebels’. Ik schrijf ook op dat ik nog veel te leren heb, omdat ‘makkelijk schrijven verdomd moeilijk is.’

En de Donald Duck… die gaat er gewoon weer in.[/wpgpremiumcontent]