Vijfhonderd jaar zwakzinnigheid

Negentig procent van Nederlandse journalisten zei enkele jaren geleden tijdens een onderzoek dat zij het woord 'zwakzinnig' proberen te vermijden omdat het te beledigend zou zijn. In plaats daarvan gebruiken zij een politiek correcte aanduiding als 'mensen met een verstandelijke handicap'. Deze fijngevoeligheid is echter niet besteed aan de psychologe en historica Inge Mans van het Trimbos-instituut in Utrecht. Zij heeft zich als een van de eersten verdiept in de positie van zwakzinnigen in de laatste vijf eeuwen en gebruikt de gangbare termen uit de verschillende tijdperken zonder terughoudendheid: woorden als zot, idioot en imbeciel komt de lezer op elke pagina van haar boek Zin der zotheid tegen en ook de rare hoofden, schele ogen en eeuwige snotneuzen worden niet onder het tapijt geveegd.

De directheid van Mans heeft twee redenen. In de eerste plaats waren de mensen in de Middeleeuwen nu eenmaal niet allemaal even fijn besnaard. ‘De Tafelgesprekken’ van Maarten Luther (1483-1546) kunnen hier als voorbeeld dienen. Mans: ‘De Duitse kerkhervormer vertelt daarin over een twaalfjarige jongen die zijn hele leven niets anders had gedaan dan poepen, piesen, kwijlen en een hoeveelheid eten naar binnen werken waar vier boeren genoeg aan zouden hebben. Bovendien had hij twee ‘deugden’: als er bij hem thuis iets ergs gebeurde lachte hij en als het goed ging huilde hij. (…) Zulke duivelse wezens, vond Luther, was men beter kwijt dan rijk en daarom stelde hij voor om de jongen van Dessau te ‘verzuipen’ en er een ‘homocidium’, een moord ‘aan te wagen’.

De tweede reden voor de onverbloemde beschrijvingen van Mans is dat de moderne zachtzinnigheid ook enkele onprettige kantjes heeft. Onze tegenwoordige opvatting over zwakzinnigen als ‘min of meer gewone mensen met een benedengemiddelde intelligentie’ gaat gepaard met wegstoppen van zwakzinnigen in speciale tehuizen, scholen en werkplaatsen. De zwakzinnigen zijn ‘uitbesteed’ aan professionele hulpverleners en effectief gescheiden van de maatschappij. Vanaf de negentiende eeuw proberen specialisten ‘zelfs’ idioten tot gewone mensen te maken, maar hierdoor is

de kloof met de normale maatschappij alleen maar dieper geworden. Of zoals Mans het uitdrukt: ‘Hoe meer en deskundiger de zorg, des te meer segregatie’ en ‘Hoe gewoner de zwakzinnigen, des te problematischer hun ongewoonheid.’

De afzondering kan echter niet alleen op het conto van een teveel aan goede bedoelingen geschreven worden. Onze maatschappij is de laatste honderd jaar steeds complexer geworden en het aantal mensen met een tekortschietende intelligentie is navenant gestegen. Mans berekent dat in 1875 0,125 procent van de bevolking als zwakzinnig werd aangemerkt, terwijl dit in 1994 is gestegen tot 0,76 procent. Dat scheelt een factor zes. De complexiteit van het moderne leven werkt ‘debiliserend’.

Het lijkt dus een goede zaak de zwakzinnigen meer bij het gewone leven te betrekken en vreemd genoeg kunnen de Middeleeuwen hierbij als inspiratiebron dienen. De ‘geboren zotten’ uit die tijd werden niet afgezonderd vanwege hun gebrek, maar werden beschouwd als buitengewone, onvergelijkbare wezens, die bijvoorbeeld geliefd waren vanwege hun vermogen tot amuseren. Veel vorsten hadden dan ook een nar, als contrast voor de spanningen die het regeren opriep. Daarnaast speelden de zotten tal van andere rollen, bijvoorbeeld als waarzegger, dorpsgek of heilige. Bovendien bleek een aantal verstandsarme vorsten gewoon te regeren of als graaf te fungeren.

De Middeleeuwen mogen dan hard zijn geweest voor een deel van de zwakzinnigen, tegelijkertijd werd de zotheid minder geproblematiseerd. Tegen deze achtergrond kon de humanist Desiderius Erasmus (1469-1536) zijn Lof der zotheid schrijven. Dit boek is voor een deel ironisch, maar tegelijkertijd ook een ode aan de ‘godin van de zotheid’. Voor Erasmus is zotheid de ‘bron van het leven’ en hij schrijft dan ook: ‘in ’t onverstand alleen ligt ’s levens hoogste genot’. Een mens is alleen gelukkig als hij dwaas genoeg is om de naderende dood te vergeten. Zonder zotheid kunnen wij de grote problemen niet vergeten. Het is een houding die Mans later met een anekdote beschrijft. Een zwakzinnige beantwoordt de vraag over wat haar plannen zijn voor de toekomst als volgt: ‘De toekomst, wat is dat ook al weer?’

Zotheid wordt zo een vaandel waar men zich in ieder geval af en toe achter kan scharen. Mans zegt over de zin der zotheid het volgende: ‘Op momenten dat ik met zwakzinnigen samen ben, wordt de vraag naar de zin der zwakzin een onzinnige vraag en een vraag die niet eens in me opkomt. Toch ben ik juist dan, zonder het te weten, overtuigd van de zin der zwakzin. Die zin is dat er niet naar de zin van hun of mijn leven gevraagd wordt, maar dat het leven zin is: zin om in de zon te zitten, zin om met niemand wat te maken te hebben, zin om de meest onzinnige dingen te doen.’

Inge Mans Zin der zotheid: Vijf eeuwen cultuurgeschiedenis van zotten, onnozelen en zwakzinnigen Amsterdam: Bert Bakker, 1998 ISBN: 90 351 19778 0 Fl. 49,90

auteur

Ad Bergsma

» profiel van Ad Bergsma

Dit vind je misschien ook interessant

Kort

Sensitieve ouders, slim kind

Negentig procent van Nederlandse journalisten zei enkele jaren geleden tijdens een onderzoek dat zij...
Lees verder
Artikel

Vijfhonderd jaar zwakzinnigheid

Negentig procent van Nederlandse journalisten zei enkele jaren geleden tijdens een onderzoek dat zij...
Lees verder
Branded content

Beveiligd: Mini-cursus: gelukkig door klein geluk

Er is geen samenvatting, omdat dit een beveiligd bericht is.
Lees verder
Branded content

Beveiligd: Mini-cursus: gelukkig door klein geluk

Er is geen samenvatting, omdat dit een beveiligd bericht is.
Lees verder
Artikel

Leven met hoogsensitiviteit #nofilter

Flauwekul en aanstellerij. Of in het beste geval: een modeterm. Dat is wat vaak gezegd wordt over ho...
Lees verder
Artikel

Leven met hoogsensitiviteit #nofilter

Flauwekul en aanstellerij. Of in het beste geval: een modeterm. Dat is wat vaak gezegd wordt over ho...
Lees verder
Interview

‘Ik wil wat meer eelt op mijn ziel’ Het EQ van k...

Als schrijver zet ze de werkelijkheid naar haar hand en verplaatst ze zich in haar personages. Als d...
Lees verder
Kort

Borstvoeding: hoe langer, hoe slimmer

Negentig procent van Nederlandse journalisten zei enkele jaren geleden tijdens een onderzoek dat zij...
Lees verder
Interview

Het EQ van Peter R. de Vries: ‘Iedereen kan een misdaa...

Hij gaat door waar anderen afhaken, hij onderzoekt, klaagt aan, verdedigt. Misdaadverslaggever Peter...
Lees verder
Artikel

Ronald Plasterk: ‘Er zit wel iets manisch in mij’...

Als wetenschapper moet hij zijn team onderzoekers stimuleren en motiveren. Als columnist kan hij op ...
Lees verder
Recensie

Intelligent en ADHD

Negentig procent van Nederlandse journalisten zei enkele jaren geleden tijdens een onderzoek dat zij...
Lees verder
Artikel

Word slimmer!

Als je dit leest is je werkgeheugen hard aan het werk.
Lees verder