De wereldberoemde kunstenaar Maurits Cornelis Escher (1898-1972) bleef als kind twee keer zitten op de hbs en sjeesde tot verdriet van zijn vader voor zijn studie bouwkunde in Delft.

3 kritische vragen over IQ

‘Ik heb een IQ van 120.’ Imposant, maar wat zegt het precies over je intelligentie? En wat als d...

Lees verder

De man die beroemd werd met zijn Tekenende handen, zijn eindeloze trappen en zijn vogels die bijna ongemerkt in vissen veranderen, kampte daardoor met het stempel ‘geen goede leerling’.

Jaren later ontdekten wiskundigen in zijn werk symmetrieën en thema’s die ze kenden uit hun eigen (moeilijke) vakgebied. Ze vonden Eschers werk zó goed dat het werd opgenomen in wetenschappelijke (leer)boeken.

Wat opvalt bij Escher is dat hij op een bepaald gebied briljant is, maar op een ander vlak eigenlijk heel gewoon. Bij sommige mensen lijkt er iets vergelijkbaars aan de hand.

Ze scoren op sommige onderdelen van een erkende intelligentietest aanzienlijk hoger of lager dan op andere onderdelen. Ze hebben, zoals dat heet, een disharmonisch intelligentieprofiel.

Rood en blauw

Zo’n disharmonisch profiel klinkt erger dan het is. Volgens Yaron Kaldenbach, gz-psycholoog en expert op het gebied van intelligentietests, levert het meestal geen noemenswaardige problemen op.

Sterker: die verschillen worden vrij vaak geconstateerd. Toch kan wat meer kennis over de sterke en zwakkere kanten van iemands intelligentieprofiel soms wel helpen om (jonge) mensen beter uit de verf te laten komen, zegt hij.

TEST
Doe de test »

Ben je succesvol intelligent?

Om dat uit te leggen is het goed om naar die verschillende onderdelen van een IQ-test te kijken. Een ervan gaat over verbale vaardigheden. Daarbij wordt bijvoorbeeld gekeken naar woordenschat, algemene kennis en het vermogen om verbaal abstract te redeneren.

Bijvoorbeeld: wat is de overeenkomst tussen rood en blauw? Antwoord: het zijn allebei kleuren). Andere onderdelen van de intelligentiemeting gaan onder meer over ruimtelijk inzicht, werkgeheugen en het vermogen om logisch te redeneren en om problemen op te lossen.

Stel dat je verbale vaardigheden veel beter zijn ontwikkeld dan bijvoorbeeld je ruimtelijk inzicht of je probleemoplossend vermogen, dan kan het zijn dat je vastloopt, op school of op het werk. Omdat je ‘slim’ praat en redeneert – sterke verbale vaardigheden – verwachten leraren of leidinggevenden dat je makkelijk meekomt.

Maar omdat je niet zo handig bent in het strategisch aanpakken van een probleem, of meer tijd nodig hebt om zo’n praktische oplossing te verzinnen, presteer je toch minder goed dan men verwacht. In de praktijk kun je dan overvraagd worden.

Handje helpen

Dat is waar ouders, leerkrachten of werkgevers een rol kunnen spelen, zegt Kaldenbach. ‘Als ze nou weten dat iemands planning en overzicht wat achterlopen bij het verbale IQ,’ zegt Kaldenbach, ‘dan kunnen ze gericht hulp bieden.

Ze kunnen deze mensen bijvoorbeeld helpen om wat meer structuur en overzicht aan te brengen in hun werk of ze wat extra tijd geven om problemen te analyseren en succesvol op te lossen.’

Daarnaast is het belangrijk te beseffen dat een IQ-waarde niet in beton is gegoten, stelt Kaldenbach. Iemands verbale vaardigheden hangen ook samen met hoeveel hij of zij leest, bijvoorbeeld.

En van het spel Memory is bekend dat het een gunstige uitwerking heeft op het geheugen. Met andere woorden: binnen bepaalde marges zijn sommige vaardigheden nog wel wat te versterken door te oefenen.

Daar komt bij dat meer kennis over iemands disharmonische profiel ook leidt tot meer begrip. ‘Als een kind bijvoorbeeld een minder sterk werkgeheugen heeft, dan heeft het waarschijnlijk wat meer moeite om de speluitleg van de gymleraar te snappen en toe te passen, of om dat nieuwe kaartspelletje te leren.’

Deze wetenschap maakt je als ouder of leerkracht wellicht wat geduldiger. Met alle positieve gevolgen van dien. Want zeg nou zelf: voor Escher – en ontelbare andere kinderen voor en na hem – was het vast veel fijner geweest als hij niet was weggezet als ‘slechte leerling’ of ‘lui’, maar als iemands wiens intelligentie zich op verschillende onderdelen net wat anders had ontwikkeld.