De zomer komt eraan. Dat betekent zon en zee. Dat is natuurlijk heerlijk, maar tussen de schep, frisbee en zonnebrandcrème heeft zich de laatste jaren een zorg in de strandtas genesteld: De Buik. Mijn BMI mag dan niet eens zo gierend boven de 25 zijn, het rolletje is wel een rol geworden. Als ik diepe buikademhalingen doe, lijk ik wel zwanger. Als ik geen diepe buikademhalingen doe eigenlijk ook. Het lievelingsbloesje knelt en ik schaam me. Ja, er zijn twee prachtige meiden uit mijn buik geboren en nee, we kunnen niet blijven zoals we op ons twintigste waren. Maar als ik eerlijk ben, denk ik wel dat het anders kan. Dat het anders móét zelfs. Mijn bloeddruk is al jaren aan de hoge kant en als íéts ’m over die bovengrens laat schieten, behalve te veel zout, is het wel een teveel aan buikvet. Ik ben nu 40, en ik ben er klaar mee. Weg met die buik.

Afval-valkuil 1: lekker eten is overal

Het akelige woord zingt alweer rond: bikiniproof. Wie straks een beetje leuk op het strand wil versc...

Lees verder

Week 1: Meteen een tegenvaller

Afvallen is een kwestie van je leefstijl veranderen, begrijp ik uit alles wat ik erover lees, en dan kun je maar beter iets doen wat bij je past – dan houd je het tenminste vol. Ik houd van sporten, en meer en effectiever sporten moet ik prima in mijn dag kunnen passen. Bovendien hoef ik dan nog niet zo heel hard na te denken over wat ik eet, denk ik er stiekem achteraan. Dus wat ik al jaren van plan was, doe ik nu: ik maak een afspraak bij een personal trainer.
Maar nog voor de eerste afspraak loop ik tegen een tegenvaller op: een voedingshandleiding in mijn mail, van mijn personal trainer. Een dieet?! Mijn haren staan meteen recht overeind. We zouden toch met krachttraining vet gaan verbranden? Ik geloof totaal niet in diëten. Natuurlijk val je af als je een tijd lang minder of gezonder eet. Maar onderzoek laat zien dat van alle mensen die op die manier afvallen, 80 procent na een jaar weer is aangekomen. En ik wil een duurzame verandering. Uit pure baldadigheid neem ik ’s avonds een toetje. Diëten zijn stom, ik heb keihard gewerkt, ik heb iets lekkers verdiend.

Week 2: Toch maar stoppen met snacken

Trainer Tijn appt mijn schema: ‘Laat je niet tegenhouden door spierpijn, gewoon lekker knallen!’ Na de eerste dag in de sportschool kwam ik de trap bijna niet af. Toch loop ik om de dag niet alleen rood en bezweet, maar vooral lachend de deur uit: ik ben goed bezig. Lekkere dingen probeer ik te beperken tot sociale gelegenheden en het weekend. Maar tjee, wat zijn er veel sociale gelegenheden! En nu de zon eindelijk schijnt, is het zonde om niet even op het terras te gaan zitten, toch? Waar – hé! – de nootjes zomaar gezellig op tafel staan.
‘En hoe gaat het met eten?’ vraagt Tijn tussen de squats en sit-ups door. Ik geef schoorvoetend toe dat ik niet zo in diëten geloof. Hij drukt me op het hart dat veel sporten alleen echt niet genoeg is. En om het buik-aanvalsplan niet meteen te saboteren, besluit ik zijn voorschriften toch een tijdje te volgen. Veel groente, vetten en eiwitten en minder koolhydraten dus, al kan ik er geen wetenschappelijk bewijs voor vinden. Maar dat ik deze oorlog niet ga winnen met koekjes, croissantjes en chocoladevlokken, lijkt me zo klaar als een klontje.
’s Avonds op de bank merk ik meteen weer hoe moeilijk ik het vind om mezelf dingen te ontzeggen. Als alles is gedaan en iedereen in bed ligt, wil ik zo graag iets lekkers. Een oud paaseitje desnoods. Ik denk een hele tijd na over de chocola die nog ergens in de kast moet liggen, over wat ik zou kunnen bakken met wat we in huis hebben, en waarom ik dat natuurlijk niet ga doen. Doodmoe word ik ervan. En omdat ik zo toch niks aan de avond vind, ga ik maar naar bed.

Log in om verder te lezen.