De jeugdherinneringen van presentatrice Hadassah de Boer

Op een schaal van 1 tot 10: hoe gelukkig was uw jeugd? ‘Een acht. Ik ben tot mijn vijfentwintigste in mijn ouderlijk huis blijven wonen, dat is toch een teken.’

Wat is uw vroegste herinnering? ‘Een van de vroegste is mijn eerste dag op de peuterschool. Mijn moeders fiets stond tegen het raam. Ik weet nog dat ik vreselijk moest huilen toen zij wegging. Een ander meisje zat me aan te kijken, heel verbaasd. Toen schaamde ik me zó dat ik heb gedaan alsof ik heel erg moest lachen, om me niet te laten kennen.’

Uit wat voor gezin kwam u? ‘Mijn ouders zijn gescheiden toen ik zes was. Mijn moeder (Hedy d’Ancona, red.) ging samenwonen met een andere man; hij had twee dochters die er in het weekend waren. Ik was te jong om te beseffen: mijn ouders zijn uit elkaar. Als kind ben je ook erg geneigd om de voordelen van de situatie in te zien: twee keer sinterklaas, twee keer met vakantie, spannende oudere zussen erbij…’

Wat voor kind was u? ‘Ik was een behoorlijk lastig kind. Ik had woedeaanvallen waarbij ik echt hysterisch kon worden. Mijn vader is psychoanalyticus en

een beroemde collega van hem heeft toen een keer gezegd: dat is helemaal niet erg, dan is het er vast uit voor later. Inderdaad was ik als puber erg makkelijk. Ik heb alles eruit gekrijst in de eerste paar jaar.’

Wat waren uw hobby’s? ‘Vanaf mijn vierde zat ik op dansles, ik trainde vijf, zes dagen in de week. Maar op mijn veertiende ging ik andere dingen belangrijker vinden. Ik wilde uitgaan, het leven ontdekken, ik begon te blowen. Toen ben ik in één keer gestopt met dansen. Heel slecht voor je lijf. Ik was altijd een garnaal, maar die zomer ben ik negen kilo aangekomen.’

Naar welke middelbare school ging u? ‘Naar het Barlaeus Gymnasium. Ik was daar niet gelukkig. Het prestatiesysteem vond ik benauwend. In de derde ben ik overgestapt naar het Montessorilyceum. Die hele mentaliteit paste beter bij mij.’

Hoe was uw eerste zoen? ‘De eerste echte? Toen ik een jaar of dertien, veertien was, met een wat ouder vriendje. Dat werd meteen ook meer dan zoenen: geen seks, maar wel uitgebreid op onderzoek uit.’

En de eerste keer? ‘Ik was vijftien. Is dit het nou, dacht ik. Het ging allemaal een beetje snel. Op mijn zestiende kreeg ik het vriendje met wie je het dan echt goed leert. Met wie je ook niet veel anders doet, trouwens.’

Wat heeft u geleerd van uw ouders? ‘Voor mij is het vanzelfsprekend dat ik financieel mijn eigen boontjes kan doppen. Van mijn vader heb ik geleerd dat je werk moet doen dat je leuk vindt. En dat je moet genieten van het leven.’

Hoe vaak ziet u uw familie nog? ‘Mijn moeder één of twee keer per week, we bellen bijna dagelijks. Mijn broer zie ik minder, want die woont – dit is echt erg – heel ver weg: op de Admiraal de Ruyterweg, meer dan een kwartier fietsen dus. Mijn vader zie ik eens in de twee, drie weken.

Wat is nooit veranderd? ‘Ik heb altijd een heel goede band met mijn ouders gehad. Voor sommige mensen zijn het de laatsten bij wie je aanklopt als je met persoonlijke dingen zit, maar voor mij juist een van de eersten. Met veel vrienden van mijn ouders kan ik trouwens ook prima het leven doornemen. En lachen.’

Geboortedatum: 30 maart 1971

Groeide op in: Amsterdam

Gezinssamenstelling: gescheiden ouders. Hadassah en haar oudere broer woonden bij moeder en partner met twee oudere stiefzusjes; bij vader en partner ook twee oudere stiefzusjes[/wpgpremiumcontent]