Een ij hoort erbei

Ze draaien letters om, zien ij aan voor ei, en ploeteren moeizaam door teksten. Mensen met ­dyslexie komen daar nooit helemaal van af. Maar verbetering is wel mogelijk; dankzij het ­inzicht dat dit leesprobleem ook een hoorprobleem is.

Lezen met dyslexie gaat een beetje zoals Arabisch leren. Stel, u kent het Arabische alfabet een beetje en ziet het woord ??? staan. Met uw wijsvinger loopt u van rechts naar links een voor een de letters langs, ze hardop uitsprekend: ‘sh k r a’. ‘Shukran!’ roept u trots uit, wanneer is doorgedrongen welk woord de letters gezamenlijk vormen: bedankt. Omdat het Arabische schrift afwijkt van ons Latijnse, moet u de gesproken klanken opnieuw leren koppelen aan de geschreven letters. In het begin gaat dat door elke letter apart te identificeren om van de letters samen een woord te kunnen maken. En net als bij mensen met dyslexie g a a t l e z e n h e e l l a n g z a a m.

‘Drop’ in plaats van ‘dorp’

Maar als u blijft oefenen leert u op den duur ­Arabisch te lezen en schrijven zonder erbij te hoeven nadenken. En dat is het verschil met dyslectici: bij hen wordt het nooit een automatisme, ook niet in hun moedertaal. Het is alsof ze niet voorbij het lerenlezenstadium komen.

Dat iemand dyslexie heeft, komt meestal aan het licht op school. Ongeveer een op de twintig kinderen tussen 4 en 12

jaar heeft dyslexie, dus in elke schoolklas zit er minstens één. Deze kinderen lezen langzamer dan de andere en maken meer fouten bij het hardop voorlezen. Ze verwisselen letters, zeggen ‘drop’ in plaats van ‘dorp’ of ‘dat’ in plaats van ‘bad’. Maar ze hebben ook op andere niveaus problemen met taal. Ze kunnen slecht versjes onthouden, hebben moeite met rijmen en kunnen niet goed zeggen of twee woorden met dezelfde klank ­beginnen. Vaste rijtjes en woordcombinaties, zoals de rekentafels en uitdrukkingen, leren ze ook moeizaam.

Hun spelling is nog weer een verhaal apart. ‘Dyslectici maken veel meer spelfouten dan gemiddeld en die zijn vaak ook verrassender dan de fouten die bijna iedereen weleens maakt,’ zegt hoogleraar orthopedagogiek Aryan van der Leij. Hij is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam en doet al sinds de jaren ­zeventig onderzoek naar leesproblemen. ‘Met grammaticale regels over d’s en t’s hebben veel mensen moeite, maar dyslectici maken ook woordbeeldfouten, zoals het verwisselen van de ij en de ei. Zulke vaste lettercombinaties, net als au, ou en ui, zijn het moeilijkst. Ook schrijven ze vaak dubbele o’s, a’s en e’s waar die niet horen. Dyslectici kunnen veel minder makkelijk dan “normale” lezers onthouden hoe ze iets moeten schrijven.’

Moeite met klankverschillen

Toch is dyslexie niet alleen een leesprobleem, maar ook een hoorprobleem. Dat bleek in de afgelopen vier decennia telkens weer uit onderzoek. Niet dat dyslectici doof zijn; de klankverwerking in hun brein is verstoord. Waar ‘normale’ mensen gesproken klanken als b en d, of k en t, goed van elkaar kunnen onderscheiden, horen dyslectici het verschil ertussen niet goed. Of iemand nou ‘bak’ of ‘dak’ tegen hen zegt, de eerste klank die hun oor binnenkomt past wat hen betreft net zo goed bij de b als bij de d – alsof de twee klanken elkaar mentaal gezien overlappen. En dat maakt lezen veel moeilijker, want om te kunnen lezen moet je elke letter koppelen aan één klank.

‘Het gaat mis bij de mentale koppeling van de klankvormen aan tekens,’ zegt Van der Leij. Bij dyslectici mixen hun ‘interne stem’ en de tekst die het oog binnenkomt niet lekker. Dat er niet alleen aan de klankkant problemen zijn, maar ook aan de visuele kant, is pas nog aangetoond door Italiaanse wetenschappers. Onderzoekers van de universiteit van Padua hielden kinderen die nog niet konden lezen een hele reeks symbolen voor waarin ze telkens hetzelfde symbool moesten doorstrepen, bijvoorbeeld ß in het rijtje † = ? V j f † ß ˜ V ? ß. Vervolgens werden twee jaar lang hun leesprestaties in de gaten gehouden. De kinderen die slecht scoorden in de test waren ook de kinderen die later leesproblemen hadden. Dus ook voordat er lezen in het spel is, gaat er al iets niet goed bij de verwerking van visuele informatie.

Al in de baarmoeder

Sterker nog, dyslexie begint al tijdens de zwangerschap. Ergens tussen de 16de en 24ste week gaat er iets mis in het embryobrein. In de hersenkern ontstaan hersencellen, die normaal gesproken naar de buitenkant van het brein migreren en uiteindelijk in nette structuren de hersenschors vormen. Maar een genetisch defect bij deze embryo’s voorkomt dat er een mooi patroon ontstaat, en daardoor wordt de buitenste hersenschors niet helemaal goed opgebouwd. Die wanordelijke plekjes op de cortex leiden ertoe dat de nog ongeboren baby zijn ­leven lang problemen houdt met lezen en spellen.

‘Het is ook echt te zíén in de hersenen,’ zegt Van der Leij. ‘Als je met een microscoop het brein bekijkt van een persoon die dyslexie had, dan zie je wanordelijke plekjes op de hersenschors. Die ectopieën zitten er bij een goede lezer niet. Bij dyslectici zitten ze overal, maar op twee plekken in de linkerhersenhelft hinderen ze hen: daar waar klanken worden verwerkt, rondom de groeve van Sylvius, en in het hersengebied dat de eerste koppeling maakt tussen woordbeeld en klankvorm, de zogeheten visual word form area. Ook uit hersenscanonderzoek blijkt dat die gebieden bij volleerde lezers heel actief zijn en bij dyslectici veel minder.’

Erfelijke kwestie

Omdat de oorzaak van dyslexie in een genetisch defect schuilt, is dit leesprobleem erfelijk. ‘Vrijwel ieder kind dat een dyslectische ouder heeft, krijgt een tik mee,’ zegt Van der Leij. ‘Maar niet iedereen heeft er evenveel last van. De kans dat er echt dyslexie wordt vastgesteld bij een kind, is als het uit een dyslectische familie komt ongeveer vier tot acht keer zo hoog als bij andere kinderen, afhankelijk van de mate waarin de ouder of ouders het hebben. Dyslexie heb je dus niet “wel of niet”; maar het is een glijdende schaal van meer dyslectisch naar minder tot niet.’

Het is de vraag of een dyslecticus ooit even soepel en vloeiend kan leren lezen als iemand die geen dyslexie heeft, maar er zijn zeker verbeteringen mogelijk. De problemen kunnen worden verlicht met behandelingen waarin intensief wordt geoefend met spraakklanken (‘Ik zie, ik zie wat jij niet ziet en het begint met een… m’), het koppelen van klanken aan letters, woorden analyseren, en vloeiend en begrijpend lezen. Hoe eerder de hulp begint, hoe groter het effect, maar vooralsnog komen mensen die dyslexie hebben er nooit helemaal van af.

Bronnen: Sandro Franceschini e.a., A causal link between visual spatial attention and reading acquisition, Current Biology, 2012 / Robin Peterson e.a., Developmental dyslexia, The Lancet, 2012 / Nina Kraus, Atypical brain oscillations: a biological basis for dyslexia? Trends in Cognitive Sciences, 2012 / Anna Bosman, Positieve ervaringen met het lettertype ‘Dyslexie’, Beter Begeleiden Digitaal, 2012 / Marco Zorzia e.a., Extra-large letter spacing improves reading in dyslexia, Proceedings of the National Academy of Sciences of the usa, 2012

auteur

Marieke Kolkman

» profiel van Marieke Kolkman

Dit vind je misschien ook interessant

Kort

Vroege signalen voor dyslexie

Dyslexie wordt bij de meeste kinderen pas opgemerkt op de basisschool, maar zijn er niet al eerder a...
Lees verder
Kort

Vroege signalen voor dyslexie

Dyslexie wordt bij de meeste kinderen pas opgemerkt op de basisschool, maar zijn er niet al eerder a...
Lees verder
Branded content

Beveiligd: Mini-cursus: gelukkig door klein geluk

Er is geen samenvatting, omdat dit een beveiligd bericht is.
Lees verder
Branded content

Beveiligd: Mini-cursus: gelukkig door klein geluk

Er is geen samenvatting, omdat dit een beveiligd bericht is.
Lees verder
Column

Hoofdredacteur Sterre van Leer: Gewoon bijzonder

Herken je dit: dat je soms volschiet om dingen die een ander niet eens ziet – van zielige honden t...
Lees verder
Column

Hoofdredacteur Sterre van Leer: Gewoon bijzonder

Herken je dit: dat je soms volschiet om dingen die een ander niet eens ziet – van zielige honden t...
Lees verder
Kort

Dyslectische verwarring

Kunnen we dyslexie sneller opsporen? Op die vraag promoveerde psycholoog Peter Tamboer van de Univer...
Lees verder
Advies

Hoogbegaafd en dyslectisch, wat nu?

Ze draaien letters om, zien ij aan voor ei, en ploeteren moeizaam door teksten. Mensen met ­dyslexi...
Lees verder
Artikel

Dyslexie in de familie

Ze draaien letters om, zien ij aan voor ei, en ploeteren moeizaam door teksten. Mensen met ­dyslexi...
Lees verder
Kort

Dansende letters

Ze draaien letters om, zien ij aan voor ei, en ploeteren moeizaam door teksten. Mensen met ­dyslexi...
Lees verder
Artikel

Plezier: je bent ervoor gemaakt

Genot is goed voor ons. Als de natuur niet had gewild dat we seks hebben of snoepen, had ze er wel v...
Lees verder
Artikel

Dyslectische kinderen zijn snel afgeleid

Ze draaien letters om, zien ij aan voor ei, en ploeteren moeizaam door teksten. Mensen met ­dyslexi...
Lees verder