De moeders noteerden op een doordeweekse en een weekenddag hoeveel tijd ze doorbrachten met hun kind en of ze actief samen dingen ondernamen. Ook de ‘vadertijd’ en tijd met beide ouders werd vastgelegd. Verder werden de moeders ondervraagd over het welzijn van hun kind: had het emotionele problemen zoals angst of somberte, gedragsproblemen zoals veel ruziemaken, concentratieproblemen of pesten? Bij tieners werd ook gevraagd naar probleemgedrag als spijbelen, jatten en vernielen. Tot slot werd de lees- en rekenvaardigheid van de kinderen getoetst.

Hoe wordt je kind een doorzetter?

Succes heeft meer te maken met volharding dan met intelligentie, blijkt uit recent onderzoek. Hoe ku...

Lees verder

Bij jongere kinderen bleek de hoeveelheid tijd die ze met hun één van beide ouders doorbrachten nauwelijks verschil te maken, maar pubers overtraden iets minder snel de wet naarmate ze vaker dingen deden met hun moeder. Tijd met béide ouders samen wierp bij deze leeftijdsgroep nog meer vruchten af: zij hadden minder gedragsproblemen, overtraden minder vaak de regels, rookten en dronken minder en waren beter in wiskunde naarmate ze meer tijd met beiden spendeerden.

Does the amount of time mothers spend with children or adolescents matter?, Journal of Marriage and Family, april 2015