Het is geen pretje om steeds over zelfmoord te praten, zeker niet als het je herinnert aan de zelfmoordpoging van je vader. Toch heeft Joost Zwagerman dat over zichzelf afgeroepen. Bij elk boek weer wordt hij vereenzelvigd met de wereld die hij neerzet of met het romanpersonage dat hij creëert. Zo typeerden recensenten hem ten tijde van Gimmick! als de cokesnuivende societyschrijver; toen Vals Licht verscheen was de meest gestelde vraag: ‘Hoe vaak ben je zelf naar de hoeren geweest?’; bij De buitenvrouw noemden ze hem de burgerman, en na zijn vorige roman, Chaos en Rumoer, bleek hij opeens een schrijver zonder onderwerp, net als Otto Vallei, de door schrijfkramp gekwelde hoofdpersoon. Nu zijn jongste roman, Zes Sterren, is verschenen, over de impact van zelfmoord op de achterblijvers, is de onvermijdelijke vraag: ‘Wat heeft Zwagerman met zelfmoord?’

5 dingen die iedereen zou moeten weten over zelfdoding

Veel zelfmoorden zijn waarschijnlijk best te voorkomen, zeggen deskundigen. Wie deze dingen weet kan...

Lees verder

‘Ik heb altijd gezegd dat ik nooit direct uit mijn eigen leven put, maar dat ik er een fictionele context aan verbind’, zegt Joost Zwagerman in de ruime voorkamer van zijn woning in Amsterdam-Zuid. Het is maandagochtend en de huiskamer is nog niet hersteld van het weekend. De vloer ligt bezaaid met speelgoed van zijn kinderen, de poes slaapt op

Log in om verder te lezen.