Eén deelnemer gaat bijvoorbeeld op een tafel staan, met de rug naar de anderen, die klaarstaan om hem op te vangen wanneer hij zich zonder om te kijken als een plank achterover laat vallen. Of een deelnemer leidt een ander, die geblinddoekt is, door een veld met objecten die landmijnen voorstellen.

Dit soort spelletjes wordt gespeeld om de werkatmosfeer te verbeteren. Hier in Amerika is het heel populair onder het vaandel ‘trust building’. Zonder vertrouwen is samenwerking onmogelijk: je moet op elkaar kunnen bouwen, voor elkaar klaarstaan. Mensen die elkaar elke dag dwarszitten, moeten nu dus ineens in elkaars armen durven vallen. Ik vraag me weleens af of ze elkaar echt nooit ‘per ongeluk’ laten schieten.

Deze training valt echter in het niet bij de methodes die onlangs ontdekt zijn bij kapucijn­apen in Costa Rica. Wat die aapjes doen, is zo absurd dat je echt de video’s moet hebben gezien om de verhalen van primatologe Susan Perry te geloven. De volgende twee spelletjes worden hoog in de bomen uitgevoerd: handsnuiven en oogprikken.

Bij het eerste spelletje zitten twee aapjes tegenover elkaar op een tak en allebei steken ze een vinger diep in een neusgat van de ander, zodat de hele vinger erin verdwijnt. Zachtjes heen en weer wiegend blijven ze zo een paar minuten zitten met een gezichtsuitdrukking die beschreven wordt als ‘dromerig’.

Nog vreemder is het steken van de hele vinger tussen de oogbal en het ooglid – dus achter het oog – van een ander. Kapucijnaapjes hebben natuurlijk piepkleine vingertjes, maar in verhouding tot hun neuzen en ogen zijn ze net zo groot als de onze. Deze videobeelden zijn te pijnlijk om aan te zien! Nu moeten de aapjes echt stilzitten, anders kost het misschien een oog. Ook deze houding wordt minuten volgehouden, waarbij degene in wiens oog geprikt wordt soms een vinger in de neus van de ander steekt.

Het is onduidelijk wat het doel van deze spelletjes is. De theorieën lopen uiteen van het uitproberen van de band tussen twee individuen tot het verlichten van spanningen: de aapjes lijken in trance te raken. Het zijn duidelijk spelletjes die de vertrouwensrelatie beproeven, want vertrouwen is wel het allerminste wat je nodig hebt om een ander een vinger achter je oog te laten steken.

Vertrouwen geeft de zekerheid dat niemand een kwetsbare situatie zal uitbuiten om er zelf voordeel van te trekken. Dit soort relaties ontwikkelen dieren vrij gemakkelijk. In een dierentuin zag ik ooit hoe een aapje de bek van een nijlpaard schoonmaakte. Het nijlpaard vrat eerst al z’n kroppen sla en komkommers op, waarna het aapje rustig de restanten tussen de tanden uitpulkte en opat. Die schoonmaakbeurt beviel het nijlpaard kennelijk goed, want hij hield zijn enorme bek gewillig open zolang de aap aan het werk was.

Ik bied dit hier gratis aan als idee voor personeelstrainingen.[/wpgpremiumcontent]