Er zijn twee soorten extraverten: het gezelligheidstype en de doelgerichte doorzetter. Dat blijkt uit Amerikaans onderzoek. Het eerste type vindt het vooral leuk persoonlijke verhalen te delen met anderen en affectie te tonen, terwijl het andere type die brede glimlach tevens inzet om doelen te bereiken en het leiderschap in een groep naar zich toe te trekken.

Die verschillen zijn terug te zien in hun brein, zo blijkt uit hersenscans. Beide types hebben meer neuronen in de mediale orbitofrontale cortex, een belangrijk beloningsgebied in het brein – wat verklaart waarom alle extraverten zich sneller beloond voelen door sociale contacten. Maar de doelgerichte doorzetters hebben ook elders meer hersencellen, bijvoorbeeld in de gebieden die te maken hebben met plannen en initiatief nemen.

The neuroanatomical delineation of agentic and affiliative extraversion, Cognitive, Affective, & Behavioral Neuroscience, februari 2015