Amerikaanse scholen vinden het niet goed meer dat kinderen elkaar plagen, duwen, stompen, omarmen, of uitlachen. Als het ene kind het andere iets plagerigs toevoegt, moet het de betreffende opmerking soms onder het strenge toezien van de leraar luid voor de klas herhalen. Sommige scholen hebben zichzelf trots tot ‘plaagvrije’ (teasing free) zone uitgeroepen.

Een psycholoog aan de universiteit van Berkeley, Dacher Keltner, is hier nu tegen in opstand gekomen. Keltner verdedigt natuurlijk niet het gewelddadige pesten (bullying) waar het de scholen eigenlijk om te doen is. Maar we dreigen de baby met het badwater weg te gooien, zo waarschuwt hij, door alle plagerij te verbieden. Plagen is een manier om elkaar uit te testen en aanhankelijkheid te tonen, zoals het zo mooi in het Duits heet: ‘Was sich liebt, das neckt sich.’

Op het strand vermaken kinderen zich door zand in elkaars broek te stoppen. We spelen kiekeboe met een huilende kleuter om haar aan het lachen te krijgen. Tieners doen de belerende toon van hun ouders na om aan te geven hoe belachelijk ouderwets die zijn. We plagen elkaar met elke nieuwe verliefdheid, daarmee te kennen gevend dat we precies weten wat er gaande is, en ook om te zien hoe serieus het is (‘Je hoeft geen rode kop te krijgen!’).

Plagen is spelgedrag dat, zonder al te nadrukkelijk te hoeven zijn, reacties peilt. Deze functie heeft het bij apen ook. De ene aap loopt achteloos langs de andere en grijpt ineens diens staart, of gaat eraan hangen. Apen gooien zand of water naar elkaar, of stuiven ineens met een rotvaart op een ander af om op het laatste moment te remmen. De reacties die ze krijgen, zijn informatief: die zeggen iets over de sociale relatie tussen hen beiden.

Het zijn vooral de jonge apen die zo de grenzen verkennen. Ze zijn natuurlijk niet zo dom om dit uit te halen met de baas van de groep. Alhoewel die soms goedgeluimd is, en dat merken ze meteen. Dan zie je letterlijk tien jonge apen rond de oude kerel dansen, die doet alsof hij woest om zich heen slaat – en allemaal hebben ze hun mond open zoals dat hoort bij het zogenaamde ‘spelgezicht’. Deze gezichtsuitdrukking, die verwant is aan de menselijke lach, zegt: ‘Jongens, dit is allemaal puur voor de lol!’ Het spelgezicht is weleens omschreven als metacommunicatie: een signaal om aan te geven hoe andere signalen moeten worden uitgelegd. Wij hebben daar de knipoog voor.

Chimpanseemannen gebruiken plagen om spanningen af te zwakken. Na schermutselingen over uiterst serieuze zaken, zoals seksueel aantrekkelijke vrouwen of machtsrelaties, verzoenen ze zich en vlooien ze elkaar. Maar ik heb ook gezien dat ze elkaar pootje gaan lichten, op de rug meppen of van een tak proberen af te duwen. Kortom, ze worden baldadig en trekken daarbij enorme spel­gezichten om vooral duidelijk te maken dat de ruzie voorbij is.

Maar zelfs de aardigste nepgevechten zijn nooit helemaal vrijblijvend, want de ander kan nog steeds je spierkracht voelen en zien of hij die duw kan weerstaan. Plagerijtjes komen altijd met een boodschap, of het nu gaat om apen of kinderen. Dat is waarom we hun dat middel nooit mogen afnemen.[/wpgpremiumcontent]