Ons nieuwe huis is heerlijk. Het is groter dan het vorige, heeft een echte tuin met fluitende vogels, is vers geschilderd en op loopafstand van het bos. Geen denken aan dat ik zou willen terugruilen met ons vorige – ook erg leuke – huisje. Toch vond ik het moeilijk te verhuizen. Het voelde vreemd alle boeken, meubels en prullaria na vele jaren van hun vertrouwde plaats te halen en te verstoppen in ontelbare anonieme dozen met een plakkertje erop. Om voor het laatst een praatje met de slager te maken, voor het laatst een rondje door het park te doen. Terwijl het oude huis steeds leger werd, voelde ik af en toe hevige aandrang om alles weer uit pakken en terug te zetten op zijn plaats.

Training

Leer loslaten

  • Leer accepteren i.p.v. vechten
  • Leer de controle los te laten
  • Leer te leven volgens je waarden
bekijk de training
Nu maar
€ 75,-

Nu de drempel van de verhuizing is genomen, ben ik er nog niet. Ik moet wennen aan die andere buurt met andere mensen en andere winkels met een ander assortiment in die andere stad. Even wat theedoeken kopen bij de Hema vergt ineens denkwerk. Opzoeken in het telefoonboek waar de Hema zit; het adres zien te vinden op de kaart; met de kaart in de hand op de fiets. Hema gevonden, maar ook ín de Hema staat alles anders: waar zijn in vredesnaam die theedoeken? Zo kosten alle dagelijkse handelingen extra tijd en energie.

Elke dag veranderingen

Veranderingen, we moeten er zeer geregeld aan geloven. Ook als we perfect tevreden zijn met ons leven en alles zoveel mogelijk hetzelfde houden, dan nog is de wereld om ons heen voortdurend in beweging. Wie jarenlang op dezelfde plek werkt, krijgt toch te maken met nieuwe collega’s, nieuwe computerprogramma’s, nieuwe werkmethoden, reorganisaties. Ook in het klein wordt ons leven dagelijks ontregeld door aanpassingen en wijzigingen: een vriend belt een afspraak af, uw fiets wordt gestolen, uw favoriete merk shampoo wordt uit het assortiment geschrapt.

Hoe we reageren, hangt af van het soort verandering. Of we het lang van tevoren zien aankomen bijvoorbeeld, zoals een verhuizing, of dat het juist heel plotseling op ons dak komt, zoals de diefstal van een fiets. Hoe langer we de tijd hebben om te wennen aan het idee en hoe beter we ons kunnen voorbereiden op de toekomst, des te flexibeler kunnen we ons opstellen. Ook maakt het uit of we vrijwillig voor de verandering hebben gekozen. Een nieuwe baan is leuker als je er zelf op hebt gesolliciteerd dan wanneer de baas je dwingt een andere functie te nemen.

Even doorbijten

Nu zijn mensen überhaupt niet bijster flexibel. Dat wordt mooi geïllustreerd door een grote stapel onderzoeken uit de arbeids- en organisatiehoek waaruit blijkt dat werknemers steevast gestrest raken van veranderingen op het werk, en dat dat ten koste gaat van hun prestaties en werkplezier. Ook als het positief bedoelde maatregelen zijn, zoals de invoering van een nieuw computersys­teem dat veel vervelend rekenwerk overbodig maakt – voor wie er eenmaal mee kan omgaan. De meeste bedrijfsveranderingen mislukken dan ook door verzet van de werknemers.

Tegelijkertijd maken diezelfde onderzoeken duidelijk dat het loont om je flexibel op te stellen. De weinige werknemers die niet in de stress schieten of protesteren maar zich soepel aanpassen, blijken betere prestaties te leveren dan vóór de verandering. Ze maken bovendien sneller carrière en gaan met meer plezier naar hun werk. Even doorbijten en kijken naar de toekomst heeft dus zo zijn voordelen.

In dit verband deed de Amerikaanse geoloog Eric Force onlangs een opvallende ontdekking: aan de rand van tektonische platen, waar eens in de zoveel tijd een aardbeving of vulkaanuitbarsting voorkomt, zijn veel meer hoge beschavingen ontstaan dan in rustige omgevingen. Het verband is zo sterk dat het niet meer aan toeval kan worden toegeschreven. Force vermoedt dat de bewoners van deze gebieden flexibeler en creatiever werden door de veranderlijke omgeving. Omdat ze zich moesten indekken tegen gevaar en ellende bleven ze in beweging. Ze ontwierpen gebouwen dusdanig dat ze tegen een stootje konden, of bedachten nieuwe manieren om voedsel lang te bewaren. Kennelijk houdt verandering ons wakker, en is flexibiliteit een sleutel tot succes.

Net een rouwproces

Eigenlijk wéten we ook wel dat we ons beter flexibel kunnen opstellen bij verandering. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Waarom is het soms zo moeilijk, zelfs als we er nota bene zelf voor kiezen, bijvoorbeeld bij een verhuizing? Verandering betekent in de eerste plaats altijd dat we iets verliezen.

Neem mijn verhuizing: mijn oude buurt kende ik op mijn duimpje, van de mensen in de straat tot aan de brievenbussen en winkels. Die vaste bakens ben ik kwijt. En bij het nieuwe huis heb ik nog allerlei vraagtekens en onzekerheden. Zou de fundering echt wel zo goed zijn? Is dat bankje geen hangplek voor jongeren? Ook als het om een ‘goede’ verandering gaat, waarbij we veel kunnen winnen, blijft het moeilijk de oude verworvenheden los te laten.

Daarnaast moeten we bestaande plannen en toekomstbeelden loslaten. Wie bijvoorbeeld in gedachten had vanavond lekker in joggingbroek op de bank naar een film te kijken, maar ineens het middelpunt van een surpriseparty blijkt te zijn, moet op zijn minst even omschakelen. Ook als het nieuwe plan duidelijk veel leuker is dan het oude, is het nog steeds lastig het oude beeld te laten gaan.

Soms komt verandering zelfs aan onze identiteit. We willen ons zelfbeeld het liefst zo consistent mogelijk houden, trouw blijven aan hoe we onszelf zien. Maar een verandering, zoals een nieuwe levensfase, kan lijnrecht tegen dat zelfbeeld ingaan. U was altijd het feestbeest, maar na de komst van de kinderen zit dat er niet meer in. Dat geeft verwarring: wat bent u nu dan?

‘Omgaan met veranderingen is een kwestie van loslaten,’ zegt veranderingscoach Rinze Terluin. ‘Mensen die zich het sterkst hebben gehecht aan de huidige situatie of aan een toekomstbeeld zijn het meeste in shock door verandering. De reacties op verandering zijn vaak te vergelijken met de fasen uit een rouwproces. We moeten het verlies van de oude situatie leren aanvaarden.’

Behalve het loslaten van de oude situatie is er nog iets anders belangrijks dat onze weerstand tegen verandering voedt: het kost tijd en energie. Bij een andere baan moet u bijvoorbeeld nieuwe vaardigheden aanleren, tijd stoppen in het leren kennen van nieuwe collega’s, opnieuw uitzoeken waar de nietmachine staat en hoe het koffieapparaat werkt. Om succesvol om te gaan met verandering moeten we dus én de oude situatie loslaten én bereid zijn om energie te stoppen in de nieuwe.

Openstaan

Nu hebben sommige mensen wat meer moeite met verandering dan andere: terwijl de een fluitend door een reorganisatie heen fietst, vindt de ander het al vervelend als de plantenbak is verplaatst. Een kwestie van persoonlijkheid? Of zouden we kunnen léren flexibel te zijn?

Flexibiliteit is in elk geval terug te vinden in de hersenen. Daardoor is het bovendien een leeftijdsgebonden eigenschap. De frontaalkwab, een hersengebied in het voorhoofd, regelt het zogenaamde ‘hoger uitvoerend functioneren’: plannen maken, ze uitvoeren én ze bijsturen als we nieuwe informatie krijgen. Maar naarmate we ouder worden, vermindert het aantal cellen in dit gebiedje. Daardoor kunnen we minder makkelijk omschakelen als de plannen ineens veranderen. Een bejaarde kun je dus beter niet verrassen met een onverwacht reisje.

Flexibiliteit is wel degelijk een kwestie van persoonlijkheid, denkt Boele de Raad, hoogleraar persoonlijkheidspsychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Bij de bekende persoonlijkheidsindeling van de Big Five zou je wel kunnen denken aan een eigenschap als “emotionele stabiliteit”: mensen die hoog scoren op deze eigenschap, kunnen veel aan en raken niet snel de kluts kwijt. Ook mensen die hoog scoren op de trek “intellectuele autonomie”, beter bekend als “openstaan”, gaan goed mee in verandering: ze staan open voor nieuwe ervaringen, zijn progressief. Consciëntieuze mensen zijn juist minder flexibel. Deze trek hangt namelijk samen met rigiditeit, verlangen naar structuur en orde: dat staat niet veel verandering toe.’

In de arbeids- en organisatiepsychologie is druk gezocht naar het geheim van flexibele werknemers. Het zou namelijk bijzonder handig zijn om werk­nemers bij de sollicitatie al te selecteren op deze eigenschap: dan weet je als werkgever welke mensen gemakkelijker zullen gedijen in een nieuwe functie. De Amerikaanse onderzoeker Timothy Judge ontdekte dat goede ‘aanpassers’ twee belangrijke eigenschappen hebben: een ‘positief zelfconcept’ en ‘risicotolerantie’. Mensen met een positief zelfconcept denken dat succes maakbaar is. Ze hebben een positief wereldbeeld en een goede dosis zelfvertrouwen. Mochten er moeilijkheden komen, dan vertrouwen ze erop dat ze er wel doorheen komen met hun vaardigheden en eigenschappen. Deze mensen zien dus weinig hobbels op de weg bij veranderingen. Ze weten dat het wel goed komt, ook al is nu nog niet duidelijk hoe.

Risicotolerantie is de eigenschap open te staan voor nieuwigheden en niet bang te zijn risico’s te nemen. Mensen met deze trek zijn nieuwsgierig en onderzoekend als ze belanden in onbekende situaties. Ze staan tolerant tegenover zaken die ‘anders’ of vaag zijn en ze vinden het niet vervelend als de toekomst nog onduidelijk is.

Meer zelfvertrouwen

Soepel inspelen op verandering zit dus deels in onze persoonlijkheid. Betekent dat dat we er dan verder weinig aan kunnen doen? Nee, zeggen de experts, niet noodzakelijk. Hoewel de eigenschap risicotolerantie wel grotendeels in onze persoonlijkheid vastligt, en dus moeilijk is te veranderen, valt een positief zelfconcept best te ontwikkelen. Bijvoorbeeld door aan je zelfvertrouwen te werken, of jezelf aan te leren positief te denken.

Ook spelen de omstandigheden een rol, en die kun je vaak wel naar je hand zetten. Uit onderzoek door de Amerikaanse onderzoekster Jane Parent blijkt bijvoorbeeld dat werknemers die de kans krijgen actief mee te denken over aanstaande veranderingen er beter mee kunnen omgaan. Door zelf deel te nemen aan het veranderingsproces hebben ze er meer controle over.

Uit ander onderzoek blijkt dat werknemers die extra informatie krijgen over een verandering minder gestrest zijn. Informatie maakt namelijk dat we een beter beeld krijgen van de toekomst en wat ons allemaal te wachten staat. Het helpt de nachtmerrie­scenario’s die automatisch opdoemen, de kop in te drukken.

Verder is het belangrijk niet te lang stil te staan bij het verlies van de oude situatie, maar te focussen op de nieuwe situatie en daar kansen in te zien. Zo begeleidde veranderingscoach Terluin ooit een aantal hoge managers die met pensioen gingen. Omdat ze jarenlang de baas waren geweest hadden ze hun identiteit zo sterk aan hun werk verbonden dat ze grote moeite hadden met hun pensioen. ‘Een klassiek moment,’ zegt Terluin, ‘waarbij ze zichzelf opnieuw moesten definiëren. Ze kwamen uit bij de vraag: wie ben ik eigenlijk? Eerder volstond het antwoord wát ze waren, maar dat antwoord gold niet meer. Een paar jaar na je pensioen kun je niet meer aankomen met “Ik ben de ex-directeur van…” De mensen die het beste uit dit proces kwamen, waren degenen die opnieuw het gevoel kregen een waarde­volle bijdrage te leveren voor anderen. In welke vorm dan ook, bijvoorbeeld door vrijwilligerswerk te doen of op te passen op de kleinkinderen. Zo lieten ze hun oude doelen los: door ze te vervangen door nieuwe doelen.’

Misschien wel de belangrijkste manier om beter met verandering te leren omgaan is door te oefenen. Want hoe langer we dezelfde routine hebben, hoe vaster we erin komen te zitten en hoe lastiger het wordt iets op een andere manier te doen. Ons aanpassen aan nieuwe situaties kunnen we tot een gewoonte maken, zoals de bewoners van gebieden met aardbevingen en vulkaanuitbarstingen dat deden. Hoe meer we oefenen met de chaos die verandering met zich meebrengt, hoe flexibeler we worden. Bovendien krijgen we er zo meer vertrouwen in dat we het kunnen. Want we kunnen vaak meer dan we denken – alleen weten we dat nooit als we het niet proberen.

Verandering is een mix van chaos, verlies en nieuwe kansen. De kunst is je te richten op de kansen. Meestal zijn roerige en veranderlijke tijden niet zo comfortabel als je er middenin zit, maar blijken het achteraf juist die periodes te zijn waarin je het meest bent gegroeid en waarvan je het meest hebt geleerd.

Eén zekerheid hebben we: alles kan zó weer veranderen. Dat heeft ook goede kanten. Of we nu verhuizen, een studierichting kiezen of een dramatische carrièrewending maken: mocht het tegenvallen, dan veranderen we het toch gewoon weer?

Vier oefeningen in flexibiliteit

1 Vergroot uw comfort zone

Creëer zelf verandering, nog voordat het nodig is. Neem bijvoorbeeld af en toe een uitdaging aan die net buiten uw comfort zone ligt, en waarvan u niet helemaal zeker bent hoe u het er zult afbrengen. Een cursus waarop u iets leert waarvan u totaal geen verstand hebt, zoals autosleutelen of digitaal vormgeven. Of bied u op het werk vrijwillig aan voor een nieuw project met een heel ander team.

2 Neem een aanloopje

Veranderingen zijn gemakkelijker te behappen als u er niet door wordt verrast. Denk daarom alvast eens na over wat u zou doen als uw baan zou wegvallen, waar u zou willen wonen als u zou moeten verhuizen, of wat u zou doen als u ineens extra tijd zou hebben.

Probeer veranderingen bovendien van tevoren te zien aankomen, bijvoorbeeld door bij te houden wat er in uw branche gaande is. Wat zeggen de beursberichten? Is er nieuwe technologie op komst? Misschien kunt u zo wel een van de voortrekkers zijn.

3 Oefen met (kleine) risico’s

Laat in de supermarkt uw vertrouwde merken en smaken links liggen en probeer nieuwe uit. Geef de kapper de vrije hand. Lever een verslag in dat totaal anders is dan wat uw leidinggevende of klant van u is gewend. U loopt het risico dat u iets vies proeft, een paar maanden met een kapsel rondloopt dat u niet zo mooi vindt, of dat het verslag over moet. Maar u kunt op deze manier ook zomaar op iets geweldigs stuiten (een passie voor Indiaas eten, een totaal nieuw uiterlijk, spannende opdrachten op uw werk).

4 Zoek een mentor

Verzamel zoveel mogelijk informatie over de verandering. Een goede manier is door ‘mentoren’ te zoeken: mensen die dezelfde verandering hebben meegemaakt. Verhuist u bijvoorbeeld naar een dorp aan de andere kant van het land, zoek dan iemand die hetzelfde heeft gedaan. Vraag bijvoorbeeld welke gevoelens hij er destijds bij had, tegen welke problemen hij opliep, welke dingen achteraf tegen- of juist meevielen.

psychologiemagazine.nl

Maken grote veranderingen u onzeker, of bloeit u juist op van de gedachte aan nieuwe ervaringen? Bespreek het op het forum. En: plusabonnees kunnen via psychologiemagazine.nl deze maand gratis advies inwinnen bij veranderingscoach Rinze Terluin. Nog geen plusabonnee? Kijk snel op pagina 80.[/wpgpremiumcontent]